Wilde planten in Nederland en België

 Nederlandse namen   Wetenschappelijke namen 

Akkerkers - Rorippa sylvestris

Frysk: Lânkers

English: Creeping Yellow-cress

Français: Cresson des forêts

Deutsch: Wilde Sumpfkresse

Synoniemen: Nasturtium sylvestre

Familie: Brassicaceae  (Kruisbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Rorippa is afkomstig van Rorippen (een Saksische volksnaam). Sylvestris betekent in het bos groeiend.

Kruising: Middelste waterkers is de kruising van Akkerkers en Gele waterkers (Rorippa x anceps).


Pieter Stolwijk
- CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Aren van Waarde
- CC BY-NC-ND 3.0


© Benno te Linde
- CC BY-NC-ND 3.0


© Benno te Linde
- CC BY-NC-ND 3.0

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Juni, juli. augustus en september.

Afmeting: 20-60 cm.


Bff -
CC BY-SA 3.0


Bff -
CC BY-SA 3.0


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


SB_Johnny -
CC BY-SA 3.0

Wortels: Een wortelstok met dunne, ondergrondse uitlopers. Worteldelen kunnen weer uitgroeien tot nieuwe planten.


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0

Stengels: De rechtopstaande, gevulde, gladde, kantige stengels zijn vertakt. Meestal zijn ze kaal, maar soms zwak en kort behaard. In de bloeiwijze is de stengels vaak enigszins zigzagvormig. De uitlopers wortelen op de knopen en zo worden grote plakkaten gevormd.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


AnRo0002 -
CC0


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb

Bladeren: De verspreidstaande, gesteelde, veerdelige, diep ingesneden bladen zijn niet geoord en niet stengelomvattend. Aan beide kanten met drie tot zeven getande of veerdelige slippen. Alle slippen, ook die aan de top, zijn tamelijk smal. De bladvoet heeft geen oortjes.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


kuleuven-kulak.be/bioweb

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemtrossen zijn zelden meer dan 10 cm lang. De as van de tros is enigszins zigzagsgewijs gebogen. De goudgele bloemen zijn 4-6 mm in doorsnee. De 2-3 mm lange kelkbladen zijn elliptisch tot langwerpig. De bloemen hebben vier kroonbladen, vier kelkbladen. zes meeldraden, één stijl en één stempel. Het vruchtbeginsel is bovenstandig.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


kuleuven-kulak.be/bioweb


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een doosvrucht. Afstaande (horizontaal of rechtopstaande), rechte of licht gekromde hauwen, die tien tot twintig maal zo lang als breed zijn (smal lijnvormig en 8-20 mm lang en 1-1,2 mm breed). De stijl wordt tot 1 mm lang. De hauw is twee tot drie maal zo lang als de steel. De hauwen bevatten maar zelden kiemkrachtig zaad. Tweezaadlobbig.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


kuleuven-kulak.be/bioweb


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, open tot grazige plaatsen (pionier) op natte tot vochtige, voedselrijke, meestal omgewerkte grond (zand, zavel, klei of stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Waterkanten (droogvallende rivieroevers en kribben), akkers, grasland (weiland in uiterwaarden), bouwterreinen, bermen (kanaalbermen), ruderale plaatsen, recreatieterreinen en braakliggende grond. Onder andere in de aardbeienteelt kan het een lastig onkruid zijn. Akkerkers is lastig te bestrijden, omdat een heel klein stukje wortel dat achterblijft in de grond weer uitgroeit tot een volwaardige plant.

Verspreiding

Wereld: Noord-Amerika en Europa. In Europa noordelijk tot in Scandinavië. Ingeburgerd op een paar plaatsen in Nieuw zeeland en Australië.

Akkerkers

Middelste waterkers

Nederland: Algemeen.

Akkerkers

Middelste waterkers

Vlaanderen: Plaatselijk algemeen. Het meest in de Maasvallei.

Akkerkers

Wallonië: Algemeen in Brabant. Elders vrij zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 13, Jan Kops, F. A. Hartsen en F.W. van Eeden (1868)


Deutschlands flora, deel 11, J. Sturm, J.W. Sturm (1821-1825)


Flora regni borussici, deel 9, A.G. Dietrich (1837-1844)


Unkrauttaflen - Weed plates - Planches des mauvaises herbes - Ugressplansjer, E. Korsmo (1934-1938)


Iconographia botanica seu plantae criticae, H.G.L. Reichenbach (1823-1832)


New Kreüterbuch, L. Fuchs (1543)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Svensk botanik, J.W. Palmstruch e.a. (1807-1838)


Flora Parisiensis, deel 2, P. Bulliard (1776-1781)


Sinapi silvestre minus bursae pastoris folio
Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)


© 2001-2020 K.M. Dijkstra