Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Afghaanse duizendknoop - Persicaria wallichii

Frysk:

English: Himalayan Knotweed

FranÁais: Renouťe ŗ nombreux ťpis

Deutsch: Vielšhriger KnŲterich

Synoniemen: Polygonum wallichii, Polygonum polystachyum, Persicaria polystachya, Koenigia polystachya

Familie: Polygonaceae (Duizendknoopfamilie)

Naamgeving (Etymologie): De naam duizendknoop komt van de plaatselijke verdikkingen op de stengel (de knopen). Persicaria betekent perzikKruid. (de bladeren lijken op die van de Perzik). Wallichii is vernoemd naar de Deen N. Wallich, die leefde van eind 18de eeuw tot halverwege de 19de eeuw. Hij werkte in de botanische tuin van Calcutta en heeft een boek geschreven over de minder algemene Aziatische plantensoorten.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Augustus t/m oktober.

Afmeting: 100-150 cm.


Frank Vincentz -
CC BY-SA 3.0


Gilles San Martin -
CC BY-SA 3.0


Lamiot -
CC BY-SA 3.0


Lamiot -
CC BY-SA 3.0

Wortels: Ondergrondse uitlopers.


Auckland Museum -
CC BY 4.0

Stengels: Dichte groepen vormend.


Auckland Museum -
CC BY 4.0


Meneerke bloem -
CC BY-SA 3.0


Lamiot -
CC BY-SA 3.0


Lamiot -
CC BY-SA 3.0

Bladeren: De bladen zijn 4-10 cm breed, langwerpig tot lancetvormig en met een afgeknotte of iets hartvormige voet en een lang toegespitste top. De randen zijn gegolfd. Aan de onderzijde zijn ze vaak behaard.


Frank Vincentz -
CC BY-SA 3.0


Gilles San Martin -
CC BY-SA 3.0


Lamiot -
CC BY-SA 3.0


Meneerke bloem -
CC BY-SA 3.0

Bloemen: Tweeslachtig. Een eindstandige, grote, brede pluim van witte of soms iets roze bloemen met een regelmatig bloemdek. Alle bloemdekbladen zijn niet gevleugeld. De bloemsteeltjes zijn rood.


Frank Vincentz -
CC BY-SA 3.0


Frank Vincentz -
CC BY-SA 3.0


Frank Vincentz -
CC BY-SA 3.0


Guillaume Fried - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. Er worden echter in onze omgeving nooit rijpe zaden gevormd. Vermeerdering gebeurt hier uitsluitend langs vegetatieve weg. Tweezaadlobbig.


Steve Hurst - USDA-NRCS PLANTS Database


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op vrij droge tot meestal vochtige, voedselrijke grond.

Groeiplaatsen: Ruigten, ruderale plaatsen, bermen (rivier- en kanaalbermen), bij buitenplaatsen en waterkanten (langs rivieren).

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit Midden-AziŽ en de Himalaya. Ingeburgerd in West- en Midden-Europa en op een paar plaatsen in Noord-Amerika.

Nederland: Zeldzaam ingeburgerd. Het meest in Midden-Nederland. Ingeburgerd tussen 1900 en 1924.

Vlaanderen: Zeldzaam ingeburgerd.
WalloniŽ:
Zeer zeldzaam ingeburgerd.

Toepassingen

Vermeerderen: Scheuren. De plant woekert sterk.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Icones Plantarum Indiae Orientalis, deel 5, R. Wight (1852-1853)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL