Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Fijn schapengras - Festuca filiformis

Andere namen

Frysk: Fyn skieppegers

English: Fine-leaved sheep's fescue

Français: Fétuque à feuilles ténues

Deutsch: Haar-Schafschwingel

Verouderde of andere namen: Festuca ovina subsp. tenuifolia, Festuca tenuifolia, Fijnbladig schapengras

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Poales

Familie: Poaceae (Grassenfamilie)

Geslacht: Festuca (Zwenkgras)

Soort: Festuca filiformis

Naamgeving (Etymologie): Festuca komt van het keltische fest (weiland). Filiformis betekent draadvormig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni, juli, augustus.

Afmeting: 30-40 cm.


Hans Toetenel - CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


Daderot - CC0


Petr Filippov - CC BY-SA 3.0

Wortels: Geen wortelstokken.


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


http://herbariaunited.org


http://herbariaunited.org

Stengels: Dichte pollen vormend.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


Liliane Roubaudi - CC BY-SA 2.0 FR

Bladeren: De bladeren zijn vaak grijsgroen. De stengelbladen zijn vlak of stijf ingerold. De wortelbladen en de bladeren van niet-bloeiende spruiten zijn stijf ingerold (borstelvormig) en meestal draadvormig. De bladschede is bijna tot onderaan open. Het tongetje is zeer kort. Bladen van niet-bloeiende stengels zijn 0,3-0,4 mm breed met aan de bovenkant één rib.


Ivo Antušek - biolib.cz - Public Domain


Emilien Henry - CC BY-SA 2.0 FR


Rense Haveman - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Franco Fenaroli - CC BY-NC-ND 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. Een samengetrokken, 3-12 cm lange bloempluim met rechtopstaande zijtakken. De aartjes zijn 4-7 mm lang. Het onderste kroonkafje is meestal genaald. Het naaldje wordt hoogstens 0,5 mm lang.

© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Petr Filippov - CC BY-SA 3.0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk

Vruchten: Een graanvrucht. Eenzaadlobbig.


dzn.eldoc.ub.rug.nl


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde, open tot grazige plaatsen op droge, voedselarme, niet bemeste, meestal kalkarme, zure tot vaak zwak zure, licht humeuze tot venige grond (zand, leem, veen, zavel en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Zeeduinen, heide (langs paadjes), grasland (schraal hooiland), bermen, dijken, langs spoorwegen, stuifzand, lanen, bosranden, bossen (lichte loofbossen) en op de bovenrand van krijthellingen die bedekt zijn door lemige, zandige of grindrijke afzettingen.

Verspreiding

Wereld: Voornamelijk in West- en Midden-Europa. Ook in Noord-Amerika en op een aantal andere verspreide plaatsen.


gbif.org

Nederland: Algemeen in het oosten en midden van het land en in de duinen. Elders iets zeldzamer.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Vrij algemeen. Het meest in de Kempen en in de zandstreek ten zuiden van Brugge.
Rode lijst. Thans niet bedreigd.

Wallonië: Plaatselijk vrij algemeen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


An illustrated flora of the northern United States, Canada and the British Possessions, deel 1, N.L. Britton en A. Brown (1913)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra