Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Bergboerenkers - Thlaspi montanum

Andere namen

Frysk:

English: Mountain Pennycress

FranÁais: Tabouret des montagnes

Deutsch: Berg-Hellerkraut

Verouderde of andere namen: Noccaea montana

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Brassicales

Familie: Brassicaceae (Kruisbloemenfamilie)

Geslacht: Thlaspi (Boerenkers)

Soort: Thlaspi montanum

Naamgeving (Etymologie): Thlaspi stamt waarschijnlijk af van het Griekse thlaein (samendrukken of afplatten). Het slaat op de vorm van het hauwtje. Montanum betekent van de bergen.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: April, mei en juni.

Afmeting: 10-25 cm.


Atriplexmedia - CC BY-SA 3.0


Walter Siegmund - CC BY-SA 3.0


Matt Lavin - CC BY-SA 2.0


Heinz StŲffler - CC BY-SA 2.0 FR

Wortels


hasbrouck.asu.edu - Public Domain


swbiodiversity.org - CC BY 3.0


hasbrouck.asu.edu - CC BY-NC 3.0


hasbrouck.asu.edu - CC BY-NC 3.0

Stengels: Rechtopstaande, ronde, niet vertakte, kale stengels. Zodevormend, met vrij lange uitlopers aan de stengelvoet. De soort groeit meestal in groepen.


Heinz StŲffler - CC BY-SA 2.0 FR


Walter Siegmund - CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De langgesteelde, 2-5 cm lange rozetbladen zijn eirond tot vrijwel cirkelvormig, versmald in de steel en met een gave of fijn gezaagde rand. De drie tot acht stengelbladen zijn 0,5-2 cm lang, hartvormig en meestal fijn gezaagd.


Matt Lavin - CC BY-SA 2.0


Matt Lavin - CC BY-SA 2.0


Matt Lavin - CC BY-SA 2.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De witte, spatelvormige kroonbladen zijn 5-8 mm. De helmknoppen zijn lichtgeel. De elliptische kelkbladen zijn ongeveer 2-3 mm. Ze zijn groen met een witte rand.


Matt Lavin - CC BY-SA 2.0


Matt Lavin - CC BY-SA 2.0


Matt Lavin - CC BY-SA 2.0


Matt Lavin - CC BY-SA 2.0

Vruchten: De hartvormige hauwtjes zijn 5-9 mm lang en 4-7 mm breed, met aan de top een 1-1Ĺ mm brede vleugel. De stijl is 1-2 mm lang. Elk hauwtje bevat ťťn tot vijf zaden. Tweezaadlobbig.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Matt Lavin - CC BY-SA 2.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op matig droge, kalkrijke, stenige grond.

Groeiplaatsen: Kalkrotsen, grazige hellingen, kalkgrasland, richels en puinhellingen.

Verspreiding

Wereld: Gebergten in Midden-, Oost- en Zuid-Europa. Noordelijk tot in BelgiŽ. Ingeburgerd in westelijk Noord-Amerika.


gbif.org

Nederland: Niet in Nederland.

Vlaanderen: Niet in Vlaanderen.

WalloniŽ: Zeldzaam in het Maasgebied.
Beschermd.
Rode lijst. Met uitsterven bedreigd.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Deutschlands flora, deel 15, J. Sturm, J. en J.W. Sturm (1833-1834)


Pflanzenleben des Schwarzwaldes, Friedrich Oltmanns (1927)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra