Fijn schapengras - Festuca filiformis

Frysk: Fyn skieppegers

English: Fine-leaved sheep's fescue

Français: Fétuque à feuilles ténues

Deutsch: Haar-Schafschwingel

Synoniemen: Festuca ovina subsp. tenuifolia, Festuca tenuifolia, Fijnbladig schapengras

Familie: Poaceae (Grassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Festuca komt van het keltische fest (weiland). Filiformis betekent draadvormig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend

Plantvorm: Gras.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Mei t/m augustus.

Afmeting: 10-40 cm.


Hans Toetenel - cc by-nc-sa 3.0 nl


Gian Di Päll - cc by-nc 4.0


Daderot - cc0


Petr Filippov - cc by-sa 3.0

Wortels: Geen wortelstokken.


Charles Graham - cc by 4.0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - cc by-nc-sa-2.0 uk


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: Dichte pollen vormend.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante - cc by-sa 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante - cc by-sa 4.0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - cc by-nc-sa-2.0 uk


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr

Bladeren: De bladen zijn vaak grijsgroen. De stengelbladen zijn vlak of stijf ingerold. De wortelbladen en de bladeren van niet-bloeiende spruiten zijn stijf ingerold (borstelvormig) en meestal draadvormig. De bladschede is bijna tot onderaan open. Het tongetje is zeer kort. Bladen van niet-bloeiende stengels zijn 0,2-0,4 mm breed, met aan de bovenkant één rib en met vijf vaatbundels.


Ivo Antušek - biolib.cz - Public Domain


Emilien Henry - tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr


Rense Haveman - cc by-nc-sa 3.0 nl


Franco Fenaroli - cc by-nc-nd 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. Een samengetrokken, 3-12 cm lange bloempluim met rechtopstaande zijtakken. De aartjes zijn (3,3-)4,4-5,2(-5,8) mm lang. Het onderste kroonkafje (lemma) is kaal, 2,5-3,4(-4,3) mm lang. Het naaldje wordt hoogstens 0,4 mm lang, maar meestal korter.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante - cc by-sa 4.0


Petr Filippov - cc by-sa 3.0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - cc by-nc-sa-2.0 uk

Vruchten en zaden: Een graanvrucht. Eenzaadlobbig.


Will van Hemessen - cc by-nc 4.0


Yoan Martin - cc by-sa 4.0


Frank van Gessele - cc by-nc-nd 4.0


©2006 Digital Plant Atlas - cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde, open tot grazige plaatsen op droge, voedselarme, niet bemeste, meestal kalkarme, zure tot vaak zwak zure, licht humeuze tot venige grond (zand, leem, veen, zavel en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Zeeduinen, heide (langs paadjes), grasland (schraal hooiland), bermen, dijken, langs spoorwegen, stuifzand, lanen, bosranden, bossen (lichte loofbossen) en op de bovenrand van krijthellingen die bedekt zijn door lemige, zandige of grindrijke afzettingen.

Verspreiding

Wereld: Voornamelijk in West- en Midden-Europa.

Nederland: Inheems. Algemeen.

Vlaanderen: Inheems. Algemeen.

Wallonië: Inheems. Vrij algemeen.

©2001-2022 Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl