Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Bonte paardenstaart - Equisetum variegatum

Andere namen

Frysk: Fine rûgebal

English: Variegated Horsetail

Français: Prêle panachée

Deutsch: Bunter Schachtelhalm

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Pteropsida

Orde: Filicales

Familie: Equisetaceae (Paardenstaartenfamilie)

Geslacht: Equisetum (Paardenstaart)

Soort: Equisetum variegatum

Naamgeving (Etymologie): Equisetum komt van het Latijnse equus (paard) en setum (borstel of haren), omdat veel soorten op de staart van een paard lijken. Variegatum betekent bont gekleurd.

Kruising: Ruwe paardenstaart is de bastaard van Schaafstro en Bonte paardenstaart.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Sporenplant.

Winterknoppen: Geofyt.

Rijpe sporen: April, mei, juni, juli en augustus.

Afmeting: 10-40 cm.


Krzysztof Ziarnek - GFDL


Jesús Alba Svitil - CC BY-SA 3.0


Jnn - CC BY 2.1 jp


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Wortels: Een kale wortelstok zonder knollen.


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0

Stengels: De wintergroene, dunne stengels zijn opstijgend tot rechtopstaand. Ze zijn 2-3 mm dik en worden niet langer dan 0,5 meter. Ze hebben 6 tot 10 duidelijke ribben en zijn glad of iets ruw. Alleen bij de onderste knopen zitten enkele lange zijtakken of soms zijn ze niet vertakt. De zijtakken zijn ongeveer even lang en dik als de stengel. Het middenkanaal is nauw of vrijwel afwezig. De stengelscheden zijn enigszins opgeblazen. Onder de tanden zie je een donkerbruine tot zwarte band. De tanden zijn breed witvliezig gerand met een zwart middendeel.


Enrico Blasutto - CC BY-SA 3.0


Enrico Blasutto - CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De bladkransen zijn klokvormig, aan de voet groen en bovenaan zwart.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Vruchten: Sporen. De sporenaar zit aan het eind van de stengel en soms ook aan enkele zijtakken. Eerst is de sporenaar bijna helemaal omhuld door de tanden van de bovenste afstaande schede. Deze is tot 7 mm lang, eivormig en heeft bovenaan een stekelpunt.


Kruczy89 - CC BY-SA 3.0


Jesús Alba Svitil - CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Yoan Martin - CC BY-SA 2.0 FR

Biotoop

Bodem: Zonnige, open of laag begroeide plaatsen plaatsen op vochtige tot natte, 's winters vaak onder water staande, vrij voedselarme, kalkrijke grond, op plekken met een kortblijvende vegetatie (zand, leem en zavel).

Groeiplaatsen: Zeeduinen ('s winters onder water staande duinvalleien), moerassen (kalkmoerassen), afgravingen (moerassige plekken en tichelgaten), waterkanten (langs bergriviertjes en bergmeren), bermen (lemige bermen aan de rand van de Noordoostpolder) en drooggevallen zandplaten.

Verspreiding

Wereld: Koude en gematigde delen op het noordelijk halfrond. Noordelijk tot bij de Noordelijke IJszee. Het meest in gebergten in Noord- en Midden-Europa.


gbif.org

Nederland: Zeer zeldzaam in het duingebied tussen Den Helder en Voorne en op Schiermonnikoog. Ook in het rivierengebied en in Flevoland.
Rode lijst 2012. Kwetsbaar. Trend sinds 1950: matig afgenomen. Zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeer zeldzaam in de duinen. Nu alleen nog bij De Panne en Westende.
Rode lijst. Met verdwijning bedreigd. Beschermd.

Wallonië: Zeer zeldzaam in Lotharingen (in de zuidelijke Ardennen).
Rode lijst. Ernstig bedreigd. Beschermd.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 7, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1836)


Flora Batava, deel 7, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1836)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 12, J.E. Sowerby (1886)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 12, J.E. Sowerby (1886)


The ferns of Great Britain, and their allies the club-mosses, pepperworts, and horsetails, Anne Pratt (1855)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


American fern journal, deel 4 (1914)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra