Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Gegroefde veldsla - Valerianella carinata

Andere namen

Frysk:

English: Keeled-fruited Cornsalad

Français: Mâche carénée

Deutsch: Gekielter Feldsalat

Verouderde of andere namen: Valerianella locusta f. carinata

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Dipsacales

Familie: Caprifoliaceae (Kamperfoeliefamilie)

Geslacht: Valerianella (Veldsla)

Soort: Valerianella carinata

Naamgeving (Etymologie): Valerianella is het verkleinwoord van Valeriana (dus kleine valeriaan). Carinata betekent gekield.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: April en mei.

Afmeting: 7-15 cm.


Hans Toetenel - CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Wortels: Worteldiepte tot 10 cm.


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0

Stengels: De stengels zijn meestal kort. De plant heeft een gedrongen bouw en is vaak meer breed dan hoog.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De onderste bladen zijn spatelvormig, de bovenste langwerpig tot lijnvormig. Ze zijn stomp en hebben een gave rand of zijn iets getand.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Florent Beck - CC BY-SA 2.0 FR


Florent Beck - CC BY-SA 2.0 FR

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen zijn lichtblauw tot lila.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De langwerpige vruchten hebben drie hoogtegroeven op de grens van de hokken. Het vruchtbare hokje staat dwars (de rug is niet kurkachtig verdikt) en loopt uit in een knobbel (de vruchtkelk), de twee onvruchtbare hokjes zijn bijna even groot als het vruchtbare hokje. Ze wijken naar buiten toe uit elkaar en zijn gescheiden door een diepe hoogtegroef. De zaden zijn kortlevend (één tot vijf jaar). Tweezaadlobbig.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Koen van Zoest - verspreidingsatlas.nl


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, warme, open plaatsen (pionier) op matig voedselarme, neutrale tot kalkhoudende grond (zand en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Akkers, moestuinen, muren, rotsen, zeeduinen (zuidhellingen), rivierdijken, grasland (open plekken in droog, neutraal grasland) en begraafplaatsen.

Verspreiding

Wereld: Zuidwest-Azië, Noord-Afrika en Zuid-, Midden- en West-Europa. Noordelijk tot in Nederland en Engeland. Ingeburgerd in het westen van de Verenigde Staten.


gbif.org

Nederland: Zeer zeldzaam, o.a. in de Kennemerduinen en langs de Waal bij Druten en Boven-Leeuwen.
Rode lijst 2012. Kwetsbaar. Trend sinds 1950:matig afgenomen. Zeldzaam. Al voor 1500 ingevoerd (archeofyt).


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeer zeldzaam.
Rode lijst. Bedreigd.

Wallonië: Zeldzaam tot zeer zeldzaam in het Maasgebied en in Lotharingen (de zuidelijke Ardennen).
Rode lijst. Kwetsbaar.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 4, J.E. Sowerby (1865)


British phaenogamous botany, deel 6: W. Baxter (1834-1843)


Iconographia botanica seu plantae criticae, H.G.L. Reichenbach (1823-1832)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra