Boswalstro

Namen

Wetenschappelijk: Galium sylvaticum

Nederlands: Boswalstro

Frysk:

English: Scotchmist (Scotch Mist)

Français: Gaillet des forêts

Deutsch: Wald-Labkraut

Geslacht: Galium, Walstro

Familie: Sterbladigenfamilie, Rubiaceae

Naamgeving: De Nederlandse naam walstro komt van wiegstro (wal = wieg). Walstrosoorten werden vroeger gebruikt (als stro) in wiegen. Galium komt van het Griekse gala (melk). Vroeger werden deze planten gebruikt om melk te stremmen (kaasbereiding). Sylvaticum betekent in het bos groeiend.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten)

Levensduur: Overblijvend.Hemikryptofyt (winterknoppen op of iets onder de grond).

Bloeimaanden: Juni, juli en augustus.

Afmeting: 60-120 cm.


K.M. Dijkstra


K.M. Dijkstra


K.M. Dijkstra


Hermann Schachner


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0


Benjamin Zwittnig - CC BY 2.5 si


http://www.botanische-spaziergaenge.at/


http://www.botanische-spaziergaenge.at/

Wortels: Geen uitlopers.


http://www.botanickafotogalerie.cz/
@ Dana Michalcová

Stengels: De rechtopstaande, blauwachtige, ronde (met vier zwakke lijsten), vrijwel kale stengels zijn bossig vertakt. Ze zijn voorzien van vier zwakke ribben en verdikt op de knopen.


K.M. Dijkstra


K.M. Dijkstra


Krzysztof Ziarnek - GFDL


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0


http://www.uni-graz.at/walter.obermayer


http://www.uni-graz.at/walter.obermayer


http://www.biolib.cz/
Jirí Kamenícek

Bladeren: De bladeren groeien in bladkransen van zes tot tien bladen. Ze zijn dun, langwerpig tot eivormig, meestal boven het midden het breedst en plotseling kort toegespitst. Aan de onderkant zijn ze grijsachtig. Ze worden meestal niet zwart als ze uitdrogen.


K.M. Dijkstra


K.M. Dijkstra


K.M. Dijkstra


Radio Tonreg - CC BY 2.0


http://flora-oberfranken.de/


http://www.uni-graz.at/walter.obermayer


http://www.uni-graz.at/walter.obermayer


http://www.uni-graz.at/walter.obermayer

Bloemen: Tweeslachtig (een bloem met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen). Samen vormen de bloemen een ijle, wijde bloeiwijze. De witte bloemen zijn 2-3 mm. In de knop zijn ze vaak knikkend. De kroonslippen zijn in een kort puntje toegespitst.


Benjamin Zwittnig - CC BY 2.5 si


http://austria-forum.org/
© Markus Duschek


http://www.uni-graz.at/walter.obermayer


http://www.botanische-spaziergaenge.at/


http://www.biolib.cz/
Jirí Kamenícek


http://www.biolib.cz/
Jakub Kašpar

Vruchten: Een splitvrucht. De blauwgroene, kale vruchten zijn glad of iets rimpelig. Ze worden verspreid door de wind en door dieren. Tweezaadlobbig (kiemend met twee kiemblaadjes).


http://www.botanische-spaziergaenge.at/


seeds.eldoc.ub.rug.nl


seeds.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Licht tot matig beschaduwde plaatsen op vochtige, matig voedselarme, met name matig stikstofarme, zwak zure tot kalkrijke grond (leem en löss).

Groeiplaatsen: Bossen (lichte, kalkrijke loof- en naaldbossen en hellingbossen, met name aan de voet van hellingen, met op geringe diepte bewegend grondwater), bosranden, struwelen en hakhout.

Verspreiding

Wereld: Midden- en Zuid-Europa. Noordwestelijk tot in Nederland. Ingeburgerd in een klein deel van Noord-Amerika.

Boswalstro - Galium sylvaticum

Nederland: Vroeger in het oosten van het land en in het rivierengebied (voornamelijk rondom Nijmegen). Daar voor het laatst gevonden in 1978. Later is de soort nog twee keer aangetroffen in het Gooi.
Rode lijst 2012. Verdwenen uit Nederland. Trend sinds 1950: maximaal afgenomen. Oorspronkelijk inheems.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Niet in Vlaanderen.

Wallonië: Vrij algemeen in de Ardennen. Elders zeldzaam tot zeer zeldzaam.

Toepassingen

Vermeerderen: Zaaien.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten)


Flora Batava, deel 11, Jan Kops en P. M. E. Gevers Deijnoot (1853)


Flora Batava, deel 11, Jan Kops en P. M. E. Gevers Deijnoot (1853)


Pflanzenleben des Schwarzwaldes, Friedrich Oltmanns (1927)

© 2001-2016 K.M. Dijkstra