Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Basterdklaver - Trifolium hybridum

Andere namen

Frysk: Bastertklaver

English: Swedish Clover

Français: Trèfle hybride

Deutsch: Schweden Klee

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Fabales

Familie: Fabaceae (Vlinderbloemenfamilie)

Geslacht: Trifolium (Klaver)

Soort: Trifolium hybridum

Naamgeving (Etymologie): Klaver komt mogelijk van een Indogermaanse grondvorm glei (smeren), naar het kleverige vocht van de bloemen. Trifolium komt van het Latijnse tri (drie) en folium (blad). De bladen zijn drietallig. Hybridum betekent bastaard (ondanks de naam is Basterdklaver geen bastaard van andere klaversoorten).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Tweejarig of overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni. Juli, augustus en september.

Afmeting: 30-60 cm, maar soms tot 90 cm.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


BerndH - CC BY-SA 3.0


Matti Virtala - CC0

Wortels: Een penwortel en zijwortels met wortelknolletjes (deze zorgen voor de binding van stikstof uit de lucht).


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


boldsystems.org - CC BY-SA 3.0

Stengels: De rechtopstaande tot opstijgende, geribde  stengels zijn kaal en hol en wortelen niet op de knopen (een verschil met Witte klaver).


kuleuven-kulak.be


kuleuven-kulak.be


Rasbak - CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De verspreidstaande, merendeels lang gesteelde en kale, drietallige bladen hebben ovale, ovale tot vrij langwerpige, fijn gezaagde tot getande deelblaadjes zonder een V-vormige figuur (zoals Witte klaver die wel heeft). De lange, smal driehoekige, geleidelijk toegespitste steunblaadjes zijn alleen aan de basis met de bladsteel vergroeid (niet rondom de stengel vergroeid).


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


kuleuven-kulak.be


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bolvormige tot eironde hoofdjes staan op lange stelen in de bladoksels en aan de top van de stengels. De stelen zijn twee tot drie keer zo lang als de vijfnervige kelkbuis. De vijf kelktanden zijn langer dan de kelkbuis, maar onderling zijn ze ongeveer even lang. De kale kelk is na de bloei niet opgezwollen. De bloemkroon is eerst wit, wordt later roze, maar krijgt bij verwelking een vleeskleurige tot oranjebruine tint. Aangezien de bloemen van onderaf in bloei komen, zijn de bloeiwijzen in volle bloei twee- tot driekleurig. De 7-10 mm grote bloemen verspreiden een zoete geur. Tussen de zwaarden bevinden zich de tien meeldraden. Negen meeldraden zijn vergroeid, maar de tiende (de bovenste) niet. Een bloem heeft verder vijf kroonbladen, een bovenstandig vruchtbeginsel met één stijl en twee stempels.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Aiwok - CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een doosvrucht. Peulen met twee tot vier zaden. De zaden zijn kortlevend (1-5 jaar). Tweezaadlobbig.


Steve Hurst - USDA-NRCS PLANTS Database


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, iets open plaatsen op vochtige, voedselrijke en mineraalrijke grond (leem, lemig zand en klei).

Groeiplaatsen: Afgravingen (leemgroeven en kleigroeven), grasland (hooiland, weiland, uiterwaarden en grasvelden), bermen (verstoorde plekken), rivierdijken en andere dijken, braakliggende grond, ruderale plaatsen (stortplaatsen), langs spoorwegen (spoorwegterreinen), industrieterreinen, haventerreinen en in bossen (langs bospaden).

Verspreiding

Wereld: De oorspronkelijke herkomst is onbekend, maar vermoedelijk komt de plant uit Midden- en Zuid-Europa. Nu in gematigde streken in alle werelddelen.


gbif.org

Nederland: Algemeen, maar vrij algemeen op de hoge zandgronden en vrij zeldzaam in het duingebied.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Ingeburgerd in de 19de eeuw.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Algemeen, maar naar het westen toe wordt de soort zeldzamer.
Rode lijst. Criteria niet van toepassing.

Wallonië: Vrij algemeen, maar vrij zeldzaam in het Maasgebied en in de Ardennen.

Toepassingen

Veevoer: Basterdklaver wordt (werd) gebruikt als voedergewas voor rundvee. De plant heeft een matige smaak. Inzaai met 8-15 kg zaaizaad per ha gebeurt in maart, waarna het twee keer per jaar gemaaid kan worden. Per jaar kan er 7500 kg droge stof per ha geoogst worden. Gemaaid wordt wanneer de plant bloeit. Het beste kan de bastaardklaver vers gevoerd worden, omdat het hooi door de bittere smaak minder smakelijk is. In Nederland wordt Basterklaver echter weinig meer verbouwd, maar soms nog wel ingezaaid in bermen.

Vermeerderen: Zaaien.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 18, Jan Kops en F.W. van Eeden (1889)


Flora Batava, deel 22, Jan Kops, F.W. van Eeden en L.Vuyck (1906)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Deutschlands flora, deel 4, J. Sturm, J.W. Sturm (1803-1804)


Svensk botanik, J.W. Palmstruch e.a. (1807-1838)

Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)

Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

Flora regni borussici, deel 10, A.G. Dietrich (1842)

English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 3, J.E. Sowerby (1864)


Nova plantarum genera junxta Tournefortii methodum disposita, P.A. Micheli (1729)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra