Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Amandelwilg - Salix triandra

Andere namen

Frysk: Mangelwylch

English: Almond Willow

Français: Saule à trois étamines

Deutsch: Mandelweide

Verouderde of andere namen: Salix amygdalina

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Malpighiales

Familie: Salicaceae (Wilgenfamilie)

Geslacht: Salix (Wilg)

Soort: Salix triandra

Naamgeving (Etymologie): Salix komt mogelijk van het Keltische sal (dicht bij water), hetgeen te maken heeft met de groei van veel wilgensoorten langs het water. Het kan echter ook afkomstig zijn van het Latijnse salire (snel groeien). Veel wilgensoorten groeien snel. Triandra betekent met drie meeldraden.

Kruisingen: Amandelwilg kan een kruising vormen met Katwilg (Salix x mollissima). Amandelwilg kan eveneens een bastaard vormen met Schietwilg (Salix x subdula).

Salix x mollissima


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Sipke Gonggrijp - CC BY-NC-ND 3.0


© Sipke Gonggrijp - CC BY-NC-ND 3.0


© Sipke Gonggrijp - CC BY-NC-ND 3.0

Salix x subdula


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl

Beschrijving(Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Struik of boom.

Plantvorm: Fanerofyt.

Bloeimaanden: April en mei.

Afmeting: 150-500 cm.


GerardM - CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


© Frank van Gessele - CC BY 3.0


© Frank van Gessele - CC BY 3.0

Stam: Vaak meerstammig. De stam heeft een gladde bast, die zich om de (ongeveer) drie jaar vernieuwd door in platen los te laten. Deze bastplaten krullen aan de rand naar binnen om en werken zich aldus los. De verse bast die dan tevoorschijn komt, is kaneelkleurig. Spoedig verschijnen hierop knoppen, waaruit nieuwe takken uitlopen.


Bernd Sauerwein - CC BY-SA 3.0


Frank van Gessele - CC BY 3.0


Gertjan van Noord - CC BY-ND 3.0


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl

Takken: De jonge, roodbruine tot geelgroene, kale en kantige twijgen zijn aan de voet taai en breken meestal niet gemakkelijk af. Oudere takken bladderen af, evenals de stam.


David Perez - CC BY 3.0


David Mercier - CC BY-SA 2.0 FR


Thierry Pernot - CC BY-SA 2.0 FR


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De glanzend groene, (vrijwel) kale, 5-10 cm lange en tot 2 cm brede bladen zijn meestal lancetvormig (smaller dan die van Laurierwilg), gezaagd en naar de top toegespitst. Ze hebben duidelijk ontwikkelde, niet gewimperde, niervormige, lang blijvende steunblaadjes en twee (zelden meer) bladsteelklieren.


BCB - CC BY 3.0


Thierry Pernot - CC BY-SA 2.0 FR


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Eenslachtig. Tweehuizig. De rolronde, 3-5 cm lange katjes zijn slank kegelvormig. Ze verschijnen gelijk met de bladen of iets eerder. De bloemen hebben geelgroene schutbladen. De mannelijke bloemen bevatten drie meeldraden en twee honingklieren. De vrouwelijke katjes zijn dun en de vrouwelijke bloemen bevatten maar één honingklier. Het vruchtbeginsel is kaal en ongeveer twee tot vier keer zo lang als hun steel.


© Kim Lotterman - CC BY-SA 3.0


Mannelijke katjes
Frank van Gessele - CC BY 3.0


Mannelijke katje
© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Vrouwelijk katje
© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl

Vruchten: Een doosvrucht (katjes). Tweezaadlobbig.


luirig.altervista.org - Daniele Carbini-Macerata


vanherbaryum.yyu.edu.tr


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op vochtige tot natte, voedselrijke veengrond.

Groeiplaatsen: Waterkanten (rivieroevers, langs kanalen, plassen en sloten) en struwelen (grienden en rivierbegeleidend struweel), maar ook als pionier op opgespoten grond en in havengebieden. De struik kan goed tegen overstromingen.

Verspreiding

Wereld: Gematigde streken in Europa, Azië en Noord-Afrika. Plaatselijk ingeburgerd in Noord-Amerika en Nieuw-Zeeland.


gbif.org

Nederland: Plaatselijk algemeen in het rivierengebied en in Flevoland. Elders vrij algemeen tot vrij zeldzaam.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Oorspronkelijk inheems.

Amandelwilg

Verspreidingsatlas.nl

Amandelwilg x Katwilg (Salix x mollissima)

Verspreidingsatlas.nl

Amandelwilg x Schietwilg (Salix x subdola)

Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Algemeen langs de Maas en vrij algemeen langs andere grotere rivieren en kanalen. Elders zeer zeldzaam.
Rode lijst. Thans niet bedreigd.

Wallonië : Vrij algemeen tot vrij zeldzaam in rivierdalen.

Toepassingen

Cultuur: De tenen van de Amandelwilg worden, net als die van de Katwilg, gebruikt voor hoepels en vlechtwerk. De cultivar Salix triandra 'Semperflorens' bloeit de hele zomer door.

Vermeerderen: Stekken: In het najaar de stekken in vochtige grond steken. In het voorjaar zijn ze dan beworteld en kunnen op de juiste plek worden geplant.

Wetenswaardigheden

De bast van de Amandelwilg worst vaak gegeten door herkauwers. Ook vegen reeën hun gewei vaak aan de Amandelwilg. Hoewel de veelvuldig vervellende stammen zich van lichte vraat wel kunnen herstellen, kan de Amandelwilg als gevolg van beweiding of een dichte wildstand van een groeiplaats verdwijnen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 7, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1836)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Salix triandra L. var. amygdalina
English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 8, J.E. Sowerby (1868)


Salix triandra L. var. genuina
English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 8, J.E. Sowerby (1868)


Salix triandra L. var. hoffmanniana
English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 8, J.E. Sowerby (1868)


Flora Londinensis, deel 6, William Curtis (1789-1798)


Vollständige Beschreibung und Abbildung der Sämmtlichen Holzarten, F.L. Krebs (1826)


Traité des arbres forestiers, J.H. Jaume Saint-Hilaire (1824)

Naamgeving (Etymologie): Salix komt mogelijk van het Keltische sal (dicht bij water), hetgeen te maken heeft met de groei van veel wilgensoorten langs het water. Het kan echter ook afkomstig zijn van het Latijnse salire (snel groeien). Veel wilgensoorten groeien snel. Triandra betekent met drie meeldraden.

Kruisingen: Amandelwilg kan een kruising vormen met Katwilg (Salix x mollissima). Amandelwilg kan eveneens een bastaard vormen met Schietwilg (Salix x subdula).

Salix x mollissima


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Sipke Gonggrijp - CC BY-NC-ND 3.0


© Sipke Gonggrijp - CC BY-NC-ND 3.0


© Sipke Gonggrijp - CC BY-NC-ND 3.0

 

       

 

Salix x subdula


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl

Beschrijving(Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Struik of boom.

Plantvorm: Fanerofyt.

Bloeimaanden: April en mei.

Afmeting: 150-500 cm.


GerardM - CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


© Frank van Gessele - CC BY 3.0


© Frank van Gessele - CC BY 3.0

Stam: Vaak meerstammig. De stam heeft een gladde bast, die zich om de (ongeveer) drie jaar vernieuwd door in platen los te laten. Deze bastplaten krullen aan de rand naar binnen om en werken zich aldus los. De verse bast die dan tevoorschijn komt, is kaneelkleurig. Spoedig verschijnen hierop knoppen, waaruit nieuwe takken uitlopen.


Bernd Sauerwein - CC BY-SA 3.0


Frank van Gessele - CC BY 3.0


Gertjan van Noord - CC BY-ND 3.0


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl

Takken: De jonge, roodbruine tot geelgroene, kale en kantige twijgen zijn aan de voet taai en breken meestal niet gemakkelijk af. Oudere takken bladderen af, evenals de stam.


David Perez - CC BY 3.0


David Mercier - CC BY-SA 2.0 FR


Thierry Pernot - CC BY-SA 2.0 FR


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De glanzend groene, (vrijwel) kale, 5-10 cm lange en tot 2 cm brede bladen zijn meestal lancetvormig (smaller dan die van Laurierwilg), gezaagd en naar de top toegespitst. Ze hebben duidelijk ontwikkelde, niet gewimperde, niervormige, lang blijvende steunblaadjes en twee (zelden meer) bladsteelklieren.


BCB - CC BY 3.0


Thierry Pernot - CC BY-SA 2.0 FR


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Eenslachtig. Tweehuizig. De rolronde, 3-5 cm lange katjes zijn slank kegelvormig. Ze verschijnen gelijk met de bladen of iets eerder. De bloemen hebben geelgroene schutbladen. De mannelijke bloemen bevatten drie meeldraden en twee honingklieren. De vrouwelijke katjes zijn dun en de vrouwelijke bloemen bevatten maar één honingklier. Het vruchtbeginsel is kaal en ongeveer twee tot vier keer zo lang als hun steel.


© Kim Lotterman - CC BY-SA 3.0


Mannelijke katjes
Frank van Gessele - CC BY 3.0


Mannelijke katje
© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Vrouwelijk katje
© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl

Vruchten: Een doosvrucht (katjes). Tweezaadlobbig.


luirig.altervista.org - Daniele Carbini-Macerata


vanherbaryum.yyu.edu.tr


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op vochtige tot natte, voedselrijke veengrond.

Groeiplaatsen: Waterkanten (rivieroevers, langs kanalen, plassen en sloten) en struwelen (grienden en rivierbegeleidend struweel), maar ook als pionier op opgespoten grond en in havengebieden. De struik kan goed tegen overstromingen.

Verspreiding

Wereld: Gematigde streken in Europa, Azië en Noord-Afrika. Plaatselijk ingeburgerd in Noord-Amerika en Nieuw-Zeeland.


gbif.org

Nederland: Plaatselijk algemeen in het rivierengebied en in Flevoland. Elders vrij algemeen tot vrij zeldzaam.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Oorspronkelijk inheems.

Amandelwilg

Verspreidingsatlas.nl

Amandelwilg x Katwilg (Salix x mollissima)

Verspreidingsatlas.nl

Amandelwilg x Schietwilg (Salix x subdola)

Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Algemeen langs de Maas en vrij algemeen langs andere grotere rivieren en kanalen. Elders zeer zeldzaam.
Rode lijst. Thans niet bedreigd.

Wallonië : Vrij algemeen tot vrij zeldzaam in rivierdalen.

Toepassingen

Cultuur: De tenen van de Amandelwilg worden, net als die van de Katwilg, gebruikt voor hoepels en vlechtwerk. De cultivar Salix triandra 'Semperflorens' bloeit de hele zomer door.

Vermeerderen: Stekken: In het najaar de stekken in vochtige grond steken. In het voorjaar zijn ze dan beworteld en kunnen op de juiste plek worden geplant.

Wetenswaardigheden

De bast van de Amandelwilg worst vaak gegeten door herkauwers. Ook vegen reeën hun gewei vaak aan de Amandelwilg. Hoewel de veelvuldig vervellende stammen zich van lichte vraat wel kunnen herstellen, kan de Amandelwilg als gevolg van beweiding of een dichte wildstand van een groeiplaats verdwijnen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 7, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1836)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Salix triandra L. var. amygdalina
English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 8, J.E. Sowerby (1868)


Salix triandra L. var. genuina
English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 8, J.E. Sowerby (1868)


Salix triandra L. var. hoffmanniana
English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 8, J.E. Sowerby (1868)


Flora Londinensis, deel 6, William Curtis (1789-1798)


Vollständige Beschreibung und Abbildung der Sämmtlichen Holzarten, F.L. Krebs (1826)


Traité des arbres forestiers, J.H. Jaume Saint-Hilaire (1824)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra