Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Drienerfmuur - Moehringia trinervia

Andere namen

Frysk: Trijenerfmier

English: Three-nerved sandwort

Français: Moehringie à trois nervures

Deutsch: Dreinervige Nabelmiere

Verouderde of andere namen: Arenaria trinervis

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Caryophyllales

Familie: Caryophyllaceae (Anjerfamilie)

Geslacht: Moehringia (Drienerfmuur)

Soort: Moehringia trinervia

Naamgeving (Etymologie): Moehringia is genoemd naar de Duitse botanicus P. H. G. Moehring (1710-1792). Trinervia betekent drienervig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig, maar soms overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Mei en juni.

Afmeting: 15-30 cm.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Krzysztof Ziarnek - GFDL


https://www.kuleuven-kulak.be

Wortels: Worteldiepte tot 10 cm.


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0

Stengels: De ronde, vrij slappe, liggende of opstijgende stengels zijn rondom behaard. De soort groeit in polletjes.


https://www.kuleuven-kulak.be


https://www.kuleuven-kulak.be


https://www.kuleuven-kulak.be


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De tegenoverstaande eironde tot vrij langwerpige, spitse en behaarde bladeren worden tot 2½ cm lang. Ze hebben drie of vijf parallelle nerven en zijn vaak paars aangelopen. De onderste bladeren zijn gesteeld, naar boven toe worden de stelen steeds korter en zijn soms zelfs zittend. De bladranden zijn gaaf.


James Lindsey - CC BY-SA 3.0


https://www.kuleuven-kulak.be


https://www.kuleuven-kulak.be


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De witte, 4-7 mm grote bloemen staan alleen of met enkele bij elkaar op ranke, behaarde stelen. Ze hebben drie stijlen en vijf niet ingesneden, afgeronde kroonbladen, die korter zijn dan de vijf kelkbladen. De kelkbladen zijn langwerpig en spits en hebben een behaarde rand. Meestal zijn er tien meeldraden in een bloem, maar soms slechts vijf. Er zijn drie stijlen, drie stempels en een bovenstandig vruchtbeginsel.


Fornax - CC BY-SA 3.0


Michael Becker - CC BY-SA 3.0


https://www.kuleuven-kulak.be


https://www.kuleuven-kulak.be

Vruchten: Een doosvrucht. De vrucht springt met zes tanden open. De zwarte, gladde zaden zijn voorzien van een aanhangseltje. Het aanhangseltje aan het zaad (het mierenbroodje) vinden mieren erg lekker. Zij verslepen de zaden en zorgen zo voor verspreiding. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Tweezaadlobbig.


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Halfbeschaduwde plaatsen op droog tot matig vochtig, matig voedselarm tot voedselrijke, humusrijk, zwak zuur tot kalkrijk zand. Op plaatsen met een snelle afbraak van veel plantaardig materiaal door kalk of plotseling veel licht.

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen, droge, voedselrijke bossen), struwelen, zeeduinen (duinstruweel), kapvlakten, op boomstompen, hakhout, houtwallen en waterkanten (langs beken).

Verspreiding

Wereld: Vrijwel heel Europa en in Midden-Azië en Noordwest-Afrika. Ook in Japan.


gbif.org

Nederland: Algemeen in Zuid-Limburg, in het oosten en midden van het land, in het rivierengebied en in de Hollandse en Zeeuwse duinen. Elders zeldzaam.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Oorspronkelijk inheems.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Algemeen in de Leemstreek. Elders vrij algemeen, maar zeldzaam in de Polders en het noordelijke deel van de Kempen.
Rode lijst. Thans niet bedreigd.

Wallonië: Vrij algemeen, maar zeldzaam in de Hoge Ardennen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 6, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1832)


Flora Batava, deel 6, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1832)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 2, J.E. Sowerby (1864)


Flora Londinensis, deel 4, William Curtis (1781-1784)


British entomology, deel 2, J. Curtis (1823-1840)


Flora regni borussici, deel 5, A.G. Dietrich (1837)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra