Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Aardzegge - Carex humilis

Andere namen

Frysk:

English: Dwarf Sedge

Français: Laîche humble

Deutsch: Erd-Segge

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Poales

Familie: Cyperaceae (Cypergrassenfamilie)

Geslacht: Carex (Zegge)

Soort: Carex humilis

Naamgeving (Etymologie): Zegge stamt uit het Indogermaanse woord seq (snijden). Carex is zeer waarschijnlijk afgeleid van het Latijnse ceiro (ik snij), een verwijzing naar de scherpe kanten van de bladeren. Humilis betekent laag, in de betekenis van kort van gestalte.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Maart, april en mei.

Afmeting: 3-15 cm. De liggende bladeren zijn langer (soms tot 40 cm).


BerndH - CC BY-SA 3.0


Galina Gouz - CC BY-SA 4.0


Hermann Schachner - CC0


BerndH - CC BY-SA 3.0

Wortels


franck.jullin - CC BY-SA 2.0 FR


herbariaunited.org


tomomi.masaki - CC-BY-NC-SA-3.0


franck.jullin - CC BY-SA 2.0 FR

Stengels: Polvormig en dichte horsten vormend. De rechtopstaande halmen worden tot 15 cm hoog en zijn zwak driekantig.


Hermann Schachner - CC0


Silvano Radivo - CC BY-NC-ND 4.0


© Malcolm Storey CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey CC-BY-NC-SA-2.0 uk

Bladeren: De meestal slap op de grond liggende bladeren worden tot 25 cm lang (soms tot 40 cm) en zijn 1-2 mm breed. Ze hebben paarsachtige bladscheden.


franck.jullin - CC BY-SA 2.0 FR


franck.jullin - CC BY-SA 2.0 FR


Javier Martin - Public Domain


Galina Gouz - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Eenslachtig. Eenhuizig. De twee- tot vierbloemige, vrouwelijke aartjes zijn bijna geheel in een schedevormig, vliezig schutblad verborgen. Het mannelijke aartje is eindstandig en wordt meer dan 1 cm lang. Daaronder (vaak meer dan 2 cm) zitten dan de twee of drie bruin-zilverachtige vrouwelijke aartjes.


BerndH - CC BY-SA 3.0


Tigerente - GFDL


© Malcolm Storey - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


Paolo Siega Vignut - CC BY-NC-ND 4.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De omgekeerd eironde, driekantige urntjes zijn ongeveer 3 mm lang en zwak generfd. Eenzaadlobbig.


tomomi.masaki - CC-BY-NC-SA-3.0


A.Poirel - CC BY-SA 2.0 FR

Biotoop

Bodem: Zonnige, warme plaatsen op droge, kalkrijke, vaak stenige grond.

Groeiplaatsen: Grasland (kalkgrasland) en stenige plaatsen.

Verspreiding

Wereld: Midden- en Zuid-Europa, westelijk tot in België (Wallonië) en Groot-Brittannië. Ook in Azië.


gbif.org

Nederland: Niet in Nederland.

Vlaanderen: Niet in Vlaanderen.

Wallonië: Zeldzaam in het Maasgebied en in de zuidelijke Ardennen.
Rode lijst. Bedreigd.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm (1796)


Deutschlands flora, deel 1, J. Sturm, J.W. Sturm (1796-1798)


Pflanzenleben des Schwarzwaldes, Friedrich Oltmanns (1922)


Carex clandestina (fig. 43).
Beschreibung und Abbildung der theils bekannten, theils noch nicht beschriebenen Arten von Riedgräsern, C. Schkuhr (1801)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra