Wilde planten in Nederland en België

Drijvende waterweegbree - Luronium natans

Frysk: Driuwend kikkertsblêd

English: Floating water plantain

Français: Flûteau nageant

Deutsch: Schwimmendes Froschkraut

Synoniemen: Alisma natans, Elisma natans

Familie: Alismataceae (Waterweegbreefamilie)

Naamgeving (Etymologie): Luronium is een oude plantennaam. Natans betekent drijvend.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hydrofyt.

Hoofdbloei: Mei, juni, juli en augustus.

Afmeting: 10-80 cm.


Marc Chouillou - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Jean-Claude Echardour - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Christian Fischer - CC BY-SA 3.0


© Ton Schoenmaker - verspreidingsatlas.nl

Wortels: Eern zeer dunne wortelstok. Wortelend op de knopen, ook op de knopen van de bloeistengels.


Albert Dees - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Albert Dees - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Liz Morris - CC BY-SA 4.0


herbariaunited.org

Stengels: Met uitlopers, vanuit de basis van het rozet, die soms tot meer dan 1 meter lang kunnen worden. Vaak zijn ze witachtig, maar ze kunnen ook groen of bruinachtig zijn. De stengels zijn geheel ondergedoken of gedeeltelijk drijvend met lange, draadvormige, bebladerde stengels, met bloemen in de knopen.


jaimebraschi - CC BY-NC 4.0


Liz Morris -
CC BY-SA 4.0


Anders Helle -
CC BY 4.0


Auseth - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR

Bladeren: De wortelbladen zijn meestal lijnvormig, zittend, zwevend of enige dragen een langgesteelde, langwerpig-elliptische of ovale bladschijf en drijven. De stengelbladen drijven, zijn klein (1-3 cm), langgesteeld, eirond of elliptisch, stomp en drienervig. Op de knopen van de bloeistengels zie je kransen van drie schutbladen. Eén of twee daarvan hebben in hun oksel een lang gesteelde bloem en in de oksel van het derde schutblad groeien enkele drijvende bladen. Het heeft eerst alleen zittende, lintvormige bladen, die tot enige decimeters lang worden en meestal onder water blijven. Later ontstaan er ook lang gesteelde, enkele cm lange, ronde tot eivormige, plat op het water drijvende bladen.


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Liz Morris - CC BY-SA 4.0


Auseth - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Hugues Tinguy - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen komen boven water (op lange stelen in de bladoksels). Na de bloei kromt de steel naar beneden. De as van de bloeiwijze is zwevend, 1-4 dm lang. De schutbladen van de een- of armbloemige takken zijn bladachtig, meestal langgesteeld, ovaal of rondachtig, aan beide kanten afgerond en drijvend. De 2 cm grote kroon. De bloemen hebben rondachtige, breedvliezig-gerande kelkbladen en brede, rondachtige, tot bijna 1 cm lange, witte kroonbladen met gele nagel, die 4 a 5 maal zo lang zijn als de kelkbladen (de kroon is 2 cm groot). Er zijn zes meeldraden.


Hugues Tinguy - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Jean-Claude Echardour - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Jean-Claude Echardour - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Christian Fischer - CC BY-SA 3.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De vruchten rijpen onder water. Meestal worden er zes tot negen (zelden tot twaalf) vruchtjes per bloem gevormd, soms tot vijftien. Ze zijn stomp en omgekeerd eivormig. Ze hebben een scheve snavel, een stekelpunt en twaalf tot vijftien hoogteribben (strepen) en groeven. Eenzaadlobbig. Ze  staan in een rij en  wijken iets uiteen op een bijna vlakke bloembodem.


Jean-Jacques Houdré - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen in stilstaand of zwak stromend, voedselarm tot matig voedselrijk, zwak zuur tot licht basisch, zwak stromend tot stilstaand water met een bodem van meestal niet of maar weinig humeus zand. Ook op periodiek droogvallende oevers.

Groeiplaatsen: Water (vennen, vijvers, beken, pas gegraven of regelmatig geschoonde poelen en sloten, afwateringskanaaltjes, duinplassen en kanalen).

Verspreiding

Wereld: Voornamelijk in West-Europa.

Nederland: Vrij zeldzaam.

Vlaanderen: Zeldzaam in de Kempen en het Hageland.
Wallonië:
Zeer zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 6, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1832)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 9, J.E. Sowerby (1869)


Les Liliacées, deel 5, P.J. Redouté (1805-1816)


Icones plantarum sponte nascentium in episcopatu Monasteriensi, deel 1, F. Wernekinck (1798)


Flora regni borussici, deel 10, A.G. Dietrich (1842)


Iconographia botanica seu plantae criticae, H.G.L. Reichenbach (1823-1832)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL