Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Eironde leeuwenbek - Kickxia spuria

Andere namen

Frysk:

English: Round-leaved fluellen

Français: Linaire bâtarde

Deutsch: Eiblättriges Tännelkraut

Verouderde of andere namen: Linaria spuria, Antirrhinum spurium

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Lamiales

Familie: Plantaginaceae (Weegbreefamilie)

Geslacht: Kickxia (Stoppelleeuwenbek)

Soort: Kickxia spuria

Naamgeving (Etymologie): De geslachtsnaam Kickxia is ontleend aan Jean Kickx (Sr.) (1775-1831), hoogleraar in de biologie, farmacie en mineralogie en/of zijn zoon Jean Kickx (Jr.) (1803-1864). Spuria betekent vals of onecht.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Juni, juli, augustus, september, oktober.

Afmeting: 7-30 cm.

Rasbak - Public Domain


Karelj - CC0


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0

Wortels:


Fornax - Public Domain


http://herbariaunited.org


http://herbariaunited.org


http://herbariaunited.org

Stengels: De uitgespreid op de grond liggende stengels zijn aan de voet vertakt en kleverig behaard.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Karelj - CC0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De verspreidstaande bladeren zijn eirond. De onderste zijn zwak getand, hebben een afgeronde of hartvormige voet en een korte steel.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Karelj - CC0


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen zijn geel met een donkerpaarsige bovenlip. Ze zijn 1-1½ cm en staan op slanke stelen in de bladoksels. De kelkslippen zijn eirond tot langwerpig. De spoor is gekromd. De bloemstelen zijn meestal ruw behaard.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Olivier Pichard - CC BY-SA 3.0


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl

Vruchten: Een doosvrucht met eironde zaden. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Tweezaadlobbig.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen op vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke, kalkrijke grond (rivierklei en soms op mergel).

Groeiplaatsen: Akkers (o.a. stoppelvelden), drooggevallen plaatsen, omgewerkte grond, zelden langs spoorwegen (spoorwegterreinen).

Verspreiding

Wereld: Zuidwest-Azië, Noord-Afrika, op de Azoren en in Zuid-, West- en Midden-Europa. Noordelijk tot in Zuid-Engeland, Nederland en Zuidwest-Polen. Ingeburgerd op een paar plaatsen in Australië en Noord-Amerika.


gbif.org

Nederland: Zeldzaam in het rivierengebied en zeer zeldzaam in Zuid-Limburg en in Zeeland.
Rode lijst 2012. Bedreigd. Trend sinds 1950: sterk afgenomen. Zeldzaam. Al voor 1500 ingevoerd (archeofyt).


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeer zeldzaam.
Rode lijst. Bedreigd.

Wallonië: Zeldzaam in het Maasgebied en in de zuidelijke Ardennen. Elders zeer zeldzaam.
Rode lijst. Bedreigd.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 9, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1846)


Flora Batava, deel 9, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1846)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)


Flora Londinensis, deel 3, William Curtis (1778-1781)


New Kreüterbuch, L. Fuchs (1543)


British entomology, deel 3, J. Curtis (1823-1840)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra