Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Driedistel - Carlina vulgaris

Andere namen

Frysk: Trijestikel

English: Carline thistle

Français: Carline commune

Deutsch: Golddistel

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Asterales

Familie: Asteraceae (Composietenfamilie)

Geslacht: Carlina (Driedistel)

Soort: Carlina vulgaris

Naamgeving (Etymologie): Driedistel heeft zijn naam te danken aan het feit dat er vaak planten voorkomen met drie  bloemhoofdjes. De geslachtsnaam Carlina is volgens de legende ontleend aan Karel de Grote die de geneeskrachtige werking van de plant tegen pest zou ontdekt hebben. In werkelijkheid is hij waarschijnlijk net als de naam Carduus afgeleid van het Latijnse woord voor distel. Vulgaris betekent gewoon.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Tweejarig of meerjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Juli, augustus en september.

Afmeting: 15-45 cm.


Roberta F. - CC BY-SA 3.0


Philipp Weigell - CC BY 3.0


Bernd Haynold - CC BY-SA 2.5


Olivier Pichard - CC BY-SA 3.0

Wortels: Een penwortel. Aan de wortelhals zitten vaak resten van afgestorven rozetbladen.


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0

Stengels: Meestal is er maar één stengel. Deze is grijsachtig groen, spinragachtig behaard en vaak rood aangelopen. De stengel is in de bovenste helft meestal kandelaarachtig vertakt, maar soms ook niet vertakt.


Juandev - CC BY-SA 3.0


Harald Süpfle - CC BY-SA 3.0


Bernd Haynold - CC BY-SA 2.5


Hajotthu - CC BY-SA 3.0

Bladeren: Een deel van de bladeren vormt een rozet. De stengelbladen staan verspreid. Ze zijn langwerpig, eerst spinragachtig behaard, enigszins leerachtig, diep bochtig en iets kroezig getand met scherpe stekels. Ze zijn zittend en halfstengelomvattend. De bovenste bladeren zijn klein.


Isidre blanc - CC BY-SA 4.0


Jan Stubenitzky - CC BY-SA 3.0


Benjamin Zwittnig - CC BY 2.5 si


Jan Stubenitzky - CC BY-SA 3.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen staan met één tot vijf bij elkaar, maar meestal met drie. De bloemhoofdjes zijn geelbruin, 1½-4 cm en zonder lintbloemen, maar wel met veel afstaande, glanzende, strogele, lijnvormige en spitse omwindselbladen. De buitenste zijn bladachtig, dubbel gespleten en lang gestekeld. De bloemhoofdjesbodem draagt stevige, aan de top verbrede haren.


Isidre blanc - CC BY-SA 4.0


Hajotthu - CC BY-SA 3.0


Philipp Weigell - CC BY 3.0


Harald Süpfle - CC BY-SA 3.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De zaden zijn cilindervormig en roestkleurig behaard met een krans van veervormige borstelharen, die aan de voet tot een ring zijn vergroeid. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan één jaar). Tweezaadlobbig


H. Zell - CC BY-SA 3.0


Pierre Andre Leclercq - CC BY-SA 4.0


Kristian Peters - CC BY-SA 3.0


http://dzn.eldoc.ub.rug.nl/

Biotoop

Bodem: Zonnige, vrij open plaatsen op drog tot matig vochtige, voedselarme tot matig voedselrijke, humushoudende en vaak kalkrijke grond (lemige grond, maar ook op op mergel en soms op stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Zeeduinen, (open duingrasland, randen van duinbosjes en vastgelegde helmduinen), kalkhellingen, grasland (kalkgrasland, laagblijvend grasland), bermen, dijken, rivierduinen, lemige heide, afgravingen (leemkuilen), mijnsteenbergen en langs spoorwegen (spoorwegterreinen).

Verspreiding

Wereld: Europa, zuidelijk tot de Pyreneeën en Zuid-Italië, noordelijk tot in Schotland en Zuid-Scandinavië. Ook in West- en Midden-Azië.


gbif.org

Nederland: Plaatselijk algemeen in de Zeeuwse en Hollandse duinen tot op Texel, zeldzaam in Zuid-Limburg en zeer zeldzaam in de rest van Zeeland, in Midden-Limburg en in het midden van het land.
Rode lijst 2012. Bedreigd. Trend sinds 1950: sterk afgenomen. Zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Plaatselijk vrij algemeen in de duinen en zeldzaam in het Maasgebied. Elders zeer zeldzaam.
Rode lijst. Bedreigd.

Wallonië: Vrij zeldzaam in het Maasgebied en Lotharingen (in de zuidelijke Ardennen). Elders zeldzaam tot zeer zeldzaam.

Toepassingen

Keuken: De driedistel wordt wel als alternatief voor de artisjok gebruikt. Ook werd ze als salade gebruikt.

Medicinaal: In het verleden werd de plant als geneesmiddel gebruikt. Samen met Valeriana, in een verhouding van 3:5, werd de plant als afrodisiacum (een middel om de geslachtsdrift te stimuleren) gebruikt.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 5, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1828)


Flora Batava, deel 5, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1828)


Cruijdeboek, deel 4, Rembert Dodoens. Corenen, Legumina, Distelen ende dyerghelijcke (1554)


Cruijdeboek, deel 4, Rembert Dodoens. Corenen, Legumina, Distelen ende dyerghelijcke (1554)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Viridarium reformatorum, deel 1, M.B. Valentini (1719)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Phytanthoza iconographia, deel 2, J.W. Weinmann (1739)


Bilder ur Nordens Flora, deel 1, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


Hortus Eystettensis, deel 2, Bessler, Basilius (1620)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 5, J.E. Sowerby (1866)


Svensk botanik, deel 7, J.W. Palmstruch e.a. (1812)


Flora Parisiensis, deel 8, P. Bulliard (1776-1781)


New Kreüterbuch, L. Fuchs (1543)


New Kreüterbuch, L. Fuchs (1543)


British entomology, deel 2, J. Curtis (1823-1840)


Rariorum plantarum historia, deel 2, C. Clusius (1601)


British entomology, deel 6, J. Curtis (1823-1840)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


La flore et la pomone francaises, deel 4, J.H. Jaume Saint-Hilaire (1831-1833)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra