Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Cyperzegge - Carex bohemica

Frysk:

English: Bohemian Sedge

FranÁais: LaÓche souchet

Deutsch: Zypergras-Segge

Synoniemen: Carex cyperoides, Lage cyperzegge

Familie: Cyperaceae (Cypergrassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Zegge stamt uit het Indogermaanse woord seq (snijden). Carex is zeer waarschijnlijk afgeleid van het Latijnse ceiro (ik snij), een verwijzing naar de scherpe kanten van de bladeren. Bohemica verwijst naar Bohemen. De Nederlands naam is een verwijzing naar Cyperus omdat de plant qua bloeiwijze veel weg heeft van Cyperus-soorten.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend of eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt, helofyt of therofyt.

Hoofdbloei: Juni, juli, augustus en september.

Afmeting: 5 tot 40 cm.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Wortels


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


europeana.eu -
CC BY-SA 3.0


europeana.eu -
CC0

Stengels: Polvormend. De driekantige stengels zijn glad.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


A.Poirel - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Bladeren: De lichtgroene, vlakke bladen worden 1-2,5 mm breed. Ze zijn vrij slap en hangen al snel over.


BotBln -
CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Eenslachtig. Eenhuizig. De lange schutbladen kunnen in lengte varieren van 2-15 cm. De geelgroene aartjes groeien dicht opeen in een hoofdjesachtige, bolvormige bloeiwijze, de mannelijke aarjes onderaan en de vrouwelijke bovenaan (met twee stempels).


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De smal lancetvormige urntjes zijn 0,8-1 cm lang. Ze zijn lang gesnaveld. Eenzaadlobbig.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Hugues Tinguy - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen op natte, modderige grond, die in de zomer kan droogvallen.

Groeiplaatsen: Waterkanten en op de bodem van drooggevallen moerassen en vijvers.

Verspreiding

Wereld: In AziŽ en Europa. Westelijk tot in Duitsland. Het meest in Midden-Europa.

Nederland: Niet in Nederland.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam. Voor het laatst gevonden in 1910 bij Hasselt, maar in 2010 werd er enige exemplaren aangetroffen op de bodem van een drooggelegde vijver in Limburg (Bokrijk).
WalloniŽ:
Niet in WalloniŽ.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Cyper-Segge
Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Flora von Deutschland, ÷sterreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomť (1885-1905)


Plantarum indigenarum et exoticarum Icones ad vivum coloratae, deel 5 (1792)


No. 5
Beschreibung und Abbildung der theils bekannten, theils noch nicht beschriebenen Arten von Riedgršsern, C. Schkuhr (1801)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Plantarum minus cognitarum Centuria I-V, deel 4, J.C. Buxbaum (1728-1740)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL