Wilde planten in Nederland en België

Aangebrande orchis - Neotinea ustulata

Frysk:

English: Burnt orchid

Français: Orchis brûlé

Deutsch: Brandknabenkraut

Synoniemen: Orchis ustulata, Orchis ustulatus

Familie: Orchidaceae (Orchideeënfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Neotinea is afkomstig van het Griekse neos (nieuw) en van Vincenzo Tineo, een Italiaanse botanicus uit de negentiende eeuw. Ustulata staat voor aangebrand of geschroeid. Aangebrande orchis duidt op de zwartpaarse kleur aan de bovenkant van de bloemen. Aestivalis betekent zomer.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Geofyt.

Hoofdbloei: Mei en juni, zelden later.

Afmeting: 20-30 cm, zelden hoger.


Orchi -
CC BY-SA 3.0


Orchi -
CC BY-SA 3.0


Joachim Lutz -
CC BY-SA 4.0


Joachim Lutz -
CC BY-SA 4.0

Wortels: Twee eivormige, ongedeelde knollen


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: Een vrij dunne, bijna rolronde, rechtopstaande stengel met aan de voet spitse scheden.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 3.0 at


© Hans Hillewaert -
CC BY-SA 3.0


Joachim Lutz -
CC BY-SA 4.0

Bladeren: De plant heeft vijf tot tien blauwachtig groene, ongevlekte, lancetvormige of langwerpige, spitse bladen, die ongeveer 3-10 cm lang en 0,5-2 cm breed worden. Ze zijn aan de voet schedevormig. De onderste bladen staan dichtbijeen. De bladeren op de bloemstengel worden naar boven toe steeds kleiner. De onderste bladeren vormen een rozet en de bovenste bladeren zitten als een schede om de stengel.


BerndH -
CC BY-SA 3.0


Orchi -
CC BY-SA 3.0


Joachim Lutz -
CC BY-SA 4.0


Isidre blanc -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De schutbladen zijn meestal eirond-lancetvormig, vaak lichtviolet- tot purper gekleurd met roodachtige of groenachtige nerven. De 3-6 cm lange, veelbloemige aar is eerst eivormig, maar wordt later wat langer. Voor de bloei is de bloeiwijze bovenaan zwartpurper. De welriekende, naar honing ruikende, bloemen worden tot 1 cm lang. De bloembladen vormen een halfbolvormige helm en zijn van buiten zwartpurper. De driedelige, 3½-6½ mm grote bloemlip is wit of lichtroze met rode puntjes. De lip is langer dan de helm en driespletig. De zijslippen zijn langwerpig en de meestal tweelobbige middenslip is naar de top verbreed. De kegelvormige, omlaag gerichte, stompe spoor is 1-2 mm lang, ongeveer vier keer zo kort als het vruchtbeginsel. Zeer zelden zie je een variëteit met zuiver witte bloemen.


Mancy Ate -
CC BY-SA 4.0


Isidre blanc -
CC BY-SA 4.0


Orchi -
CC BY-SA 3.0


Orchi -
CC BY-SA 3.0

Vruchten: Eenzaadlobbig. Een doosvrucht. De plant groeit erg traag en produceert pas na vele jaren voor het eerst zaad.


herbierdicietdailleurs.eklablog.com/orchidees-c18267042/15


©2006 Digital Plant Atlas -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Biotoop

Bodem: Zonnige, maar soms licht beschaduwde plaatsen op matig droge tot vochtige, stikstofarme, matig voedselarme, onbemeste, meestal kalkrijke, zelden kalkarmere grond (löss, leem en mergel). Ook op droge, open plekken.

Groeiplaatsen: Grasland (uiterwaarden, rivier- en beekbegeleidend hooiland en kort blijvend, onbemest kalkgrasland, begraasde heuvels en droge weiden), berghellingen (tot 2000 m hoog), bossen (lichtrijke loofbossen), bosranden en struweelranden. Vooral in heuvel- en berggebieden.

Verspreiding

Wereld: Gematigde streken in Europa en West-Azië. Noordelijk tot in Denemarken, Zuid-Zweden en de Baltische staten.


Nederland: Verdwenen. Vroeger zeer zeldzaam in Zuid-Limburg. Voor het laatst gevonden in 1952.

Vlaanderen: Verdwenen. Vroeger in de Voerstreek en langs de Maas (al voor 1900 verdwenen).
Wallonië:
Zeer zeldzaam in de Famenne. Nog slechts op een paar plaatsen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 23, Jan Kops, F.W. van Eeden en L.Vuyck (1911)


Orchios quintum genus, tvijfste Cullekenscruyt
Cruijdeboek, deel 2, Rembert Dodoens. Bloemen, welrieckende cruyden, saden, ende dyer ghelijcken (1554)


Naturalis Biodiversity Center, Leiden


Deutschlands flora, deel 3, J. Sturm, J.W. Sturm (1801-1802)


Die Orchidaceen Deutschlands,Deutsch-Oesterreichs und der Schweiz, M. Schulze (1894)


Flora regni borussici, deel 4, A.G. Dietrich (1837-1844)


Pflanzenleben des Schwarzwaldes, FriedrichOltmanns (1922)


Iconographia botanica seu plantae criticae, H.G.L. Reichenbach (1823-1832)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1901-1905)


Svensk botanik, J.W. Palmstruch e.a., deel 5 (1807)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 9, J.E. Sowerby (1869)


British entomology, deel 2, J. Curtis (1823-1840)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Flore illustré de Nice et des Alpes-maritimes. Iconographie des Orchidées, J.B. Barla (1868)


Moninckx atlas, deel 8, J. Moninckx (1682-1709)


Orchis militaris minor
Introductio generalis in rem herbariam, deel 5, A.Q. Rivinus (1690-1777)


Orchis minor flore incarnato - Cinosorchis flore purpureo
Hortus Eystettensis, deel 1, Bessler, Basilius (1620)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL