Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Bitterkruidbremraap - Orobanche picridis

Andere namen

Frysk:

English: Oxtongue Broomrape

Français: Orobanche du picris

Deutsch: Bitterkraut-Sommerwurz

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Lamiales

Familie: Orobanchaceae (Bremraapfamilie)

Geslacht: Orobanche (Bremraap)

Soort: Orobanche picridis

Naamgeving (Etymologie): Orobanche komt van het Griekse orobus (een peulvrucht) en anchoo (wurgen). Het wurgen slaat op het onttrekken van voedingsappen uit de voedsterplant. Picridis komt van Picris (Bitterkruid).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Parasiet.

Winterknoppen: Geofyt.

Bloeimaanden: Juni en juli.

Afmeting: 15-70 cm.


Bernd Haynold - CC BY-SA 3.0


verspreidingsatlas.nl - © Peter Meininger


verspreidingsatlas.nl - © Peter Meininger


verspreidingsatlas.nl - © Adrie van Heerden

Wortels


luirig.altervista.org - Vito Bueno


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: Een slanke, lichtgele stengel, die soms rood is aangelopen.


Bertrant Bui - CC BY-SA 2.0 FR


verspreidingsatlas.nl - © Hans Toetenel


Bertrant Bui - CC BY-SA 2.0 FR


Marie Portas - CC BY-SA 2.0 FR

Bladeren: Schubvormige blaadjes.


luirig.altervista.org - Vito Bueno


Jean-Luc Gorremans - CC BY-SA 2.0 FR


verspreidingsatlas - © Peter Meininger


Giorgio Faggi - CC BY-NC-ND 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen zijn lichtgeel met paarse aderen en worden 1,4-2,2 cm. De kelk bestaat uit twee, meestal vrije helften, die elk in één smalle spits of in twee smalle tanden uitlopen, in het laatste geval lopen beide tanden vrijwel evenwijdig. De buisvormige bloemkroon heeft naar de top een bleekpaarse tint. De bloemkroon is meestal alleen aan de voet iets gebogen, de ruglijn is in het midden van de buis vrijwel recht, maar soms is de kroon van de voet tot de top regelmatig gekromd. Gewoonlijk is de kroon veel minder behaard dan die van Klavervreter, maar de voet van de helmdraden is veelal dicht behaard. De bovenlip is meestal niet gedeeld, maar soms ondiep uitgerand. De lobben staan af. De tanden van de kelkhelften zijn ongeveer even lang als de rest van de kelkhelft. Als er twee zijn, dan staan deze ongeveer evenwijdig aan eIkaar. De helmdraden zijn aan de voet dicht behaard. Ze staan op 2-5 mm boven de voet op de kroonbuis ingeplant. De stempel is roze tot rood.


Bernd Haynold - CC BY-SA 3.0


Marie Portas - CC BY-SA 2.0 FR


Marie Portas - CC BY-SA 2.0 FR


Dominique Remaud - CC BY-SA 2.0 FR

Vruchten: Een doosvrucht. Tweezaadlobbig.


Giacomo Bellone - CC BY-NC-ND 4.0


Dominique Remaud - CC BY-SA 2.0 FR


Marie Portas - CC BY-SA 2.0 FR


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op droge, voedselarme, kalkrijke grond. Zowel op vergraven als op minder verstoorde plaatsen (duinzand en rotsachtige plaatsen). Bitterkruidbremraap parasiteert vrijwel alleen op Picris hieracioides (Echt bitterkruid), zeer zelden op Gewoon biggenkruid. De wortels van de plant maken contact met de waardplant om zo te worden voorzien van van voedingsstoffen.

Groeiplaatsen: Zeeduinen (grazige, bloemrijke noordhellingen, langs nieuwe paden, soms in droge duinvalleien, rondom pas ingegraven paaltjes), grasland (kalkgrasland), op zanddijkjes, langs spoorwegen (spoorwegterreinen in de duinstreek) en rotsachtige plaatsen.

Verspreiding

Wereld: In het Middellandse-Zeegebied en in Midden- en West-Europa. Noordwestelijk tot in Nederland en Zuidwest-Engeland.


gbif.org

Nederland: Zeldzaam in de Hollandse duinen tussen Bergen en Katwijk.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Niet in Vlaanderen.

Wallonië: Vroeger zeer zeldzaam in het Maasgebied en in de zuidelijke Ardennen.
Rode lijst. Verdwenen uit Wallonië. Beschermd.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 13, Jan Kops, F. A. Hartsen en F.W. van Eeden (1868)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 6, J.E. Sowerby (1866)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra