Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Brave hendrik - Chenopodium bonus-henricus

Andere namen

Frysk: Brave Hindrik

English: Good King Henry

Français: Chénopode Bon-Henri

Deutsch: Guter Heinrich

Verouderde of andere namen: Blitum bonus-henricus

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Caryophyllales

Familie: Amaranthaceae (Amarantenfamilie)

Geslacht: Chenopodium (Ganzenvoet)

Soort: Chenopodium bonus-henricus

Naamgeving (Etymologie): Brave hendrik vormt een tegenstelling met Kwade hendrik, waarmee vroeger het giftige Overblijvend bingelkruid (Mercurialis perennis) werd bedoeld. Chenopodium is afgeleid van het Griekse Chenos (gans) en podion (voetje), vanwege de bladvorm, die op de pootafdruk van een gans lijkt. Bonus-henricus betekent goede Hendrik.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni, juli en augustus.

Afmeting: 15-80 cm.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Thomas Mathis - CC BY-SA 3.0


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0

Wortels: Een dikke vlezige wortelstok.


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


intermountainbiota.org - CC BY-NC 3.0


intermountainbiota.org - CC BY-NC 3.0


intermountainbiota.org - CC BY-NC 3.0

Stengels: De rechtopstaande, taaie stengels zijn vaak rood aangelopen. Aan de voet zie je resten van bladstelen uit vorige jaren.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De dofgroene, iets kleverige bladeren zijn driehoekig. Aan de bladvoet zitten twee naar de zijkant of naar achteren gerichte slippen. Ze zijn 5-10 cm lang en ongeveer even lang als breed. De bladrand is zwak gegolfd.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Stefan Lefnaer - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De groene bloemkluwens zitten ineengedrongen aan korte zijasjes aan de top van de stengel (een smalle vrij dichte, alleen aan de voet bebladerde pluim). De bloeiwijze is sterk vertakt. De stempels steken ver uit de bloem. De bloemdekbladen zijn bruinig en niet verdikt.


Stefan Lefnaer - CC BY-SA 4.0


Enrico Blasutto - CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Paul Fabre - CC BY-SA 2.0 FR

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De vruchten zijn rood, bij rijpheid worden ze zwart. Tweezaadlobbig.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Jean-Jacques Houdré - CC BY-SA 2.0 FR


Carole Ritchie - USDA-NRCS PLANTS Database


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, warme, beschutte plaatsen op vochtige, zeer voedselrijke, vooral stikstofrijke, vaak met organisch materiaal bemeste, omgewerkte grond.

Groeiplaatsen: Bij boerderijen (bij mesthopen en beerputten), begraafplaatsen, bermen, braakliggende grond, langs heggen, ruderale plaatsen, oude muren, humeuze ruigten en soms in akkers.

Verspreiding

Wereld: Bijna heel Europa. Alleen in het hooggebergte kan de plant zich redelijk handhaven. Ingeburgerd in Noord-Amerika.


gbif.org

Nederland: Zeer zeldzaam.
Rode lijst 2012. Ernstig bedreigd. Trend sinds 1950: zeer sterk afgenomen. Zeer zeldzaam. Al voor 1500 ingevoerd (archeofyt).


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeer zeldzaam.
Rode lijst. Bedreigd.

Wallonië: Vrij zeldzaam in het zuidoosten. Elders zeer zeldzaam.

Toepassingen

Keuken: Vroeger werd de plant veel gekweekt als groente. De bladeren werden als spinazie gegeten. De jonge scheuten kunnen als een soort asperges klaar gemaakt worden. In Duitsland worden de zaden gebruikt voor het vetmesten van kippen en wordt daarom ook wel Fette Henne genoemd.

Medicinaal: De wortels worden soms gebruikt tegen hoest bij schapen. Ook werd er een medicinale thee van getrokken.

Vermeerderen: Zaaien.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 18, Jan Kops en F.W. van Eeden (1889)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen, deel 1, Dirk Leonard Oskamp (1796)


Cruijdeboek, deel 5, Rembert Dodoens. Cruyden, wortelen ende vruchten, diemen in die spijse ghebruyckt (1554)


Naauwkeurige beschrijving der aardgewassen, deel 2, A. Munting (1696)


Deutschlands flora, deel 17, J. Sturm, J.W. Sturm (1838-1839)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Botanischer Bilderatlas nach De Candolle's Natürlichem Pflanzensystem, Carl Hoffmann (1884)


Botanischer Bilderatlas nach dem natürlichem Pflanzensystem, K. Hoffmann, E. Dennert (1911)


Unsere Unkräuter, Zweite Auflage, L. Klein (1926)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 8, J.E. Sowerby (1868)


Flora Londinensis, deel 3, William Curtis (1778-1781)


New Kreüterbuch, L. Fuchs (1543)


Phytanthoza iconographia, deel 1, J.W. Weinmann (1737)


Atlas des plantes de France, deel 3, Amédée Masclef (1893)


Flora Parisiensis, deel 1, P. Bulliard (1776-1781)


Herbier de la France, deel 5, P. Bulliard (1776-1783)


Unkrauttaflen - Weed plates - Planches des mauvaises herbes - Ugressplansjer, E. Korsmo (1934-1938)

© 2001-2019 K.M. Dijkstra