Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Fijne kervel - Anthriscus caucalis

Frysk: Fyn piipkrŻd

English: Bur chervil

FranÁais: Anthrisque commun

Deutsch: Hunds-Kerbel

Synoniemen: Anthriscus scandicina

Familie: Apiaceae (Schermbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Anthriscus komt uit het Grieks. Bij de Oude Grieken was Anthriskon de naam voor een ons onbekende schermbloem. De naam is op dit geslacht overgegaan en zou samenhangen met antherix (halm). Caucalis is de Griekse naam voor een schermbloem die werd gegeten.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Mei en juni.

Afmeting: 10-80 cm.


Teun Spaans -
CC BY-SA 3.0


Yves Penit -
CC BY-SA 2.0 FR


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Julia Kruse -
CC BY-SA 3.0

Wortels: Een penwortel.


Dean Wm. Taylor -
CC BY 2.0


Andrea Moro -
CC BY-SA 4.0


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: De glanzende stengels zijn niet behaard en vaak wijd vertakt. Aan de voet zijn ze vaak paars aangelopen.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Dominique Remaud -
CC BY-SA 2.0 FR


Krzysztof Ziarnek -
GFDL

Bladeren: De bladeren zijn twee- tot drievoudig geveerd. De deelblaadjes zijn getand of diep ingesneden en zacht behaard aan de onderkant.


Julien Barataud -
CC BY-SA 3.0


Olivier Pichard -
CC BY-SA 3.0


Krzysztof Ziarnek -
GFDL


Dominique Remaud -
CC BY-SA 2.0 FR

Bloemen: Tweeslachtig. De witte, 2 mm grote bloemen vormen samen schermen met twee tot zes stralen die tegenover de bladeren staan. De omwindselblaadjes zijn fijn toegespitst. De bloemsteel draagt onder de vrucht een krans van gekromde haren.


@ Curtis Clark -
CC BY-SA 2.5


Dominique Remaud -
CC BY-SA 2.0 FR


Teun Spaans -
CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een splitvrucht. De eivormige, 3-5 mm grote vruchten dragen haakvormig gekromde haren en hebben een korte snavel. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan ťťn jaar). Tweezaadlobbig.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Henri Scordia -
CC BY-SA 2.0 FR


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige tot half beschaduwde, vaak iets open plaatsen op droge, matig voedselarme tot meestal voedselrijke, stikstofhoudende, kalkrijke (basische), meestal omgewerkte grond (zand en klei).

Groeiplaatsen: Zeeduinen (duinstruweel en open humusrijke plekjes in duinpannen), struwelen, heggen, bossen, grazige dijken, bermen, braakliggende grond, omgewerkte grond, ruderale plaatsen en plantsoenen.

Verspreiding

Wereld: West-, Zuid- en Midden-Europa, Klein AziŽ en Noordwest-Afrika (Atlasgebergte). Ook op een aantal plaatsen in Noord-Amerika.

Nederland: Vrij algemeen in de duinen en zeldzaam in het rivierengebied en op zeeklei (o.a. op Wieringen en in het Gooi). Elders zeer zeldzaam.

Vlaanderen: Vrij algemeen. Het meest nabij de kust. De soort breidt zich uit in het binnenland.
WalloniŽ:
Zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 4, Jan Kops (1822)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Florae Austriaceae, deel 2, N.J. von Jacquin (1774)


Flora regni borussici, deel 9, A.G. Dietrich (1841)


Flora Londinensis, deel 1, William Curtis (1775-1777)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 4, J.E. Sowerby (1865)


Introductio generalis in rem herbariam, deel 4, A.Q. Rivinus (1690-1777)


Ecphrasis minus cognitarum stirpium, deel 1, F. Colonna (1616)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL