Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Gekield sterrenkroos - Callitriche cophocarpa

Andere namen

Frysk:

English:

Français: Callitriche à fruits obtus

Deutsch: Stumpfkantiger Wasserstern

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Lamiales

Familie: Plantaginaceae (Weegbreefamilie)

Geslacht: Callitriche (Sterrenkroos)

Soort: Callitriche cophocarpa

Naamgeving (Etymologie): Sterrenkroos houdt verband met de bladrozetjes die in het water op een sterk lijken. Callitriche is afgeleid van het Griekse kallos (schoonheid) en thrix (haar). Een plant waarmee men het haar verfde. Cophocarpa betekent met kleine vruchten.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hydrofyt.

Bloeimaanden: April, mei, juni, augustus, september.

Afmeting: 5-30 cm.


Panek - GFDL


Jan Prancl - CC BY 3.0


Kristian Peters - CC BY-SA 3.0


Luca Tosetto - CC BY-NC-ND 4.0

Wortels


europeana.eu - CC BY-SA 3.0


europeana.eu - CC BY-SA 3.0


europeana.eu - CC BY-SA 3.0


europeana.eu - CC BY-SA 3.0

Stengels:


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Luca Tosetto - CC BY-NC-ND 4.0


Luca Tosetto - CC BY-NC-ND 4.0

Bladeren: In ondiep water worden er bladrozetten gevormd van ongeveer twintig blaadjes. Ze zijn vrij smal spatelvormig en vaak iets ruitvormig (langwerpig tot eirond).


Jan Prancl - CC BY 3.0


Luca Tosetto - CC BY-NC-ND 4.0


Luca Tosetto - CC BY-NC-ND 4.0


Luca Tosetto - CC BY-NC-ND 4.0

Bloemen: Eenslachtig. Eenhuizig. Bloemen met relatief grote schutbladen. De stijlen wijken uiteen en staan min of meer rechtop. Meestal zijn ze tot in het vruchtstadium aanwezig.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Luca Tosetto - CC BY-NC-ND 4.0


Luca Tosetto - CC BY-NC-ND 4.0

Vruchten: Een splitvrucht. De deelvruchtjes zijn kleiner dan bij de meeste andere soorten sterrenkroos. Ze zijn 0,8-1,2 mm. Vanaf de zijkant zijn ze vrijwel rond of iets meer hoog dan breed. Ze zijn door vrij ondiepe groeven van elkaar gescheiden. Op de rug zijn ze niet gevleugeld, maar wel zwak gekield. Tweezaadlobbig.


Kristian Peters - CC BY-SA 3.0


Kristian Peters - CC BY-SA 3.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen in langzaam stromend, ondiep, matig voedselarm tot voedselrijk, kalkhoudend water met een laagveenbodem.

Groeiplaatsen: Water (beken en sloten in het mondingsgebied van rivieren).

Verspreiding

Wereld: Noord- en Midden-Europa. Oostelijk tot in Midden-Siberië.


gbif.org

Nederland: Vroeger bij Dordrecht, Kampen en Meppel. Voor het laatst gevonden in 1930.
Rode lijst 2012. Verdwenen uit Nederland. Trend sinds 1950: maximaal afgenomen. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Niet in Vlaanderen.

Wallonië: Niet in Wallonië.

© 2001-2018 K.M. Dijkstra