Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Dwergrus - Juncus pygmaeus

Andere namen

Frysk: Lytse rusk

English: Pygmy rush

Français: Jonc nain

Deutsch: Zwerg-Binse

Verouderde of andere namen: Juncus mutabilis

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Poales

Familie: Juncaceae (Russenfamilie)

Geslacht: Juncus (Rus)

Soort: Juncus pygmaeus

Naamgeving (Etymologie): Juncus komt van het Latijnse jungere (verbinden), omdat soorten van dit geslacht werden gebruikt als bind- en vlechtmateriaal. Pygmaeus betekent dwergachtig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni, juli, augustus, september.

Afmeting: 2-10 cm.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


© Bert Blok - verspreidingsatlas.nl


Giuliano - CC BY-NC-ND 4.0

Wortels


http://herbariaunited.org/


http://herbariaunited.org/


Bertrant Brui - CC BY-SA 2.0 FR


http://herbariaunited.org/

Stengels: De rechtopstaande tot schuin afstaande stengels zijn lichtgroen of iets rood, weinig vertakt en aan de voet niet verdikt. Meestal groeit de soort in polletjes, maar soms is er maar één stengel.


Marie Portas - CC BY-SA 2.0 FR


Bertrant Brui - CC BY-SA 2.0 FR


Marie Portas - CC BY-SA 2.0 FR


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De bladen zijn zwak gootvormig en door dwarsschotjes (die van buiten nauwelijks zichtbaar zijn) in kamertjes verdeeld. De stengels zijn alleen in de onderste helft van de stengel of vaak alleen maar aan de voet bebladerd.


Bertrant Brui - CC BY-SA 2.0 FR


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. Een bloemscherm met één tot vijf, zelden tot negen, zittende tot langgesteelde hoofdjes met aan de voet enkele schutbladen. Het onderste schutblad is ongeveer even lang als de langste schermtakken. De hoofdjes zijn half-bolrond met rechtopstaande en afstaande, langwerpige tot ruim 0,5 cm lange bloemen. De bloemdekbladen zijn lijnvormig tot langwerpig met een smal vliezig randje en een stompe tot vrij spitse top. De bloemen hebben drie tot zes meeldraden en geen stijl.


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


Giuliano - CC BY-NC-ND 4.0


Marie Portas - CC BY-SA 2.0 FR


© Biopix: JC Schou

Vruchten: Een doosvrucht. Eenzaadlobbig.


herbario.ipe.csic.es


Bertrant Brui - CC BY-SA 2.0 FR


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, warme, open plaatsen (pionier) op natte, voedselarme, met name fosforarme, zwak zure, kalkarme grond (zand en leem). Plekken die een groot deel van het jaar onder water staan, maar in de zomer droogvallen.

Groeiplaatsen: Heide (op droogvallende bodems van vennen en plagplekken), waterkanten (o.a. poelen), zeeduinen (langs duinplassen) en ijsbaantjes.

Verspreiding

Wereld: Het Middellandse-Zeegebied en kustgebieden in West-Europa. Noordelijk tot in Denemarken.


gbif.org

Nederland: Zeer zeldzaam in de duinen op de Waddeneilanden Terschelling en Vlieland en bij Schoorl, in het midden en oosten van land en in Noord-Brabant.
Rode lijst 2012. Bedreigd. Trend sinds 1950: sterk afgenomen. Zeer zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Vroeger zeer zeldzaam in de Kempen. Voor het laatst gevonden in 1860.
Rode lijst. Verdwenen uit Vlaanderen.

Wallonië: Al lang geleden verdwenen.
Rode lijst. Verdwenen uit Wallonië.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 20, Jan Kops en F.W. van Eeden (1898)


Flora Batava, deel 20, Jan Kops en F.W. van Eeden (1898)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Journal of botany, British and foreign, deel 11, B. Seemann, D. Blair (1873)


Das Pflanzenreich, Juncaceae, deel 36, H.G.A. Engler (1906)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra