Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Bolletjesvaren - Onoclea sensibilis

Andere namen

Frysk:

English: Sensitive Fern

Français: Onoclée sensible

Deutsch: Perlfarn

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Pteropsida

Orde: Filicales

Familie: Onocleaceae (Bolletjesvarenfamilie)

Geslacht: Onoclea (Bolletjesvaren)

Soort: Onoclea sensibilis

Naamgeving (Etymologie): De Nederlandse naam slaat op de vorm van de sporenhoopjes. De naam Onoclea komt van het Griekse onos (vat) en kleiein (sluiten), naar de manier waarop de sporenhoopjes worden afgesloten. Sensibilis betekent gevoelig (in de betekenis van gevoeligheid voor vorst).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Sporenplant.

Winterknoppen: Geofyt.

Rijpe sporen: Juli, augustus, september en oktober.

Afmeting: 30-50 cm.


Vlmastra - CC BY 3.0


Denis.prévôt - CC BY-SA 3.0


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0


Steve Law - CC BY-SA 2.0

Wortels: Een lange, horizontaal kruipende, vertakte, bruinzwarte wortelstok.


lod.ansp.org - CC BY-SA 3.0


lod.ansp.org - CC BY-SA 3.0


northeastflora.myspecies.info - CC BY-NC-ND 3.0


northeastflora.myspecies.info - CC BY-NC-ND 3.0

Stengels: De stengels zijn aan de voet opstijgend en ongeveer even lang als het blad.


Charles de Mille-Isles - CC BY 2.0


H. Zell - CC BY-SA 3.0


Salicyna - CC BY-SA 4.0


Fredlyfish4 - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De onvruchtbare bladeren staan niet in bundels, maar verspreid in onregelmatige groepjes op de wortelstok. De bladschijf is veerdelig en breed driehoekig tot eirond. De deelblaadjes zijn lancetvormig, spits en gegolfd gelobd of ze hebben een bijna gave rand. Ze staan met zes tot tien paar langs de bladspil.


peganum - CC BY-SA 2.0


Homer Edward Price - CC BY 2.0


Homer Edward Price - CC BY 2.0


Denis.prévôt - CC BY-SA 3.0

Vruchten: Sporen. De vruchtbare bladeren zijn langer gesteeld en dubbel geveerd. De deelblaadjes zijn niet gesteeld. Ze zijn diep gelobd, sterk ingerold en bolvormig. Ze omvatten de sporendoosjes  helemaal. Later scheuren deze open.


H. Zell - CC BY-SA 3.0


Charles de Mille-Isles - CC BY 2.0


peganum - CC BY-SA 2.0


peganum - CC BY-SA 2.0

Biotoop

Bodem: Halfbeschaduwde tot beschaduwde plaatsen op vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke, zure grond (o.a. laagveen).

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen, parkbossen, kasteeltuinen, moerasige plaatsen en plaatsen waar tuinafval gestort is).

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit oostelijk Noord-Amerika en het oosten van Azie. Ingeburgerd in Europa, Australië en Nieuw-Zeeland.


gbif.org

Nederland: Op enkele plaatsen ingeburgerd.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Mogelijk op enkele plaatsen ingeburgerd.

Wallonië: Mogelijk op enkele plaatsen ingeburgerd.

Toepassingen

Cultuur: Deze varen wordt geregeld toegepast in beschaduwde tuinen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


The botanical cabinet, deel 16, C. Loddiges (1829)


American fern journal, deel 7 (1917)


Ferns (a history of Ferns): British and exotic, deel 6, E.J. Lowe (1839)


A flora of the state of New York (handcoloured), deel 2, J. Torrey (1843)


Dictionnaire des sciences naturelles, Plates Botanique, deel 1 (1816-1830)


Exoticarum aliarumque minus cognitarum plantarum Centuria prima, J. Breyne (1678)


Genera filicum, W.J. Hooker, Franz Bauer (1838-1842)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra