Geelrode naaldaar - Setaria pumila

Frysk: Skiere swartkopraai

English: Yellow bristlegrass

Français: Sétaire glauque

Deutsch: Fuchsrote Borstenhirse

Synoniemen: Setaria glauca, Zeegroene naaldaar

Familie: Poaceae (Grassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Setaria is afgeleid van het Latijnse seta (borstel), vanwege de borstels, die de aartjes omgeven. Pumila betekent dwergachtig of laag.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Gras.

Winterknoppen: Therofyt.

Hoofdbloei: Juli t/m november.

Afmeting: 5-75 cm.


Namazu-tron - cc by-sa 3.0


Harry Rose - cc by 2.0


Harry Rose - cc by 2.0


Namazu-tron - cc by-sa 3.0

Wortels


Harry Rose - cc by 2.0


Neuchâtel Herbarium - cc by-sa 3.0


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels


Harry Rose - cc by 2.0


Harry Rose - cc by 2.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante - cc by-sa 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante - cc by-sa 4.0

Bladeren: De bladen zijn iets blauwig, Op de voet van het blad groeien lange haren (minstens 0,5 cm). De bladschede is niet gewimperd.


Harry Rose - cc by 2.0


AnRo0002 - cc0


Harry Rose - cc by 2.0


Harry Rose - cc by 2.0

Bloemen: Tweeslachtig. De trosvormige aartjes staan ieder apart op niet vertakte steeltjes. De aartjes zijn 1,5-2 mm breed. De aartjessteel heeft vijf tot tien roodachtig gele borstels met naar boven gerichte tandjes. De vruchtbare bloem is voor hoogstens 2/3 deel bedekt door het bovenste kelkkafje. De kroonkafjes hebben dwarsrimpeltjes. Het bovenste kelkkafje is ongeveer even groot als het onderste. De vijf tot tien borstels onder de aartjes zijn eerst geel, maar worden later rood-oranje.


AnRo0002 - cc0


AnRo0002 - cc0


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Harry Rose - cc by 2.0

Vruchten en zaden: Een graanvrucht. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Eenzaadlobbig.


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Florent Beck - tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr


Yves Antoinette-font  - tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr


©2006 Digital Plant Atlas - cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, warme, open plaatsen (pionier) op droge, matig voedselrijke, omgewerkte, humusarme, kalkarme tot kalkhoudende grond (zand, leem en kleiachtig).

Groeiplaatsen: Akkers (kalkarme akkers en akkerranden, met name aan de zuidkant van maisakkers), tussen plaveisel, ruderale plaatsen, omgewerkte bermen, plantsoenen, industrieterreinen, haventerreinen, stortterreinen, zeeduinen, langs spoorwegen (spoorwegterreinen) en langs de Maas.

Verspreiding

Wereld: Gebieden met een gematigd of vrij warm klimaat in alle werelddelen.

Nederland: Ingeburgerd in de 19de eeuw. Algemeen.

Vlaanderen: Ingeburgerd. Vrij algemeen.

Wallonië: Ingeburgerd. Zeldzaam.

©2001-2022 Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl