Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Deens lepelblad - Cochlearia danica

Andere namen

Frysk: Deensk leppelblêd

English: Danish scurvygrass

Français: Cochléaire danoise

Deutsch: Dänische Löffelkraut

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Brassicales

Familie: Brassicaceae (Kruisbloemenfamilie)

Geslacht: Cochlearia (Lepelblad)

Soort: Cochlearia danica

Naamgeving (Etymologie): De Nederlandse naam is ontleend aan de vorm van de bladen. Cochlearia komt uit het Latijn (cochlear) en betekent lepel. Danica verwijst naar Denemarken.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Maart, mei en juni.

Afmeting: 5-25 cm.


Molekuel - CC BY 3.0


Strobilomyces - CC BY-SA 3.0


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0


kuleuven-kulak.be

Wortels


http://herbariaunited.org/


http://herbariaunited.org/


http://herbariaunited.org/


http://herbariaunited.org/

Stengels: De geribde stengels zijn donkergroen tot sterk rood aangelopen en al dan niet vertakt. De stengels en de vertakkingen eindigen in bloeiwijzen.


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0


AnRo0002 - CC0


AnRo0002 - CC0


kuleuven-kulak.be

Bladeren: De kiemplant vormt eerst een rozet met lang gesteelde, vlezige bladeren. Dze bladeren hebben een lange steel. Ze zijn rondachtig tot driehoekig-hartvormig met drie tot zeven lobben. De bovenste verspreidstaande bladeren zijn drie- tot vijflobbig met een korte steel. Ze zijn niet stengelomvattend.


John Crellin - CC BY 3.0


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0


kuleuven-kulak.be


kuleuven-kulak.be

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen zijn wit of licht lila en 4-5 mm. De vier kroonbladen zijn in knop roze. De vier afstaande kelkbladen zijn paarsachtig. Elke bloem heeft zes meeldraden, één stijl met één stempel en een bovenstandig vruchtbeginsel.


John Crellin -CC BY 3.0


AnRo0002 - CC0


AnRo0002 - CC0


kuleuven-kulak.be

Vruchten: Een doosvrucht. De 3-6 mm grote hauw is eivormig tot bolvormig. De zaden zitten in twee hokken. Als de zaden rijp zijn gaan de kleppen open . De vliezige tussenschotten blijven dan nog geruime tijd aan de stengels. Tweezaadlobbig.


AnRo0002 - CC0


AnRo0002 - CC0


© Malcolm Storey - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen op droge tot vrij vochtige, matig voedselrijke, iets zilte, vaak kalkhoudende grond (zand, zavel, klei, veen en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Zeeduinen (mosduinvegetaties en de buitenste duinen), kwelders (hoge kwelders, aan de bovenrand van schorren), zeedijken, klippen, zandige en rotsachtige stranden, bermen (wegranden langs 's winters gepekelde autowegen), steenglooiingen, omgewerkte grond in het binnenland, grasland (open plekken in brakwaterveengebieden), langs kustpaden, langs spoorwegen (spoorwegterreinen), industrieterreinen, tussen straatstenen, op vluchtheuvels en steenglooiingen van viaducten.

Verspreiding

Wereld: Langs de kust in West-Europa en in het Oostzeegebied.


gbif.org

Nederland: Vrij algemeen langs de kust en plaatselijk algemeen langs gepekelde (auto)wegen.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Oorspronkelijk inheems.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Vrij algemeen tot vrij zeldzaam in het kustgebied en plaatselijk algemeen langs 's winters gepekelde autowegen.
Rode lijst. Thans niet bedreigd.

Wallonië: Niet in Wallonië.

Wetenswaardigheden

De plant werkt bloedzuiverend en eetlust bevorderend. Deens lepelblad is rijk aan vitamine C.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 10, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1849)


Flora Batava, deel 10, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1849)


Flora Batava, deel 15, Jan Kops en F.W. van Eeden (1877)


Flora Batava, deel 15, Jan Kops en F.W. van Eeden (1877)


The botanical cabinet, deel 15, C. Loddiges (1828)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)
Cochlearia danica var. integrifolia


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 1, J.E. Sowerby (1863)


British entomology, deel 2, J. Curtis (1823-1840)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra