Wilde planten in Nederland en België

Gedrongen klaver - Trifolium suffocatum

Frysk:

English: Suffocated Clover

Français: Trefle Etouffe

Deutsch: Schmächtiger Klee

Synoniemen:

Familie: Fabaceae (Vlinderbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Klaver komt mogelijk van een Indogermaanse grondvorm glei (smeren), naar het kleverige vocht van de bloemen. Trifolium komt van het Latijnsche tri (drie) en folium (blad). De bladen zijn drietallig. Suffocatum betekent verstikt.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Hoofdbloei: April t/m juni.

Afmeting: 1-3(-10) cm.


diegocantini -
CC BY-NC 4.0


Barbara L. Wilson -
CC BY-NC 4.0


Len Worthington -
CC BY-SA 2.0


Genevieve Botti - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR

Wortels


Barbara L. Wilson -
CC BY-NC 4.0


Claude Figureau - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR


Museum National d'Histoire Naturelle -
CC BY 4.0

Stengels: Korte stengels, maar soms tot 10 cm lang.


diegocantini -
CC BY-NC 4.0


Barbara L. Wilson -
CC BY-NC 4.0


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR

Bladeren: De lang gesteelde blaadjes zijn kaal. Ze liggen uitgespreid in een kring. De deelblaadjes zijn omgekeerd driehoekig-eirond met een versmalde voet en een afgeknotte of hartvormige toprand. De bladrand is scherp getand, tenminste in het bovenste deel. De steunblaadjes zijn ovaal en toegespitst.


Marie Portas - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR


Hugues Tinguy - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR

Bloemen: Tweeslachtig. De kleine schutbladen zijn lancetvormig. Okselstandige, zittende bloeiwijzen (ronde hoofdjes) met zes tot vijftien bloemen (de stengelleden zijn korter dan de bloeiwijze). De zittende of bijna zittende, geelwitte bloemen zijn 3-4 mm lang en zijn korter dan de niet of nauwelijks behaarde kelk. De 1,6-2,6 mm lange, buisvormige kelk heeft tien nerven. De vijf kelktanden zijn lancetvormig, drie-aderig en 1,7-2,8 mm lang. Ze zijn even lang als de kelkbuis en naar achteren of sikkelvormig gebogen.


Marie Portas - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR


Barbara L. Wilson -
CC BY-NC 4.0


Sipke Gonggrijp -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een doosvrucht. De langwerpige peulen (ze steken niet buiten de kelk uit) zijn 5-6 mm lang en bevatten één of vaak twee zaden. De peul is ingesnoerd tussen de twee zaden. De stijl kun je nog herkennen als een punt op de vrucht. De gele, nier- of lensvormige, ruwe zaden zijn minder dan 1 mm groot. Om zich te verspreiden duwen de zware vruchten de bloeiwijze naar de grond en daar ontkiemen de zaden. Tweezaadlobbig.

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen op droge, humeuze, iets kalkhoudende, zandige grond.

Groeiplaatsen: Grasland, gazons, bermen en campings (nabij de kust).

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit Zuid- en West-Europa.

Nederland: Zeldzaam. Ingeburgerd na 2000.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam. (Nog) niet ingeburgerd.
Wallonië:
Niet in Wallonië.

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL