Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Blauwe zeedistel - Eryngium maritimum

Andere namen

Frysk: Dúnstikel

English: Sea Holly

Français: Panicaut maritime

Deutsch: Stranddistel

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Apiales

Familie: Apiaceae (Schermbloemenfamilie)

Geslacht: Eryngium (Kruisdistel)

Soort: Eryngium maritimum

Naamgeving (Etymologie): Eryngium komt van het Griekse erygma (oprisping), vanwege de geneeskrachtige eigenschappen, die de plant zou hebben, of het komt van het Griekse eryngion, waarmee men verschillende stekelige, halfstruiken bedoelde. Maritimum betekent van of aan de zee.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Tweejarig of meerjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Juni, juli en augustus.

Afmeting: 30-60 cm.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Joachim Müllerchen - CC BY-SA 2.0 de

Wortels: De forse penwortel heeft vaak meerdere koppen.


bisque.iplantcollaborative.org - CC0-1.0


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: De rechtopstaande, blauwgroene stengels zijn weinig vertakt. Polvormig.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Donald Hobern - CC BY 2.0


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0


Javier Martin - Public Domain

Bladeren: De onderste bladeren zijn leerachtig en kleiner dan de stengelbladen. Ze zijn vrij rond, lang gesteeld, aan de voet hartvormig en vanaf de top in drieën gespleten. De middenlob wordt voor een deel bedekt door de zijlobben. Ze hebben een gegolfde, dicht bestekelde rand. De bladranden en de nerven zijn witachtig. De bovenste bladeren zijn stengelomvattend. De steel is niet gevleugeld. Alle bladen hebben een waslaagje.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Haplochromis - CC BY 2.5

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen vormen samen dichtbloemige, ronde, 1½-3 cm grote hoofdjes in een uitgespreide bloeiwijze (schermvormig). De vijf kroonbladen zijn blauwachtig of soms wit. Ze zijn korter dan de vijf, 4-5 mm lange kelkbladen. Het omwindsel bestaat uit schutbladen met drie lange tanden. De omwindseltjes zijn smal, meestal blauwachtig en langer dan de ongeveer acht mm lange bloemen. De schutblaadjes van de bloemen zijn eirond en gespleten in drie gestekelde tanden. Het vruchtbeginsel is onderstandig. De bloemen hebben vijf meeldraden, twee stijlen met twee stempels. De helmdraden zijn diepblauw.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een tweedelige splitvrucht. De eivormige vruchten zijn 5-7 mm lang en bezet met vele smalle, spitse schubben. Tweezaadlobbig.


Roger Culos - CC BY-SA 3.0


H. Zell - CC BY-SA 3.0


Krzysztof Ziarnek - CC BY-SA 4.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen op droog, matig voedselrijk tot voedselrijk, brak, min of meer stuivend, kalkrijk duinzand.

Groeiplaatsen: Zeeduinen (droge helmduinen, omgewerkte grond bij bebouwing en strandovergangen door de buitenste duinrij, die bedekt zijn met b.v. stro), zand- en grindstranden en rotskusten.

Verspreiding

Wereld: Langs de kust in Europa. Noordelijk tot Zuid-Scandinavië. Ook in Zuidwest-Azië en Noordwest-Afrika. Ingeburgerd in Australië en op een paar plaatsen in Noord-Amerika.


gbif.org

Nederland: Plaatselijk vrij algemeen langs de Noordzeekust. Zeer zeldzaam langs het IJsselmeer.
Rode lijst 2012. Kwetsbaar. Trend sinds 1950: matig afgenomen. Zeldzaam. Oorspronkelijk inheems. Beschermd.


Verspreidngsatlas.nl

Vlaanderen: Vrij zeldzaam langs de Noordzeekust. Achteruitgaand.
Rode lijst Vlaanderen. Zeer zeldzaam. Beschermd.

Wallonië: Niet in Wallonië.

Toepassingen

Keuken: De jonge scheuten zijn eetbaar.

Medicinaal: De wortel werd en wordt voor medicinale doeleinden gebruikt. De wortel werd ook gebruikt als een afrodisiacum (een middel dat wordt gebruikt met het doel de geslachtsdrift te stimuleren).

Vermeerderen: Zaaien.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 2, Jan Kops (1807)


Eryngion, Cruyswortele
Cruijdeboek, deel 4, Rembert Dodoens. Corenen, Legumina, Distelen ende dyerghelijcke (1554)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Bilder ur Nordens Flora, deel 3, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


Atlas des plantes de France, deel 2, Amédée Masclef (1890)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 4, J.E. Sowerby (1865)

British entomology, deel 5, J. Curtis (1823-1840)
|
Flora regni borussici, deel 10, A.G. Dietrich (1842)


Hortus Eystettensis, deel 2, Bessler, Basilius (1620)


British phaenogamous botany, deel 3: W. Baxter (1834-1843)


Medical Botany, deel 1, W. Woodville, W.J. Hooker, G. Spratt (1832)


Dictionnaire des sciences naturelles, Plates Botanique, deel 4 (1816-1830)


The vegetable system, A history of the aggregates, or cluster-headed plants, deel 5, John Hill (1772)


Phytanthoza iconographia, deel 2, J.W. Weinmann (1739)


Rariorum plantarum historia, deel 2, C. Clusius (1601)

© 2001-2019 K.M. Dijkstra