Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Boerenkrokus - Crocus tommasinianus

Frysk: Boerekrookje

English: Tomasini's Crocus

FranÁais: Crocus de Tommasini

Deutsch: Dalmatiner Krokus

Synoniemen: Boerencrocus

Familie: Iridaceae (Lissenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Crocus is oorspronkelijk een Arabisch woord en betekent saffraan. Tommasinianus is genoemd naar Muzio de Tommasini (1794-1879), een Italiaanse onderzoeker van de flora van DalmatiŽ.

Opmerking: De plant is nauw verwant aan de Bonte krokus (Crocus vernus). Beide soorten kunnen met elkaar kruisen.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Geofyt.

Hoofdbloei: Februari en maart.

Afmeting: 10-20 cm.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels: Een knol, die elk jaar nieuwe knolletjes vormt.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Stengels: Een rechtopstaande, grijsachtige bloeistengel met een licht gekleurd vliezig omhulsel.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bladeren: De smalle bladeren zijn 2-4 mm breed (wat smaller dan die van Bonte krokus).


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. De langwerpige tot elliptische bloemdekbladen hebben meestal een vrij spitse top. Ze zijn lila of licht paarsblauw met een grijswitte buis. Bij zonneschijn staan ze stervormig uit. De helmdraden zijn behaard.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een doosvrucht. Eenzaadlobbig.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op vrij vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke, liefst kalkhoudende grond.

Groeiplaatsen: Bossen (bij buitenplaatsen en parkbossen), grasland (weiland, veenweiden en grasvelden). In het oorspronkelijke gebied in loofbossen en op beschaduwde hellingen, vooral op kalksteen, op een hoogte tussen 1000 en 1500 meter.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit de Balkan (ServiŽ, Montenegro, Hongarije en het noordwesten van Bulgarije). Ingeburgerd in enkele West-Europese landen en in Noord-Amerika.

Nederland: Vrij zeldzaam, maar plaatselijk veel. Stinsenplant. Ingeburgerd in de 19de eeuw.

Vlaanderen: Vrij zeldzaam. Misschien hier en daar ingeburgerd.
WalloniŽ:
Zeldzaam. Niet ingeburgerd.

Toepassingen

Cultuur: Boerenkrokus behoort tot de stinsenplanten. In Zuidwest-Frysl‚n staan ze hier en daar in weilanden, waar ze terecht zijn gekomen met aarde van afgegraven terpen, die voor verhoging en bemesting van veenweiden werd gebruikt. De soort werd in 1847 in Engeland geÔntroduceerd en kort daarna ook in Nederland.

Vermeerderen: Bolletjes planten en zaaien.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


A monograph of the genus Crocus, G. Maw (1886)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL