Wilde planten in Nederland en België

Deens lepelblad - Cochlearia danica

Frysk: Deensk leppelblêd

English: Danish scurvygrass

Français: Cochléaire danoise

Deutsch: Dänische Löffelkraut

Synoniemen:

Familie: Brassicaceae (Kruisbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): De Nederlandse naam is ontleend aan de vorm van de bladen. Cochlearia komt uit het Latijn (cochlear) en betekent lepel. Danica verwijst naar Denemarken.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Hoofdbloei: April t/m juni.

Afmeting: 5-25 cm.


Molekuel -
CC BY 3.0


Strobilomyces -
CC BY-SA 3.0


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - CC BY-SA 4.0

Wortels


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: De geribde stengels zijn donkergroen tot sterk rood aangelopen en al dan niet vertakt. De stengels en de vertakkingen eindigen in bloeiwijzen.


Meneerke bloem -
CC BY-SA 3.0


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


AnRo0002 - CC0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk

Bladeren: De kiemplant vormt eerst een rozet met lang gesteelde, vlezige bladen. Dze bladen hebben een lange steel. Ze zijn rondachtig tot driehoekig-hartvormig (een hartvormige voet) met drie tot zeven lobben. De bovenste verspreidstaande bladen zijn drie- tot vijflobbig met meestal een korte steel. Ze zijn niet stengelomvattend.


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


Peter Hegi - CC BY-NC-SA 3.0 NL


gailhampshire - CC BY 2.0


kuleuven-kulak.be/bioweb

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen zijn wit of licht lila. De vier kroonbladen zijn in knop roze en ongeveer 3 mm lang. De vier afstaande kelkbladen zijn paarsachtig. Elke bloem heeft zes meeldraden, één stijl met één stempel en een bovenstandig vruchtbeginsel.


kuleuven-kulak.be/bioweb


AnRo0002 -
CC0


AnRo0002 -
CC0


kuleuven-kulak.be/bioweb

Vruchten: De 3-6 mm grote hauw is eivormig tot bolvormig. De zaden zitten in twee hokken. Als de zaden rijp zijn gaan de kleppen open. De vliezige tussenschotten blijven dan nog geruime tijd aan de stengels. Tweezaadlobbig.


AnRo0002 - CC0


AnRo0002 - CC0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen op droge tot vrij vochtige, matig voedselrijke, iets zilte, vaak kalkhoudende grond (zand, zavel, klei, veen en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Zeeduinen (mosduinvegetaties en de buitenste duinen), kwelders (hoge kwelders, aan de bovenrand van schorren), zeedijken, klippen, zandige en rotsachtige stranden, bermen (wegranden langs 's winters gepekelde autowegen), steenglooiingen, omgewerkte grond in het binnenland, grasland (open plekken in brakwaterveengebieden), langs kustpaden, langs spoorwegen (spoorwegterreinen), industrieterreinen, tussen straatstenen, op vluchtheuvels en steenglooiingen van viaducten.

Verspreiding

Wereld: Langs de kust in West-Europa en in het Oostzeegebied.

Nederland: Vrij algemeen langs de kust en plaatselijk algemeen langs gepekelde (auto)wegen.

Vlaanderen: Vrij algemeen. In het binnenland vooral langs 's winters gepekelde autowegen.
Wallonië
: Vrij zeldzaam. Vooral langs 's winters gepekelde autowegen.

Wetenswaardigheden

De plant werkt bloedzuiverend en eetlust bevorderend. Deens lepelblad is rijk aan vitamine C.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 10, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1849)


Flora Batava, deel 15, Jan Kops en F.W. van Eeden (1877)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 1, J.E. Sowerby (1863)


The botanical cabinet, deel 15, C. Loddiges (1828)


British entomology, deel 2, J. Curtis (1823-1840)

2001-2022 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL