Wilde planten in Nederland en België

Bergseselie - Seseli montanum

Frysk:

English:

Français: Séseli des montagnes

Deutsch: Bergsesel

Synoniemen: Hippomarathrum montanum subsp. tommasinii, Hippomarathrum montanum subsp. montanum

Familie: Apiaceae (Schermbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Seselie is een oude Griekse naam voor een erop gelijkende plant. Montanum betekent van de bergen.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Juli, augustus en september.

Afmeting: 15-60 cm.


Averater -
CC BY 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


franck.jullin - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR

Wortels


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante - CC BY-SA 4.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


europeana.eu - CC BY-SA 3.0


europeana.eu - CC BY-SA 3.0

Stengels: De ronde stengels zijn kaal en glad.


franck.jullin - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Françoise Carle - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Bladeren: Twee- tot drievoudig geveerd met lijnvormige of lijn-lancetvormige slippen en meestal bedekt met een wittig waslaagje.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen groeien in schermen met vijf tot twaalf kort behaarde stralen, meestal zonder omwindselbladen (zelden tot drie). De kroonbladen zijn wit en niet behaard.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Hugues Tinguy - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een splitvrucht. De langwerpige tot elliptische, kort fijn behaarde tot bijna kale vruchten zijn 2½ -4½ mm lang, met scherpe, sterk uitspringende ribben. De deelvruchten zijn vijfhoekig. Tweezaadlobbig.


franck.jullin - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


franck.jullin - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Dominique Remaud - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plekken (pionier) op matig droge tot vochtige, matig voedselarme tot matig voedselrijke grond (grindhoudende kleiafzettingen).

Groeiplaatsen: Grasland (weiland en uiterwaarden) en rotsachtige plaatsen.

Verspreiding

Wereld: Midden-, Zuid-en Zuidwest-Europa. Noordelijk tot in het Frans-Belgische grensgebied met Maastricht als noordelijke voorpost. Uitgestorven in Duitsland.

Nederland: In 1959 gevonden aan de Maas bij Maastricht.

Vlaanderen: Niet in Vlaanderen.
Wallonië:
Zeer zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


La flore et la pomone francaises, deel 6, J.H. Jaume Saint-Hilaire (1833-1833)


Flora Parisiensis, deel 7, P. Bulliard (1776-1781)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL