![]() |
| |
Akkerboterbloem - Ranunculus arvensis
Namen
Nederlands: Akkerboterbloem
Frysk: Kroanbûterblom
English: Corn Buttercup (Corn Crowfoot)
Français: Renoncule des champs
Deutsch: Ackerhahnenfuß
Wetenschappelijk: Ranunculus arvensis
Familie: Ranonkelfamilie, Ranunculaceae
Beschrijving
Afmeting: 20 tot 60 cm.
Levensduur: Eenjarig.
Bloeimaanden: Mei t/m juli.
Stengels: De lichtgroene, behaarde stengels worden naar de voet en soms ook naar de top kaal.
Bladeren: De onderste bladeren zijn niet gedeeld, de overige hebben 3 deelblaadjes, die voor het grootste deel weer in 2 of 3 smalle, alleen aan de top ingesneden slippen zijn verdeeld.
Bloemen: De licht groenachtig gele bloemen zijn 0,4 tot 1,2 cm groot. De kelkbladen lliggen los tegen de kroonbladen aan. De bloemstelen zijn niet gegroefd.
Vruchten: Elke bloem vormt meestal 3 tot 8 vruchtjes. Deze zijn 5 tot 8 mm lang, ruim 2 keer zo lang als die van andere boterbloemen. Ze hebben een slanke snavel en vrij grote, vaak kromme stekels.
Biotoop
Bodem: Zonnige, open plaatsen op vrij droge tot vochtige, matig voedselrijke, kalkrijke grond (leem, zandige klei, klei, mergel en löss).
Groeiplaatsen: Wintergraanakkers, zelden op ruderale plaatsen en omgewerkte grond.
Verspreiding
Wereld: In het Middellandse-Zeegebied, oostelijk tot in Noord-India en noordelijk tot in West- en Midden-Europa. Ingeburgerd in Noord-Amerika, Australië en Nieuw Zeeland.

Akkerboterbloem - Ranunculus arvensis
Nederland: Zeer zeldzaam in Zuid-Limburg en misschien nog in het rivierengebied. Vroeger ook in Zeeland en op enkele andere plaatsen.
Rode lijst: Zeer sterk afgenomen.
België: Zeldzaam in de zuidelijke Ardennen, elders zeer zeldzaam.
Rode lijst Vlaanderen. Met verdwijning bedreigd.
Rode lijst Wallonië. Ernstig bedreigd.
Akkerboterbloem - Ranunculus arvensis
Wetenswaardigheden
De soort groeit vrijwel alleen in wintergraanakkers. De vruchtjes zijn eerder rijp dan het graan. Ze verspreiden zich doordat ze met hun stekels aan dieren (en mensen) blijven kleven. Vroeger gebeurde dit voornamelijk door de rondtrekkende schaapskudden die de stoppelvelden afgraasden. De zaden blijven in de bodem lang kiemkrachtig.
© 2001-2010 Klaas Dijkstra