Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Bleekgeel blaasjeskruid - Utricularia ochroleuca

Frysk:

English: Pale Bladderwort

FranÁais: Utriculaire jaun‚tre

Deutsch: BlaŖgelber Wasserschlauch

Synoniemen:

Familie: Lentibulariaceae (blaasjeskruidfamilie)

Naamgeving (Etymologie): De naam blaasjeskruid dankt de plant aan de blaasjes aan de bladen onder water. Utricularia komt van utricuilus (zakje), vanwege de blaasjes aan de bladen. Ochroleuca komt van de Griekse woorden ochra (oker) en leukos (wit) en betekent dus eigenlijk geelwit.

Opmerking: Bleekgeel blaasjeskruid wordt ook wel beschouwd als de bastaard van Plat blaasjeskruid en Klein blaasjeskruid

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hydrofyt

Hoofdbloei: Juni, juli en augustus.

Afmeting: 10-50 cm.


arcticplants.myspecies.info -
CC-BY-NC-SA-3.0


arcticplants.myspecies.info -
CC-BY-NC-SA-3.0


arcticplants.myspecies.info -
CC-BY-NC-SA-3.0


Shaleen Humphreys -
CC-BY-NC-SA-3.0

Wortels


hasbrouck.asu.edu - CC0-1.0


hasbrouck.asu.edu - CC0-1.0


hasbrouck.asu.edu - CC0-1.0


hasbrouck.asu.edu - CC0-1.0

Stengels


darwiniana.cz - Adam Veleba -
CC BY-SA 3.0


treeschool.myspecies.info - Katy -
CC BY 3.0


Shaleen Humphreys -
CC-BY-NC-SA-3.0


Nate Martineau - CC BY-NC 4.0

Bladeren: De groene bladeren zijn vaak voorzien van een enkel blaasje. De bladslippen hebben een spitse, geleidelijk in een stekelhaar overgaande top en spitse tandjes.


darwiniana.cz - Katerina BraunovŠ -
CC BY-SA 3.0


Rob Curtis -
CC BY-NC-SA 4.0


darwiniana.cz - Adam Veleba -
CC BY-SA 3.0


Univ. Oslo - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen zijn bleekgeel met een bruin gestreept gehemelte. De spoor staat af en is half zo lang als de onderlip. De soort bloeit vaker dan Plat blaasjeskruid


la-photo-nature.com -
CC BY-NC-ND 2.0 FR


Rob Routledge -
CC BY-NC 4.0


Nate Martineau -
CC BY-NC 4.0


Nate Martineau -
CC BY-NC 4.0

Vruchten: Een doosvrucht. Tweezaadlobbig.


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen in ondiep, voedselarm, zwak tot matig zuur water (o.a. hoogveen).

Groeiplaatsen: Water (heidevennen en veenplassen).

Verspreiding

Wereld: Noord-, Midden- en West-Europa. Ingeburgerd op een paar plaatsen in Noord-Amerika.

Nederland: Zeer zeldzaam in het zuidoosten van het land. Voor het laatst gevonden in 1983.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam in de Kempen.
WalloniŽ:
Verdwenen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL