Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Blauwe monnikskap - Aconitum napellus

Andere namen

Frysk: Blaumûtske

English: Monk's-hood

Français: Aconit napel

Deutsch: Blauer Eisenhut

Verouderde of andere namen: Aconitum anglicum

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Ranunculales

Familie: Ranunculaceae (Ranonkelfamilie)

Geslacht: Aconitum (Monnikskap)

Soort: Aconitum napellus

Naamgeving (Etymologie): De Nederlandse naam verwijst naar de kapvormige bloem. Aconitum is misschien afgeleid van aconé (steile rotsen) en dit zou er op wijzen, dat het geslacht daarop groeide. Waarschijnlijk is de afleiding van konè (doding), beter, daar dit slaat op de giftige eigenschappen van de plant. Napellus is het verkleinwoord van napus (raap), dit slaat op de raapvormige wortelstok.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Juni, juli, augustus en september.

Afmeting: 50-150 cm.


Llez - CC BY-SA 3.0


Francesco Bellamoli - CC BY-SA 4.0


Tobe Deprez - CC BY-SA 3.0


Guérin Nicolas - CC BY-SA 3.0

Wortels: Een raapvormige wortelstok.


herbariaunited.org


herbariaunited.org


collections.nmnh.si.edu - CC0-1.0


files.plutof.ut.ee - CC BY-NC 4.0

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn niet behaard.


Jmp48 - CC BY-SA 3.0


H. Zell - CC BY-SA 3.0


Philipp Weigell - CC BY 3.0


Wildfeuer - CC BY 2.5

Bladeren: De bladeren zijn diep handvormig (bijna tot aan de voet ingesneden) en vijf- tot zevendelig. De delen bestaan uit smal lijnvormige, ongeveer 0,5 cm brede slippen.


PePeEfe - CC BY-SA 3.0


Frank Vincentz - CC BY-SA 3.0


Philipp Weigell - CC BY 3.0


Danny S. - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De blauwe of paarse bloemen vormen samen dichte, niet of weinig vertakte trossen. Het bovenste bloemblad (de helm) is kapvormig gewelfd, afgerond, ongeveer even hoog als breed en 1-1,8 cm groot. De meeldraden zijn meestal behaard.


Llez - CC BY-SA 3.0


H. Zell - CC BY-SA 3.0


Benjamin Zwittnig - CC BY 2.5 si


Amada44 - CC BY 3.0

Vruchten: Een doosvrucht. Meestal zijn er drie kokervruchten. Tweezaadlobbig.


Frank Vincentz - CC BY-SA 3.0


Frank Vincentz - CC BY-SA 3.0


Frank Vincentz - CC BY-SA 3.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige tot beschaduwde plaatsen op vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke grond.

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen en elzenbossen), bosranden, struwelen, waterkanten (beekoevers), ruigten en grasland.

Verspreiding

Wereld:
Gebergteplant uit Midden- en West-Europa. Noordwestelijk tot in België. Van wales en Zuid-Engeland in het westen tot de Karpaten in het oosten. Op een paar plaatsen ingeburgerd in Noord-Amerika en Nieuw-Zeeland.


gbif.org

Nederland: Niet ingeburgerd, maar soms verwilderd vanuit tuinen.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeldzaam verwilderd vanuit tuinen en soms (zeer) lang standhoudend en min of meer ingeburgerd.
Rode lijst. Niet van toepassing.

Wallonië: Zeer zeldzaam in de zuidelijke Ardennen.
Rode lijst. Ernstig bedreigd.
Beschermd.

Toepassingen

Giftig: De soort heeft een hoge giftigheid (een paar gram kan al dodelijk zijn voor de mens). De blauwe monnikskap werd vroeger weleens aan ter dood veroordeelden gegeven. Kleine kinderen kunnen beter niet aan de plant komen. Na het aanraken van de plant en/of wortel moet je de handen te wassen, omdat de gifstof door de huid kan dringen. In de oudheid was het een probaat middel om je van je ongewenste echtgenoot te ontdoen. In de tijd van keizer Trojanus (117 na Chr.) wordt het zelfs verboden om de plant te kweken, omdat er kennelijk teveel gebruik van werd gemaakt!

Medicinaal: Vanaf de Middeleeuwen wordt Aconitum als geneesmiddel gebruikt. Ook nu nog is het bekend om de werking op het hart en als pijnstiller bij reumatische en zenuwpijnen. In de homeopathie is het een vaak gebruikt middel in acute situaties.

Vermeerderen: Zaaien of scheuren.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 11, Jan Kops en P. M. E. Gevers Deijnoot (1853)


Flora Batava, deel 11, Jan Kops en P. M. E. Gevers Deijnoot (1853)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen, deel 1, Dirk Leonard Oskamp (1796)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen, deel 1, Dirk Leonard Oskamp (1796)


Cruijdeboek, deel 3, Rembert Dodoens. Wortelen, medecynale cruyden, ende quaden hinderlijcke ghewassen (1554)


Cruijdeboek, deel 3, Rembert Dodoens. Wortelen, medecynale cruyden, ende quaden hinderlijcke ghewassen (1554)


Cruijdeboek, deel 3, Rembert Dodoens. Wortelen, medecynale cruyden, ende quaden hinderlijcke ghewassen (1554)


Naauwkeurige beschrijving der aardgewassen, deel 1, A. Munting (1696)


Botanische wandplaten


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Deutschlands flora, deel 2, J. Sturm, J.W. Sturm (1801-1802)


Herbier de la France, deel 1, P. Bulliard (1776-1783)


Hortus Eystettensis, deel 2, Bessler, Basilius (1620)


Icones plantarum medico-oeconomico-technologicarum, deel 2, F.B. Vietz (1804)

English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 1, J.E. Sowerby (1863)


Kräuterbuch, Unsere Heilpflanzen in Wort und Bild, Friedrich Losch (1914)


Atlas des plantes de France, deel 2, Amédée Masclef (1890)


Svensk botanik, deel 1, J.W. Palmstruch e.a. (1807)

Die Alpenpflanzen nach der Natur gemalt, deel 1 en 4, J. Seboth, F. Graf (1839)

Die Alpenpflanzen nach der Natur gemalt, deel 1 en 4, J. Seboth, F. Graf (1839)


Illustratio systematis sexualis Linnaei, J.S. Miller (Müller), M.B. Borckhausen (1770-1777)


Florae Austriaceae, deel 4, N.J. von Jacquin (1776)

Flore médicale, deel 1, F.P. Chaumeton (1833)


Nouvelle iconographie fourragère, Atlas, J. Gourdon, P. Naudin (1865-1871)


Plantarum indigenarum et exoticarum Icones ad vivum coloratae, deel 2 (1789)


Medizinal Pflanzen, deel 1, F.E. Köhler, W. Müller (1887)


British entomology, deel 5, J. Curtis (1823-1840)


Die officinellen Pflanzen der Pharmacopoea Germanica, F.G. Kohl (1891-1895)


Medical Botany, deel 3, W. Woodville, W.J. Hooker, G. Spratt (1832)


Flora homoeopathica, deel 1, E. Hamilton (1852)


The botanical cabinet, deel 15, C. Loddiges (1828)


Histoire universelle du règne végétal, deel 11, P.J. Buchoz (1775-1778)


Plantae officinales, deel 1, T.F.L. Nees von Esenbeck, A. Henry (1828-1833)


Atlas der officinellen Pflanzen, deel 3, O.C. Berg, C.F. Schmidt (1896-1899)


Hortus floridus, fasicle pars altera, C. van de Passe (1614)

Pflanzenleben des Schwarzwaldes, Friedrich Oltmanns (1927)


Sudetenflora, M. Winkler (1900)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra