Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

 

Zwartmoeskervel - Smyrnium olusatrum

Maart 2024

Namen

Zwartmoeskervel dankt zijn Nederlandse naam aan de zwarte vruchten.

De wetenschappelijke naam van Zwart moeskervel is Smyrnium olusatrum. Het Oud-Griekse Smyrnium is een synoniem voor myrrhus of mirre. De vruchtjes ruiken namelijk naar mirre. Olusatrum is afkomstig uit het Latijn en is samengesteld uit olus (kruid of groente) en atrum of ater (zwart).

In het Engels heet de plant Alexanders en is genoemd naar AlexandriŽ, bij de Middellandse Zee waar de plant oorspronkelijk groeide. Andere Engelse namen zijn: Horse Parsley, Allsander, Alshinder, Alick, Skit, Skeet, Hellroot, Megweed, Wild Parsley, Macedonian Parsley, Wild Celery, Horse Celery, Stanmarch and Black Lovage.

De Franse naam is Maceron. Andere Franse namen zijn: Grande Ache, Persil de Cheval, Gros Persil de Macťdoine

In het Duits wordt de plant Pferde-Eppich genoemd, maar ook wel Alisander, Schwarze Gelbdolde en Brustwurzel.

De Spaanse namen zijn: Apio caballar, Perejil macedůnico,Perejil Macedonio, Apio Equino, Esmirnio en Olusatro

In het Catalaans heet Zwartmoeskervel ņbit de sŪquia, Aleixandri. Api de cavall of Cugul.

De Zweedse naam is Alexanderloka.

In ItaliŽ heet de plant Maecerone of Macerone corino.

Tenslotte is de Griekse naam Agrioselino.

Een korte beschrijving

Zwartmoeskervel (Smyrnium olusatrum) is een plant uit de Schermbloemenfamilie (Apiaceae). De soorten van deze familie hebben een schermvormige bloeiwijze. Dat is een bloeiwijze waarbij de bloemstelen allemaal uit ťťn punt aan de hoofdas groeien.
Het is een tweejarige plant, die tot 1,2 meter hoog kan worden.


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl

De planten hebben grillig gevormde, stevige, zwarte penwortels, die wit van binnen zijn, met daarnaast een aantal kleinere nevenwortels.

 
Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl

De glanzende, drietallige of dubbel drietallige bladeren zijn vaak gelig groen. De deelblaadjes zijn eirond en grof gekarteld. De bovenste bladen zijn gesteeld, drietallig, met een brede schede en glanzend donkergroen.
De stevige, kale, gegroefde en vertakte stengels zijn eerst gevuld, maar worden later hol.

  
Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl

In het tweede jaar gaat de plant bloeien (maart t/m juni) met geelgroene, ongeveer 3 mm grote bloemen. Samen vormen de bloemen dichte schermen met vijf tot vijftien stralen.
Ze worden bestoven door o.a. hommels, vlinders, bijen en zweefvliegen.

 
Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl

De vruchten zijn vrij zwaar en komen meestal dicht bij de moederplant terecht, waardoor de plant vaak in groepen groeit.
De geribde, 7-8 mm lange zaden zijn eerst groen, maar later worden ze zwart.
De plant sterft nadat het zaad heeft gezet.

 
Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

 
Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl

Zwartmoeskervel groeit vooral op half beschaduwde plaatsen op vochtige, voedselrijke grond, zoals langs lichte duinbosjes die sterk bemest worden door vogels, langs voedselrijke heggen en bosranden, enigszins ruderale plaatsen en op klippen.

Verspreiding

Het volledige verspreidingsgebied betreft Zuid- en West-Europa, Zuidwest-AziŽ en Noord-Afrika, met name in de Atlantische kustgebieden en langs de Middellandse Zee.

In Nederland is Zwartmoeskervel is al enkele eeuwen bekend van het eiland Texel. Oorspronkelijk kwam de plant alleen daar voor (mogelijk als een verwilderde moestuinplant). Tegenwoordig kun je Zwartmoeskervel ook elders (zeldzaam) aantreffen, het meest in het kustgebied.
In BelgiŽ is de plant niet ingeburgerd, maar komt er wel zeldzaam verwilderd voor.


Verspreidingskaart van Groot-BrittanniŽ en Ierland.


Verspreidingskaart van Frankrijk.


Verspreidingskaart van Zweden.

Vermeerderen


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl

Je kunt de plant vermeerderen door te zaaien. Het beste kun je in augustus de zaden oogsten en daarna direct weer op de nieuwe plek zaaien. Dit kan echter ook het hele jaar ter plekke, behalve als de grond bevroren is.
De plant kan ook zich zelf prima uitzaaien op een geschikte groeiplaats.
Sommige zaden kiemen niet meteen. Deze hebben een koude periode (winter) nodig voordat ze kiemen.
Zwartmoeskervel groeit het best op half beschaduwde plaatsen op vochtige, voedselrijke grond.
Je kunt de plant ook in een pot kweken.

Toepassen in de heemtuin


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl

Zwartmoeskervel is geschikt voor een vochthoudende, half beschaduwde, vrij voedselrijke bosrand of onder en langs struiken en solitaire bomen en beschaduwde borders.

Gebruik in de keuken

 
Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl

Vroeger (tot ongeveer 1700) was het een populaire groente, maar tegenwoordig wordt de plant veel minder vaak gebruikt.
Nadat selderij meer werd geteeld is het gebruik van Zwartmoeskervel in de keuken sterk afgenomen.
Oogsten kan de hele winter en in het voorjaar.
De geurende plant heeft enigszins de smaak van selderij of Peterselie.
Alle delen van de plant zijn eetbaar, maar de bladeren en stengels worden het meest gebruikt.

* De bladstelen kunnen worden bereid zoals selderij. De jonge (eventueel gebleekte) blad- en bloeistelen worden soms kort gekookt en geserveerd zoals asperges.
* De jonge blaadjes kun je als groente bereiden. Bij het koken worden de bladeren donker van kleur.
* De stengels kook je in 5-10 minuten gaar. De bladen en de stengels wel apart bereiden.
* Het blad en de stelen kun je verder toevoegen aan salades, soepen, stoofpotjes en roerbakgroenten.
* De jonge vruchten en bloemknoppen kun je rauw op azijn zetten om ze later (als kappertjes) in salades te gebruiken.
* De enigszins bittere zaden worden gebruikt als specerij in dranken en gebak.
* De wortels kun je eveneens bereiden, op de manier zoals je dat ook doet met pastinaak.

2001-2024 Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl