Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Breed wollegras - Eriophorum latifolium

Frysk:

English: Broad-leaved cottongrass

FranÁais: Linaigrette ŗ feuilles larges

Deutsch: Breitblšttriges Wollgras

Synoniemen: Breedbladig wollegras

Familie: Cyperaceae (Cypergrassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Eriophorum komt van het Griekse erion (wol) en pherein (dragen), omdat het aartje er na de bloeitijd wollig uitziet. Latifolium betekent met brede bladen.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Geofyt of hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Mei t/m juli.

Afmeting: 30-60 cm.


Meneerke bloem -
CC BY-SA 3.0


Pmau -
CC BY-SA 3.0


Yoan Martin - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Krzysztof Ziarnek -
CC BY-SA 4.0

Wortels: Geen wortelstokken.


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: Losse pollen vormend. De stengels zijn stomp driekantig. De onderste scheden zijn vaak bruinzwart.


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


Florent Beck - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


CS76 -
CC BY-SA 3.0

Bladeren: De stengelbladen zijn V-vormig met een driekantige top en 2-6 mm breed. De bladrand is aan de voet ruw door terugwijzende stekeltjes.


Florent Beck - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Yoan Martin - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. Er zijn vier tot twaalf aren op ruwe stelen of soms vrijwel zittend. De gesteelde aren buigen enigszins over. De langste aarsteel is vaak vertakt en wordt tot 6 cm lang. De aren zijn kleiner dan die van Veenpluis, tot 1 cm, en bevatten tot dertig bloemen. De helmknoppen worden tot 2 mm lang. Kafjes met ťťn nerf. De borstels zijn aan de top gevorkt.


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


Krzysztof Ziarnek - CC BY-SA 4.0


Krzysztof Ziarnek - CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. Vruchten met witte haren, die tot 2Ĺ cm lang worden. Eenzaadlobbig.


Muriel Bendel -
CC BY-SA 4.0


Marie Portas - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Marie Portas - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op natte, voedselarme, zwak zure, ijzerrijke grond (humeuze tot venige grond, laagveen en leem).

Groeiplaatsen: Grasland (hooiland en blauwgrasland) en moerassen (bronmoerassen en kalkmoerassen).

Verspreiding

Wereld: West-SiberiŽ, de Kaukasus en in Europa, behalve in de meest zuidelijke delen.

Nederland: Zeer zeldzaam in het oosten. Elders verdwenen.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam. Sterk afgenomen.
WalloniŽ:
Zeer zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 16, Jan Kops en F.W. van Eeden (1881)


Deutschlands flora, deel 3, J. Sturm, J.W. Sturm (1801-1802)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL