Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Bleek bosvogeltje - Cephalanthera damasonium

Frysk:

English: White helleborine

FranÁais: CťphalanthŤre de damas

Deutsch: WeiŖes WaldvŲglein

Synoniemen: Cephalanthera latifolia, Cephalanthera alba, Cephalanthera grandiflora, Cephalanthera pallens

Familie: Orchidaceae (OrchideeŽnfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Cephalanthera komt van het Griekse cephale (hoofd) en anthera (helmknop), de vrij staande meeldraad is gesteeld en kopvormig. Damasonium is een oude Latijnse plantennaam van een nu onbekende plant.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Geofyt.

Bloeimaanden: Mei en juni.

Afmeting: 20-60 cm.


Joachim Lutz -
CC BY-SA 4.0


Bernd Haynold -
CC BY 2.5


Bernd Haynold -
CC BY 2.5


Vojtech DostŠl -
CC BY 3.0

Wortels: Een korte wortelstok.


Neuch‚tel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuch‚tel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuch‚tel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuch‚tel Herbarium - CC BY-SA 3.0

Stengels: De kantige stengel heeft aan de voet twee of drie bruine scheden.


Joachim Lutz -
CC BY-SA 3.0


Joachim Lutz -
CC BY-SA 3.0


Joachim Lutz -
CC BY-SA 3.0


Bernd Haynold -
CC BY-SA 3.0

Bladeren: De vier tot tien bladeren worden tot 10 cm lang. Ze zijn kaal, eirond tot langwerpig, spits of stomp, iets blauwgroen, niet gevouwen en met vijf tot tien nerven.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Joachim Lutz -
CC BY-SA 3.0


BjŲrn S... -
CC BY-SA 2.0

Bloemen: Tweeslachtig. Een bloeiwijze met drie tot acht bloemen. De bloemen zijn geelachtig wit, hoogstens vier keer zo lang als breed en gaan zelden goed open. Ze zijn eivormig en veel korter dan hun schutblad (behalve de bovenste). De buitenste bloemdekbladen zijn 1,5-2 cm. De top van de lip is stomp, meer breed dan lang en van binnen roodachtig geel.


Bartosz Cuber -
CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Benjamin Zwittnig -
CC BY 2.5 si


Olei -
GFDL 1.2

Vruchten: Een doosvrucht met stoffijne zaden. Eenzaadlobbig.


Bernd Haynold -
CC BY 2.5


Joachim Lutz -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Beschaduwde plaatsen op vochtige, voedselarme, kalkrijke, humeuze grond (mergel).

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen, gemengde loof- en naaldbossen en hellingbossen) en nabij bosranden en struwelen in kalkgrasland.

Verspreiding

Wereld: Zuidwest-AziŽ, Noord-Afrika en Zuid-, Midden- en West-Europa. Noordelijk tot in Nederland, Midden-Engeland en het zuidelijke deel van het Oostzeegebied.

Nederland: Zeer zeldzaam in Zuid-Limburg.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam bij Voeren en Hoegaarden. De meeste groeiplaatsen in de Voerstreek zijn verdwenen.
WalloniŽ:
Zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 21, Jan Kops, F.W. van Eeden en L.Vuyck (1901)


Bilder ur Nordens Flora, deel 2, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Die Orchidaceen Deutschlands, Deutsch-Oesterreichs und der Schweiz, M. Schulze (1894)


Hortus Eystettensis, deel 1, Bessler, Basilius (1620)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL