Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Bruin cypergras - Cyperus fuscus

Andere namen

Frysk:

English: Brown Galingale

Français: Souchet brun

Deutsch: Braunes Zypergras

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Poales

Familie: Cyperaceae (Cypergrassenfamilie)

Geslacht: Cyperus (Cypergras)

Soort: Cyperus fuscus

Naamgeving (Etymologie): Cyperus komt van het Hebreeuwse woord kopher (hars) of van kyperos (een plant met een geurige wortel). De worstelstok van sommige Cyperus planten ruikt namelijk geurig en werd in de parfumerie gebruikt. Maar volgens sommige anderen is Cyperus afgeleid van het Griekse cypeiros, dat op zijn beurt weer is afgeleid van Cypris (Venus), om de geslachtsdrift verwekkende eigenschappen. Fuscus betekent donkerbruin.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Juli, augustus, september en oktober.

Afmeting: 3-35 cm.


Bernd Sauerwein - CC BY-SA 3.0


Radio Tonreg - CC BY 2.0


Andrea Moro - CC BY-SA 3.0


R.F. Stolwijk - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels: De wortels hebben een rode tint.


http://herbariaunited.org


http://herbariaunited.org


http://herbariaunited.org


http://herbariaunited.org

Stengels: De liggende tot min of meer rechtopstaande stengels zijn stomp driekantig. De soort groeit in dichte pollen.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


A.Poirel - CC BY-SA 2.0 FR

Bladeren: De vlakke bladen zijn grasachtig en minder dan 0,5 cm breed.


Daderot - CC0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Bert Lanjouw - CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl

Bloemen: Tweeslachtig. Elke bloem heeft twee meeldraden en een stamper met drie stijlen. De onderste schutbladen steken ver buiten de bloeiwijze. De kafjes zijn zwart tot roodbruin. Ze hebben een groene kiel of zijn zelden helemaal groen.


Christian Fischer - CC BY-SA 3.0


Mike Peel - CC BY-SA 4.0


Krzysztof Ziarnek - GFDL


Fice - CC BY-SA 3.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De zaden zijn scherp driekantig, met de breedste kant naar de aarspil. Eenzaadlobbig.


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, soms licht beschaduwde, warme, open plaatsen (pionier) op vochtige tot natte, matig voedselarme tot matig voedselrijke, kalkrijke, meestal humushoudende grond (zand, leem, klei, soms op veen). Plekken die 's winters onder water staan en 's zomers droogvallen.

Groeiplaatsen: Bron- en kwelgebieden, waterkanten (langs visvijvers, droogvallende oevers van rivieren en rivierarmen, door vee vertrapte oevers van poldersloten en wielen), opgespoten grond, afgravingen (klei-, zand- en grindgroeven), bossen (loofbossen, langs loofbosgreppeltjes en moerasbossen) en droge greppels.

Verspreiding

Wereld: Zuidwest- en Centraal-Azië, Noord-Afrika en Europa. Noordelijk tot in Zuid-Engeland en het zuidelijk Oostzeegebied.


gbif.org

Nederland: Zeldzaam in het rivierengebied en zeer zeldzaam in Zuid-Limburg, Midden-Limburg, in het oosten van het land en in enkele laagveengebieden.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeer zeldzaam. Het meest langs de Maas en de Schelde en in het vijvergebied in Midden-Limburg.
Rode lijst. Zeer zeldzaam. Beschermd.

Wallonië: Zeldzaam in de zuidelijke Ardennen. Elders zeer zeldzaam.
Rode lijst. Ernstig bedreigd. Beschermd.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 14, Jan Kops en F.W. van Eeden (1872)


Flora Batava, deel 14, Jan Kops en F.W. van Eeden (1872)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Deutschlands flora, deel 13, J. Sturm, J.W. Sturm (1828-1830)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Taschenbuch zum Pflanzenbestimmen, Prof. Dr Paul Graebner (1918)


Bilder ur Nordens Flora, deel 3, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


Flora Graeca, deel 1, J. Sibthrop, J.E. Smith (1806)


British entomology, deel 3, J. Curtis (1823-1840)


Flore d’Egypte, A. Raffeneau-Delile, H.J. Redouté (1813)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Flora Parisiensis, deel 8, P. Bulliard (1776-1781)


Atlas des plantes de France, deel 3, Amédée Masclef (1893)


Dictionnaire des sciences naturelles, Plates Botanique, deel 2 (1816-1830)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra