Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Beklierde ogentroost - Euphrasia officinalis

Andere namen

Frysk:

English: Eyebright

Français: Euphraise officinale

Deutsch: Wiesen-Augentrost

Verouderde of andere namen: Euphrasia rostkoviana, Euphrasia montana, Krijtogentroost

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Lamiales

Familie: Orobanchaceae (Bremraapfamilie)

Geslacht: Euphrasia (Ogentroost)

Soort: Euphrasia officinalis

Naamgeving (Etymologie): Ogentroost dankt zijn naam aan de vermeende geneeskracht (troost) bij oogziektes. De gekleurde aders in de bloem leken op de aders in het menselijke oog en vroeger dacht men dat de plant daardoor oogkwalen zou kunnen genezen. De geslachtsnaam Euphrasia stamt uit het Grieks en betekent opgewekt. Officinalis betekent geneeskrachtig of uit de apotheken.

Ondersoort: Euphrasia officinalis subsp. monticola (Euphraise glanduleuse - Berg-Augentrost). Deze ondersoort was zeer zeldzaam in het oosten van Wallonië, maar is daar al voor 1980 verdwenen.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Halfparasiet.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni, juli, augustus en september.

Afmeting: 10-25 cm.


Bernd Haynold - CC BY-SA 3.0


Jean-Jacques Houdré - CC BY-SA 2.0 FR


Michel Tasson - GPL


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Wortels


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: De zachtharige stengels zijn begroeid met vele lange klierharen, vaak aan de voet vertakt en rood aangelopen.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Enrico Blasutto - CC BY-SA 3.0


Hugues Tinguy - CC BY-SA 2.0 FR


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De licht- tot donkergroene, eironde tot langwerpige blaadjes zijn getand. De onderste schutbladen zijn driehoekig tot eirond.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Filippo Bozzalla B. - CC BY-NC-ND 4.0


Enrico Blasutto - CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De kroonbuis verlengt zich sterk tijdens de bloei, zodat de kroon tenslotte 1,5 cm lang wordt (eerst 0,8 cm). De bloemen zijn wit met een gele keel. De bovenlip is vaak lichtpaars.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Enrico Blasutto - CC BY-SA 3.0


Benjamin Zwittnig - CC BY 2.5 si


Björn S... - CC BY-SA 2.0

Vruchten: Een doosvrucht. De vrucht is niet langer dan de kelk. Tweezaadlobbig.


Pierfranco Arrigoni - CC BY-NC-ND 4.0


Claudio Severini - CC BY-NC-ND 4.0


James Lindsey - CC BY-SA 3.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, iets open plaatsen op matig droge tot matig vochtige, matig voedselarme tot matig voedselrijke, kalkrijke, zelden kalkarme grond (mergel en stenige plaatsen). Beklierde ogentroost is een halfparasiet, die woekert op grassen en cypergrassen.

Groeiplaatsen: Grasland (kalkgrasland). De wortels van de plant onttrekken water en zouten aan de wortels van andere planten, maar is zelf ook in staat tot fotosynthese.

Verspreiding

Wereld: West-Azië, Oost- en Midden-Europa, westelijk tot in Nederland en Groot-Brittannië.


gbif.org

Nederland: Zeer zeldzaam in Zuid-Limburg.
Rode lijst 2012. Ernstig bedreigd. Trend sinds 1950: zeer sterk afgenomen. Zeer zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeldzaam, maar zeer zeldzaam in het kustgebied.

Wallonië: Vrij zeldzaam.

Toepassingen

Medicinaal: Beklierde ogentroost wordt bij oogontstekingen (volgens de tekenleer leek de bloem met zijn paarse en gele stippen en streepjes erg op een ziek oog), maar ook bij hoofdpijn en maagpijn gebruikt. Een aftreksel werd gebruikt bij hoest en keelpijn, maar dit drankje smaakte nogal bitter en deed het slijmvlies samentrekken. Ook werd het soms toegepast bij vergeetachtigheid.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 2, Jan Kops (1807)


Flora Batava, deel 28, Jan Kops, F.W. van Eeden, L.Vuyck, W. J. Lütjeharms en A. de Wever (1934)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen, deel 1, Dirk Leonard Oskamp (1796)

 
Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Deutschlands flora, deel 1, J. Sturm, J.W. Sturm (1796-1798)


Svensk botanik, J.W. Palmstruch e.a. (1807-1838)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)


Herbier de la France, deel 6, P. Bulliard (1776-1783)


Flora regni borussici, deel 2, A.G. Dietrich (1834)

Flora Londinensis, deel 5, William Curtis (1784-1788)

English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 6, J.E. Sowerby (1866)

British entomology, deel 4, J. Curtis (1823-1840)


Medical Botany, deel 3, W. Woodville, W.J. Hooker, G. Spratt (1832)


Flore médicale, deel 3, F.P. Chaumeton (1830)


Atlas des plantes de France, deel 3, Amédée Masclef (1893)


Flora Parisiensis, deel 7, P. Bulliard (1776-1781)


Flora homoeopathica, deel 1, E. Hamilton (1852)


Herbarium Blackwellianum, deel 5, E. Blackwell (1765)


Botanischer Bilderatlas nach dem natürlichem Pflanzensystem, K. Hoffmann, E. Dennert (1911)


Euphrasia minus ramosa flore ex caeruleo purpurascente
Hortus Eystettensis, deel 2, Bessler, Basilius (1620)


New Kreüterbuch, L. Fuchs (1543)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra