Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Blauwe bremraap - Orobanche purpurea

Frysk: Blauwe klaverfretter

English: Yarrow Broomrape

FranÁais: Orobanche pourpre

Deutsch: Purpur-Sommerwurz

Synoniemen: Phelypaea coerulea, Orobanche coerulea en Orobanche arenaria

Familie: Orobanchaceae (Bremraapfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Orobanche komt van het Griekse orobus (een peulvrucht) en anchoo (wurgen). Het wurgen slaat op het onttrekken van voedingsappen uit de voedsterplant. Purpurea betekent purperkleurig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Parasiet.

Winterknoppen: Geofyt.

Hoofdbloei: Juni en juli.

Afmeting: 15-60 cm.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


BerndH -
CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 3.0

Wortels


herbariaunited.org


herbariaunited.org


europeana.eu - CC BY-SA 3.0


europeana.eu - CC BY-SA 3.0

Stengels: De stengels zijn blauwpaars of grijsachtig, vrij slank, meestal niet vertakt en fijn klierachtig behaard.


Meneerke bloem -
CC BY-SA 3.0


BerndH -
CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Bladeren: De schubbladen zijn smal-lancetvormig. De schutbladen zitten als drie blaadjes om de bloem.


BerndH -
CC BY-SA 3.0


Marie Portas  - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Jean Claude Estatico  - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Emma Silviana Mauri - CC BY-NC-ND 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De 1,8-3 cm grote bloemen zijn blauwpaars met dieppaarse aderen. Aan de voet zijn ze geelwit. De kroonbuis staat schuin omhoog. De kelk is klokvormig en ongeveer half zo lang als de kroon. De kelk heeft vier smalle tanden en vaak nog een kleine driehoekige tand aan de achterkant. De meeldraden zijn meestal niet behaard. De stempel is wit of bleekblauw en dicht klierachtig behaard.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


© Hans Hillewaert -
CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een doosvrucht. De vruchten zijn korter dan de kelk. Tweezaadlobbig.


Jean Claude Estatico - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Emma Silviana Mauri - CC BY-NC-ND 4.0


Emma Silviana Mauri - CC BY-NC-ND 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op droge, matig voedselrijke, neutrale tot basische, meestal omgewerkte, zandig-kleiige en vaak iets verdichte grond. Blauwe bremraap woekert o.a. op Duizendblad, Duinaveruit en op alsemsoorten.

Groeiplaatsen: Zeeduinen (duingrasland, grazige of iets omgewerkte grond, langs duinwegen en op oude zanddijkjes om voormalige duinakkertjes, bouwterreinen in kustplaatsen, bij oude zeedorpen en sinds lang bestaande grasvelden), rivierduinen, rivierdijken, grasland (ruig hooiland, uiterwaarden en droog neutraal grasland), bermen, enigszins ruderale plaatsen en langs spoorwegen (spoorwegterreinen, aangevoerd met duinzand).

Verspreiding

Wereld: Zuidwest-AziŽ, Noordwest-Afrika en Zuid-, Midden-, Oost- en West-Europa. Noordelijk tot in Nederland, Zuid-Engeland en Denemarken en oostelijk tot in de Kaukasus en OekraÔne.

Nederland: Zeldzaam in de Hollandse duinen tussen Bergen en Goeree en zeer zeldzaam in het rivierengebied.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam. Het meest nog in het kustgebied.
WalloniŽ:
Zeer zeldzaam in Lotharingen en in de Viroinvallei.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 15, Jan Kops en F.W. van Eeden (1877)


Flora Batava, deel 18, Jan Kops en F.W. van Eeden (1889)


British entomology, deel 2, J. Curtis (1823-1840)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 6, J.E. Sowerby (1866)


Florae Austriaceae, deel 3, N.J. von Jacquin (1775)


Flora regni borussici, deel 3, A.G. Dietrich (1835)


Iconographia botanica seu plantae criticae, H.G.L. Reichenbach (1823-1832)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL