Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Donzige eik - Quercus pubescens

Andere namen

Frysk:

English: Downy oak

FranÁais: ChÍne pubescent

Deutsch: Flaum-Eiche

Verouderde of andere namen: Zachte eik

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Fagales

Familie: Fagaceae (Napjesdragersfamilie)

Geslacht: Quercus (Eik)

Soort: Quercus pubescens

Naamgeving (Etymologie): Quercus komt mogelijk van het keltische quer (fraai) en cuex (boom). Het kan ook van het Griekse karkos of kartos (kracht) afkomstig zijn. omdat de eik als zinnebeeld van kracht werd beschouwd. Pubescens betekent zachtharig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Boom.

Winterknoppen: Fanerofyt.

Bloeimaanden: April en mei.

Afmeting: 3-20 meter.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Gianni Careddu - CC BY-SA 4.0


Giancarlo Dessž - CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Stam: De schors is donkergrijs met fijne diepe groeven.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Gianni Careddu - CC BY-SA 4.0


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Stefanst - CC BY-SA 3.0

Takken: De takken staan af en zijn bij de stam verdikt. Jonge takken zijn bruin en dicht begroeid met zachte, viltige grijze haren. De 4-7 mm grote, stompe knoppen zijn oranjebruin.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Kenraiz - Public Domain


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De 6-10 cm lange bladeren zijn omgekeerd eirond met een breed wigvormige voet. Eerst zijn ze donzig behaard, later worden ze aan de bovenkant kaal (dan zijn ze grijsgroen). Ze zijn gegolfd of gelobd met vier tot acht paar brede afgeronde, naar voren gerichte lobben. De bladsteel is 0,5-1,2 cm lang en dicht zachtharig. Deze valt pas in het volgend voorjaar af.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Kenraiz - Public Domain

Bloemen: De bloemen verschijnen samen met de bladeren. De mannelijke bloemen hangen in dunne, gele katjes omlaag. De vrouwelijke bloemen zijn klein en onopvallend.


Georgi Kunev - CC BY-SA 2.5


Georgi Kunev - CC BY-SA 2.5


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of noot. De 3,5 cm lange eikels zitten in zachtharige, geschubde napjes en zijn al in het eerste jaar rijp (oktober). Het napje bedekt ongeveer de helft van de eikel. Tweezaadlobbig.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Franz Xaver - CC BY-SA 3.0


Roger Culos - CC BY-SA 3.0


Alain Bigou - CC BY-SA 2.0 FR

Wereld: Zuidwest-AziŽ en Zuid- en Midden-Europa. De soort bereikt in WalloniŽ zijn noordgrens.


gbif.org

Nederland: Niet ingeburgerd.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Niet in Vlaanderen.

WalloniŽ: Zeer zeldzaam in het Maasgebied.
Rode lijst. Bedreigd. Beschermd.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Rariorum plantarum historia, deel 1, C. Clusius (1601)

© 2001-2019 K.M. Dijkstra