Wilde planten in Nederland en België

Bosvergeet-mij-nietje - Myosotis sylvatica

Frysk: Boskferjit-my-net

English: Wood Forget-me-not

Français: Myosotis des bois

Deutsch: Wald-Vergißmeinnicht

Synoniemen:

Familie: Boraginaceae (Ruwbladigenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Over de Nederlandse naam leest U meer bij Akkervergeet-mij-nietje. Myosotis komt van het Griekse Myos (muis) en het Griekse Otis (oortjes). De zachte beharing van de bloem en de vorm lijken enigszins op een muizenoor. Sylvatica betekent in het bos groeiend.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Tweejarig of soms overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt of hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Mei, juni en juli.

Afmeting: 10-50 cm.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Sebastian Wallroth - Public Domain

Wortels: Een kruipend wortelstokje.


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0

Stengels: De rechtopstaande, vierkante, geribde geribde en vaak vertakte stengels zijn begroeid met afstaande, zachte haren.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - CC BY-SA 4.0


John Tann -
CC BY 2.0

Bladeren: De bladeren zijn vlak en vrij dun. De rozetbladen zijn langwerpig-eirond tot spatelvormig en hebben een korte steel. Meestal zijn ze boven het midden het breedst. De verspreidstaande, zittende stengelbladen zijn langwerpig en spits. Ze hebben een gave bladrand. De bladen zijn begroeid met lange afstaande haren.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. De bloeiwijze is een schicht. De vlakke, blauwe, maar eerst vaak roze-achtige, bloemen staan op slanke stelen. Ze zijn 0,5-1 cm groot. De kelk is ongeveer 5 mm lang en de vijf kelkbladen zijn tot op 1/3 deel van de kelk vergroeid. Ze hebben lijnvormige slippen en zijn begroeid met weinig afstaande haakvormige haren in de onderste helft. De kroonbuis wordt afgesloten door de gele kroonschubben. De vijf meeldraden staan op de kroonbuis en onderin zie je het bovenstandig vruchtbeginsel met één stijl en stempel.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een splitvrucht. De diep gedeelde vruchtkelk is klokvormig. De stelen van de vruchtkelken staan schuin af en zijn 5-10 mm lang. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan één jaar). Tweezaadlobbig.


Robert Matthews -
CC BY-SA 3.0


Robert Matthews -
CC BY-SA 3.0


Robert Matthews -
CC BY-SA 3.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Half- tot licht beschaduwde, vrij open plaatsen op matig droge tot vochtige, matig voedselrijke, neutrale tot kalkhoudende grond met een goed verterende strooisellaag (zand, leem, zavel en mergel).

Groeiplaatsen: Bossen (vrij droge, voedselrijke bossen, lichte loofbossen, hellingbossen, parkbossen en langs bospaden), bosranden, kapvlakten, struwelen, bij buitenplaatsen, bermen, tuinen, plantsoenen, langs spoorwegen (spoorbermen) en waterkanten (beschaduwde beekoevers).

Verspreiding

Wereld: Gematigde en koudere streken in Europa, Azië en Noord-Afrika. het meest in gebergten in Midden- en Zuidwest-Azië en Zuid- en Midden-Europa. Noordwestelijk tot in Nederland en Groot-Britannië. Ingeburgerd in Noord-Amerika, kleine delen van Australië en in Nieuw-Zeeland.

Nederland: Vrij algemeen in Zuid-Limburg en zeldzaam in het zuidoosten van het land. Elders alleen verwilderd.

Vlaanderen: Vrij algemeen.
Wallonië:
Vrij algemeen.

Toepassingen

Cultuur: In tuinen komen ook vormen voor met witte en roze-rode bloemen voor. Ook zijn er gekweekte cultivars met meer dan 5 kroonslippen en met min of meer gevulde bloemen.

Vermeerderen: Zaaien.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 11, Jan Kops en P. M. E. Gevers Deijnoot (1853)


Deutschlands flora, deel 11, J. Sturm, J.W. Sturm (1821-1825)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Myosotis sylvatica var. alpestris
Sudetenflora, M. Winkler (1900)


Gartenflora, deel 14, E. von Regel (1865)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 7, J.E. Sowerby (1867)

Gartenflora, deel 30, E. von Regel (1881)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL