Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Doorgroeide boerenkers - Noccaea perfoliata

Frysk:

English: Cotswold pennycress

FranÁais: Tabouret perfoliť

Deutsch: Stengelumfassendes Hellerkraut

Synoniemen: Thlaspi perfoliatum, Microthlaspi perfoliatum

Familie: Brassicaceae (Kruisbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Thlaspi stamt waarschijnlijk af van het Griekse thlaein (samendrukken of afplatten). Het slaat op de vorm van het hauwtje. Perfoliatum is afgeleid van de Latijnse woorden per (door) en folium (blad), met bladen, waarbij de steel schijnbaar door het blad is gegroeid.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Hoofdbloei: Maart t/m mei.

Afmeting: 7-25 cm.


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0

Wortels


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: De blauwgroene, ronde stengels zijn kaal.


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


kuleuven-kulak.be/bioweb


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0

Bladeren: De blauwgroene onderste bladen zijn langwerpig en al dan niet gelobd. De stengelbladen worden tot 4 cm lang, hebben een hartvormige voet die de stengel omvat en een vrijwel gave rand, maar soms zijn ze iets getand.


kuleuven-kulak.be/bioweb


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


kuleuven-kulak.be/bioweb

Bloemen: Tweeslachtig. De 2-3 mm lange kroonbladen zijn wit. De helmknoppen zijn geel.


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


jacinta lluch valero - cc by-sa 2.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0

Vruchten en zaden: Het 4-5(-6) mm grote hauwtje is breed hartvormig (zonder de vleugels elliptisch) en heeft een afstaande steel. De vleugels zijn zeer smal bij de voet en bij de top tot ongeveer 1 mm breed (boven de snavel uitkomend). De snavel is 0,1-0,3 mm lang. Hokjes met drie of vier zaden. De zaden zijn glad. Tweezaadlobbig.


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


©2006 Digital Plant Atlas - cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen (pionier) op vochtige tot matig droge, voedselarme, basische, kalkrijke, grazige grond (mergel en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Kalkhellingen, rivierdijken, akkers (kalkrijke graanakkers), braakliggende grond, muren, rotsen (kalkrotsen), langs spoorwegen (spoordijken), wijngaarden, wegranden, bermen, ruderale plaatsen en grasland (open plekken in kalkgrasland).

Verspreiding

Wereld: Midden- en West-AziŽ, Noord-Afrika en Zuid- en Midden-Europa.

Nederland: Inheems. Zeer zeldzaam.

Vlaanderen: Niet ingeburgerd. Zeer zeldzaam.

WalloniŽ: Inheems. Vrij zeldzaam.

Toepassingen

Keuken: De bladen bevatten veel vitamine C en mosterdolie. Soms wordt de plant als keukenkruid gebruikt.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 25, Jan Kops, F.W. van Eeden en L.Vuyck (1920)


Deutschlands flora, deel 15, J. Sturm, J. und J.W. Sturm (1833-1834)


Durchwachsenes Tšschelkraut
Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 1, J.E. Sowerby (1863)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


British entomology, deel 6, J. Curtis (1823-1840)


Hortus Romanus juxta Systema Tournefortianum, deel 4, Giorgio Bonelli (1783-1816)


Flora Parisiensis, deel 8, P. Bulliard (1776-1781)


Flora regni borussici, deel 7, A.G. Dietrich (1839)


Florae Austriaceae, deel 4, N.J. von Jacquin (1776)


Ecphrasis minus cognitarum stirpium, deel 1, F. Colonna (1616)


British phaenogamous botany, deel 3: W. Baxter (1834-1843)

2001-2022 K.M. Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl