Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Geelrode naaldaar - Setaria pumila

Andere namen

Frysk: Skiere swartkopraai

English: Yellow bristlegrass

Français: Sétaire glauque

Deutsch: Fuchsrote Borstenhirse

Verouderde of andere namen: Setaria glauca, Zeegroene naaldaar

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Poales

Familie: Poaceae (Grassenfamilie)

Geslacht: Setaria (Naaldaar)

Soort: Setaria pumila

Naamgeving (Etymologie): Setaria is afgeleid van het Latijnse seta (borstel), vanwege de borstels, die de aartjes omgeven. Pumila betekent dwergachtig of laag.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Juli, augustus, september, oktober.

Afmeting: 5-75 cm.


Namazu-tron - CC BY-SA 3.0


Harry Rose - CC BY 2.0


Harry Rose - CC BY 2.0


Namazu-tron - CC BY-SA 3.0

Wortels


Harry Rose - CC BY 2.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


http://herbariaunited.org/


http://herbariaunited.org/

Stengels


Harry Rose - CC BY 2.0


Harry Rose - CC BY 2.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De bladen zijn iets blauwig, Op de voet van het blad groeien lange haren (minstens 0,5 cm). De bladschede is niet gewimperd.


Harry Rose - CC BY 2.0


AnRo0002 - CC0


Harry Rose - CC BY 2.0


Harry Rose - CC BY 2.0

Bloemen: Tweeslachtig. De trosvormige aartjes staan ieder apart op niet vertakte steeltjes. De aartjessteel heeft vijf tot tien roodachtig gele borstels met naar boven gerichte tandjes. De vruchtbare bloem is voor hoogstens 2/3 deel bedekt door het bovenste kelkkafje. De kroonkafjes hebben dwarsrimpeltjes.


AnRo0002 - CC0


AnRo0002 - CC0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Harry Rose - CC BY 2.0

Vruchten: Een graanvrucht. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Eenzaadlobbig.


Stefan.lefnaer -CC BY-SA 4.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl


dzn.eldoc.ub.rug.nl


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, warme, open plaatsen (pionier) op droge, matig voedselrijke, omgewerkte, humusarme, kalkarme tot kalkhoudende grond (zand, leem en kleiachtig).

Groeiplaatsen: Akkers (kalkarme akkers en akkerranden, met name aan de zuidkant van maisakkers), ruderale plaatsen, omgewerkte bermen, industrieterreinen, haventerreinen, stortterreinen, zeeduinen, langs spoorwegen (spoorwegterreinen) en langs de Maas.

Verspreiding

Wereld: Gebieden met een gematigd of vrij warm klimaat in alle werelddelen. In Noordwest-Europa noordelijk tot in Nederland.


gbif.org

Nederland: Vrij algemeen, maar zeldzaam in het noorden van het land en in Flevoland en zeer zeldzaam op de Waddeneilanden.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Ingeburgerd in de 19de eeuw.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Vrij zeldzaam.
Rode lijst. Vrij zeldzaam.

Wallonië: Zeldzaam in Brabant. De soort ontbreekt vrijwel in de Ardennen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Setaria glauca
Flora Batava, deel 16, Jan Kops en F.W. van Eeden (1881)


Setaria glauca
Flora Batava, deel 16, Jan Kops en F.W. van Eeden (1881)


Setaria glauca var. elongata
Distribution méthodique de la famille des Graminées, Plates, K.S. Kunth (1835)


Révision des gramineées [coloured version] (Distribution méthodique de la famille des Graminées, Plates), K.S. Kunth (1829)


Setaria glauca
Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Setaria glauca
Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra