Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Bolderik - Agrostemma githago

Andere namen

Frysk: Reade roggeblom

English: Corn Cockle

Français: Nielle des blés

Deutsch: Kornrade

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Caryophyllales

Familie: Caryophyllaceae (Anjerfamilie)

Geslacht: Agrostemma (Bolderik)

Soort: Agrostemma githago

Naamgeving (Etymologie): Agrostemma komt van het Griekse agros (veld) en stemma (krans), maar stemma wordt in 't Latijn ook wel gebruikt voor anjelier, dus een veldanjelier. Githago komt van het Latijnse git en betekent zwart zaad in het koren.

Opmerking: Oosterse bolderik (Agrostemma gracile) wordt als sierplant toegepast en verwildert soms vanuit tuinen.
Oosterse bolderik wordt beschouwd als de soort waaruit onze “gewone” Bolderik zich heeft ontwikkeld tot een eigen taxon. Het enige wat er over haar habitusvoorkeur bekend is (uit o.a. advertenties van tuincentra en zaadhandel) is dat ze het goed doet op open, zonnige, voedselrijke en goed gedraineerde grond. Desondanks is het niet onwaarschijnlijk te veronderstellen dat ze vergelijkbare standplaatsen als de Bolderik verkiest. De plant stamt uit West-Azië en Centraal-Griekenland waar ze voorkomt in de omgeving van de stad Farsala en dat de enige inheemse vindplaats van Europa is. De plant wordt echter elders als sierplant gebruikt en is op een aantal plaatsen verwilderd, hetgeen ook zeer zeldzaam het geval is in Nederland. Oosterse bolderik is goed te onderscheiden van Bolderik door haar tengere bouw en geringere beharing maar vooral doordat de plaat van de kroonbladen rijen zwarte stippen draagt en dat de kelkslippen niet voorbij de kroonbladen steken. Zie ook Bolderik.
René van Moorsel, 2014 - CC BY-SA 3.0


Oosterse bolderik
© Benno te Linde - CC BY-NC-ND 3.0


Oosterse bolderik
© Benno te Linde - CC BY-NC-ND 3.0


Oosterse bolderik
© Peter Meininger - CC-BY-NC-SA-3.0


Oosterse bolderik
© Gertjan van Noord - CC BY-ND 3.0

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Juni. juli en augustus.

Afmeting: 50-100 cm.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Stengels: De rechtopstaande, grijsgroene en viltig behaarde stengels zijn niet of nauwelijks vertakt.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bladeren: De tegenoverstaande, langwerpige, tot 12 cm lange bladeren hebben een spitse top.


Klaas Dijkstra -CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. De alleenstaande, paarse of zelden witte, 3-5 cm grote bloemen zijn lang gesteeld. De kroonbladen hebben een lange nagel. Ze zijn breed afgerond en meestal iets ingesneden. De vijf spits uitlopende kelkbladen zijn iets leerachtig, ruw behaard en meestal langer dan de kroonbladen. De kelkbuis heeft tien ribben.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een doosvrucht. De giftige zaden zijn kortlevend (één tot vijf jaar). Tweezaadlobbig. De giftige zaden konden gemakkelijk met het graan mee worden geoogst en dan tot meelvergiftiging leiden.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Biotoop

Wereld: Wereldwijd, maar zeer sterk achteruit gegaan.


gbif.org

Nederland: Zeldzaam. Het meest nog in Zuid-Limburg en in het rivierengebied.
Rode lijst 2012. Kwetsbaar. Trend sinds 1950: zeer sterk afgenomen. Vrij zeldzaam. Al voor 1500 ingevoerd (archeofyt).

Bolderik

Verspreidingsatlas.nl

Oosterse bolderik (Agrostemma gracile)

Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Vroeger algemeen tot vrij algemeen. Zeer sterk achteruitgegaan. Thans zeer zeldzaam.
Rode lijst. Met verdwijning bedreigd.

Wallonië: Vroeger vrij algemeen, behalve in de Ardennen. Na 1979 niet meer waargenomen.
Rode lijst. Verdwenen uit Wallonië.

Toepassingen

Medicinaal: Bolderik wordt soms als medicijn in een homeopatische verdunning ingenomen. Het heeft dan effect op het darmstelsel, waar het een zuiverende rol in zou hebben en de doorstroming gemakkelijker op gang zou brengen. Het zou er voor zorgen dat wormpjes en parasieten in de buik verdwijnen.

Vermeerderen: Zaaien ter plaatse.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 3, Jan Kops (1814)


Flora Batava, deel 3, Jan Kops (1814)


Cruijdeboek, deel 2, Rembert Dodoens. Bloemen, welrieckende cruyden, saden, ende dyer ghelijcken (1554)


Cruijdeboek, deel 2, Rembert Dodoens. Bloemen, welrieckende cruyden, saden, ende dyer ghelijcken (1554)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Deutschlands flora, deel 2, J. Sturm, J.W. Sturm (1801-1802)


Flora Parisiensis, deel 1, P. Bulliard (1776-1781)


Atlas des plantes de France, deel 2, Amédée Masclef (1890)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

Bilder ur Nordens Flora, deel 2, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)

Svensk botanik, deel 7, J.W. Palmstruch e.a. (1812)

Medizinal Pflanzen, deel 4, F.E. Köhler (1890)


American medicinal plants, deel 1, C.F. Millspaugh (1892)


Hortus Eystettensis, deel 2, Bessler, Basilius (1620)

Icones plantarum medico-oeconomico-technologicarum, deel 3, F.B. Vietz (1806)

Unsere Unkräuter, Zweite Auflage, L. Klein (1926)

English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 2, J.E. Sowerby (1864)


Unkrauttaflen - Weed plates - Planches des mauvaises herbes - Ugressplansjer, E. Korsmo (1934-1938)


Flora Londinensis, deel 3, William Curtis (1778-1781)

New Kreüterbuch, L. Fuchs (1543)

Water-color sketches of American plants, especially New England, Helen Sharp (1888-1910)

British entomology, deel 4, J. Curtis (1823-1840)

Flora regni borussici, deel 3, A.G. Dietrich (1835)

Hortus floridus, fasicle pars altera, C. van de Passe (1614)

Icones plantarum sponte nascentium in episcopatu Monasteriensi, deel 1, F. Wernekinck (1798)

Phytanthoza iconographia, deel 3, J.W. Weinmann (1742)

Farm weeds of Canada, G.H. Clark, J. Fletcher (1906)


Grandes Heures Anne de Bretagne, Jean (Jehan) Bourdichon (1503-1508)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra