Wilde planten in Nederland en België

Driedelige waterranonkel - Ranunculus tripartitus

Frysk:

English: Three-lobed water-crowfoot

Français: Renoncule tripartite

Deutsch: Dreiteiliger Wasserhahnenfuß

Synoniemen:

Familie: Ranunculaceae (Ranonkelfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Ranunculus is het verkleinwoord van het Latijnse rana (kikker). Ranonkels groeien vaak in of langs het water en in vochtige weiden, de plek waar veel kikkers voor komen.Tripartitus betekent driedelig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig of overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hydrofyt.

Hoofdbloei: Mei en juni.

Afmeting: 15-50 cm.


Martin Reith - CC BY-SA 3.0


Kim Lotterman - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Sylvain Piry - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Kim Lotterman - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels


Sylvain Piry - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Institut Botanic de Barcelona - CC BY-NC 4.0


Betty van Middelkoop - CC BY-NC-ND 4.0


CC BY 4.0

Bladeren: Ronde, niervormige drijvende bladen (niet altijd aanwezig) met drie ondiep gelobde delen. Ze worden tot 4 cm breed. De ondergedoken bladeren hebben vlakke slippen (tot negentig eindslippen). De steunblaadjes zijn vaak slechts tot halverwege met de bladsteel vergroeid.


Jacques Maréchal - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Jacques Maréchal - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Jacques Maréchal - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Sylvain Piry - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Bloemen: Tweeslachtig. De witte, aan de voet iets geelachtige bloemen worden 0,3-1 cm. De 1,3-4,5 mm lange kroonbladen zijn tot twee keer zo lang als de 1-3 mm grote, blijvende kelkbladen. Deze hebben een blauwe band (ze zijn blauwpaars aangelopen) aan de top, die tijdens de bloei is teruggeslagen. Er zijn één tot tien meeldraden. De bloembodem is bij rijpheid ongeveer net zo lang als breed.


Jacques Maréchal - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Jacques Maréchal - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Betty van Middelkoop - CC BY-NC-ND 4.0


Betty van Middelkoop - CC BY-NC-ND 4.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De vier tot zevenentwintig vruchtjes zijn kaal of soms behaard en met een korte, rechte snavel. Tweezaadlobbig.


Digitale zadenatlas

Giftigheid: Giftig.

Biotoop

Bodem: Zonnige plekken in voedselarm tot matig voedselrijk, ondiep water en op modderige, kalkarme en vegetatiearme plaatsen.

Groeiplaatsen: Water (sloten, tijdelijke poeltjes en afwateringskanalen), waterkanten (venoevers), 's winters overstroomde en 's zomers droogvallende plaatsen, op modderige plaatsen langs wegranden en in karrensporen in veengebieden.

Verspreiding

Wereld: West-Europa, van Noord-Portugal tot in Noord-Duitsland, Denemarken en het zuiden van de Britse eilanden.

Nederland: Twee keer gevonden op Texel (1881 en 1951).

Vlaanderen: Zeer zeldzaam.
Wallonië:
Verdwenen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 1, J.E. Sowerby (1863)


Icones plantarum Galliae rariorum, A.P. de Candolle (1808)


Deutschlands flora, deel 16, J. Sturm, J. en J.W. Sturm (1835-1837)


Ranunculus petiveri
Deutschlands flora, deel 18, J. Sturm, J. en J.W. Sturm (1839-1840)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL