Wilde planten in Nederland en België

Borstelbies - Isolepis setacea

Frysk: Pôltsjebies

English: Bristle club-rush

Français: Isolépis sétacé

Deutsch: Borstige Moorbinse

Synoniemen: Scirpus setaceus, Dwergbies

Familie: Cyperaceae (Cypergrassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Isolepis is afgeleid van het Griekse woord isos (vergelijkbaar of gelijk), in hoeveelheid en soort, en lepis (een schub of vlok). Setacea betekent met borstels of borstelig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig of overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt of hemikryptofyt

Hoofdbloei: Juni t/m november.

Afmeting: 2-20 cm.


Krzysztof Ziarnek -
CC BY-SA 4.0


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


José Luis Romero Rego - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Kai-Philipp Schablewski -
CC BY-NC 4.0

Wortels


Kristian Peters - CC BY-SA 3.0


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: Polvormend. De ronde, draaddunne stengels vormen dichte polletjes. Soms zijn er korte uitlopers en dan ontstaan er matjes.


© Grada Menting - verspreidingsatlas.nl


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Krzysztof Ziarnek -
CC BY-SA 4.0

Bladeren: De bladscheden zijn afwezig of alleen de onderste twee bladscheden met een korte bladschijf (eestal is er maar één volledig blad met een borstelvormige bladschijf).


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk

Bloemen: Tweeslachtig. De bloeiwijze bevat één tot drie zittende of zeer kort gesteelde aren met tien tot enige tientallen bloemen. De aren zijn 2-4 mm lang, eivormig en bleek- tot donkerbruin. De kafjes zijn elliptisch, zeer stomp en hebben vaak een stekelpuntje. Meestal zijn er twee meeldraden en één stamper met drie stempels.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Marie Portas - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk

Vruchten: De glanzende nootjes zijn omgekeerd eivormig (op dwarsdoorsnede rond), met vijftien tot achttien hoogteribben. Daartussen zijn ze gerimpeld. De zaden zijn langlevend (korter dan vijf jaar). Eenzaadlobbig.


José Luis Romero Rego - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde, open plaatsen (pionier) op vochtige tot natte, matig voedselarme tot matig voedselrijke, vrij stikstofarme, al of niet licht bemeste, meestal wat humeuze, zwak zure, verstoorde, min of meer verdichte grond (zand, leem, zavel en löss, maar weinig op veen en klei).

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen en op en langs bospaden), kapvlakten (met name in sporen van trekkers), zeeduinen (binnenduinweiden), op veepaadjes, waterkanten (droogvallende oevers van vennen, beekstrandjes, langs plassen en poelen, bij drinkplaatsen, langs pas gegraven sloten, greppels en vijvers), afgravingen (zand- en leemputten), heide (afgeplagde plekken), moestuinen en grasland (beekdalweiland).

Verspreiding

Wereld: Delen van Zuidwest- en Midden-Azië, Noordwest-Afrika, oostelijk en zuidelijk Afrika, op de Azoren, in Australië en in West-, Midden- en Zuid-Europa. Noordelijk tot in Zuid-Scandinavië. Ingeburgerd in Noord-Amerika, Oost- en Zuid-Afrika, Nieuw Zeeland en Australië.

Nederland: Vrij zeldzaam in de duinen, in het oosten en midden van het land en in aangrenzende laagveengebieden. Elders zeer zeldzaam.

Vlaanderen: Vrij algemeen. Het meest in de Kempen en in de duinen.
Wallonië:
Vrij zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 13, Jan Kops, F. A. Hartsen en F.W. van Eeden (1868)


Deutschlands flora, deel 3, J. Sturm, J.W. Sturm (1801-1802)


Scirpus setaceus
Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Fig 4-6
Descriptionum et iconum rariores, C.F. Rottbøll (Rottboell) (1773)


British entomology, deel 6, J. Curtis (1823-1840)


Atlas des plantes de France, deel 3, Amédée Masclef (1893)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL