Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Bruin cypergras - Cyperus fuscus

Frysk

English-Brown Galingale

FranÁais-Souchet brun

Deutsch-Braunes Zypergras

Synoniemen

Familie-Cyperaceae (Cypergrassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie)-Cyperus komt van het Hebreeuwse woord kopher (hars) of van kyperos (een plant met een geurige wortel). De worstelstok van sommige Cyperus planten ruikt namelijk geurig en werd in de parfumerie gebruikt. Maar volgens sommige anderen is Cyperus afgeleid van het Griekse cypeiros, dat op zijn beurt weer is afgeleid van Cypris (Venus), om de geslachtsdrift verwekkende eigenschappen. Fuscus betekent donkerbruin.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur-Eenjarig.

Plantvorm-Therofyt.

Hoofdbloei-Juli t/m oktober.

Afmeting-3-20 (-35) cm.


Salicyna - cc by-sa 4.0


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr


Dominique Remaud - tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr


Marie Portas - tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr

Wortels-Geen wortelstok. De wortels hebben een rode tint.


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels-De liggende tot min of meer rechtopstaande stengels zijn stomp driekantig. De soort groeit in dichte pollen.


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


Hugues Tinguy - tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


A.Poirel - tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr

Bladeren-De vlakke bladen zijn grasachtig en minder dan 0,5 cm breed.


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


MichaŽl Martinez - tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr


Jacques Marťchal - tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0

Bloemen-Tweeslachtig. De onderste schutbladen steken ver buiten de bloeiwijze. Bloemen meestal met twee meeldraden en drie stempels. De kafjes zijn meestal zwart of roodbruin. Ze hebben een groene kiel of soms zijn ze helemaal groen.


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


Marie Portas- tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr


Ans Gorter - tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl

Vruchten en zaden-De nootjes zijn scherp driekantig, met de breedste kant naar de aarspil. Eenzaadlobbig.


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Nikolay Panasenko - cc by-nc 4.0


©2006 Digital Plant Atlas - cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

Bodem-Zonnige, soms licht beschaduwde, warme, open plaatsen (pionier) op vochtige tot natte, matig voedselarme tot matig voedselrijke, kalkrijke, meestal humushoudende grond (zand, leem, klei, soms op veen). Plekken die 's winters onder water staan en 's zomers droogvallen.

Groeiplaatsen-Bron- en kwelgebieden, langs visvijvers, droogvallende oevers van rivieren en rivierarmen, door vee vertrapte oevers van poldersloten en wielen, opgespoten grond, klei-, zand- en grindgroeven, loofbossen, langs loofbosgreppeltjes, moerasbossen en droge greppels.

Verspreiding

Wereld-Zuidwest- en Centraal-AziŽ, Noord-Afrika en Europa. Noordelijk tot in Zuid-Engeland en het zuidelijk Oostzeegebied.

Nederland-Inheems. Zeldzaam.

Vlaanderen-Inheems. Zeldzaam.

WalloniŽ-Inheems. Zeer zeldzaam.

©2001-2023 Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nlcc by-nc-sa 3.0 nl