|
Wilde planten in Nederland en België |
|
Doornappel - Datura stramonium
Frysk-Stikelbei
English-Jimson Weed
Français-Datura stramoine
Deutsch-Weißer Stechapfel
Synoniemen
Familie-Solanaceae (Nachtschadefamilie)
Naamgeving (Etymologie)-De Nederlandse naam heeft te maken met de vrucht. Deze is stekelig en groot (als een appel). Datura is afgeleid van het Arabische tat (steken), vanwege de stekelige vruchten. Stramonium betekent gedraaid zijn. Dat staat in verband met de in de knop gedraaide bloemkroon.
Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).
Levensduur-Eenjarig.
Plantvorm-Therofyt.
Hoofdbloei-Juni t/m september.
Afmeting-15-100 cm.
|
|
|
|
Wortels
|
|
|
|
Stengels-Een rechtopstaande stengel.
|
|
|
|
Bladeren-Zeer giftig. De gesteelde, stinkende bladen worden 10-20 cm. Ze zijn vrijwel kaal, eirond tot elliptisch, spits en hebben meestal forse tanden (ongelijk bochtig getand).
|
|
|
|
Bloemen-Tweeslachtig. De recht afstaande en alleenstaande, witte, zelden licht paarsachtige bloemen groeien in de bladoksels op korte stelen. Ze worden 5-10 cm. Ze zijn trechtervormig met vijf spitse slippen. De meeldraden blijven binnen de omhulling van de kroonbuis. De kelk is bleekgroen, vrijwel buisvormig en aan vijf kanten geplooid.
|
|
|
|
Vruchten en zaden-De rechtopstaande, stekelige, eivormige doosvruchten worden 3½-7 cm. Ze bevatten grote, platte, giftige zaden. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Tweezaadlobbig.
|
|
|
|
|
Biotoop
Bodem-Zonnige, warme, open plaatsen (pionier) op droge tot vochtige, voedselrijke tot zeer voedselrijke, omgewerkte, vaak kalkhoudende grond (zand, leem, zavel en stenige plaatsen).
Groeiplaatsen-Moestuinen, hakvruchtakkers, duinen, voedselrijke ruigten, hellingen, omgewerkte grond, braakliggende grond, plantsoenen, ruderale plaatsen, zand- en grindstrandjes langs rivieren, stortterreinen en puin- en afvalhopen.
Verspreiding
Wereld-Doornappel komt waarschijnlijk oorspronkelijk uit Noord-Amerika (van Mexico tot Zuidoost-Canada). In 1577 werd de soort vanuit Mexico in Spanje ingevoerd.
Nederland-Ingeburgerd in de 18de eeuw (begin 1700). Vrij algemeen.
Vlaanderen-Ingeburgerd. Algemeen.
Wallonië-Ingeburgerd. Vrij algemeen.
Toepassingen
Cultuur-Doornappel wordt wel gekweekt voor droogboeketten. Cultivars worden in tuinen gekweekt, o.a. een sterk paars aangelopen vorm met licht paarsblauwe bloemkroon (var. tatula).
Giftig-De hele plant is zeer giftig (met hallucinogene alkaloïden). Doornappelzaden werden vroeger wel voor farmaceutische doeleinden ingezameld. Kinderen kregen bij het zoeken van de zaden alleen al van het contact met de plant verwijde pupillen (hetzelfde effect zie je bij Wolfskers). Door Indianen werd de plant wel gebruikt om hallucinaties op te wekken. Een verkeerde dosering kan echter fataal zijn.
Mythe-Een oude mythe vertelt het verhaal van de doornappelboom in het paradijs. Toen de slang Eva had verleid tot het eten van de appel sprak God een vloek over hem uit. De slang kronkelde om de toen nog prachtige doornappelboom en verontreinigde deze. Hierdoor werd de doornappelboom steeds kleiner, totdat het een kleine plant was geworden. De appels draagt hij nog steeds. De stekels verbeelden de tanden van de slang. Volgens overleveringen is de Doornappel een onderdeel van de beroemde heksenvliegzalf. Door hedendaagse heksen wordt de plant niet meer gebruikt, omdat een verkeerde dosering dodelijk kan zijn.
2001-2023 Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl