Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Gelderse roos - Viburnum opulus

Andere namen

Frysk: Krúshoutbeam

English: Guelder Rose

Français: Viorne Obier

Deutsch: Gemeiner Schneeball

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Dipsacales

Familie: Adoxaceae (Muskuskruidfamilie)

Geslacht: Viburnum (Sneeuwbal)

Soort: Viburnum opulus

Naamgeving (Etymologie): Viburnum komt van het Latijnse viere (buigen of vlechten) of vibro (zwaaien of trillen), vanwege de buigzame takken. Opulus is afgeleid van opalus, de oude Latijnse naam voor de esdoorn en werd aan deze plant gegeven vanwege de gelijkenis van de bladeren.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Struik.

Winterknoppen: Fanerofyt.

Bloeimaanden: Juni.

Afmeting: 1½-3 m.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels: Een weinig diepgaand wortelstelsel.

Stam: De schors is bruin en met verticaal lopende spleten.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


R. A. Nonenmacher -
CC BY-SA 4.0

Takken: De takken zijn kaal en grijsachtig. Jonge takken hebben stompe kanten. De knoppen zijn geschubd.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bladeren: De tegenoverstaande, tot 12 cm grote bladeren zijn rondachtig met drie tot vijf lobben. Van onderen zijn ze behaard, van boven kaal. De bladlobben zijn onregelmatig getand. De bladsteel heeft een aantal halvemaanvormige aanhangseltjes en vlak boven de voet enige draadvormige aanhangseltjes.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. De witte bloemen vormen samen brede, schermvormige pluimen van 5-10 cm. Er zijn twee soorten bloemen. De binnenste 4-7 mm grote bloemen zijn vruchtbaar en deze worden omgeven door enkele rijen 1-2 cm grote, onvruchtbare bloemen. De grote randbloemen trekken insecten aan. Bloemen met vijf kroonbladen en vijf kelktanden en het vruchtbeginsel is halfonderstandig.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Bff -
CC BY-SA 3.0


AnRo0002 -
CC0

Vruchten: Een steenvrucht. De rode bolvormige (giftige) bessen zijn 0,8-1 cm. De platte zaden zijn zeer kortlevend (korter dan één jaar). Tweezaadlobbig.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op vochtige tot natte, matig voedselrijke tot voedselrijke, zwak zure tot licht basische, kalkhoudende, humeuze grond (zand, leem, lemig zand en zandige klei) met een goed verterende strooisellaag.

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen, kwelplekken in bronbossen, natte bossen, moerasbossen en beekbossen), bosranden, struwelen, heggen, beschaduwde waterkanten en zeeduinen.

Verspreiding

Wereld: Gematigde streken in Europa en Azië. In Noord-Amerika groeit een nauw verwante (onder)soort.


gbif.org

Nederland: Vrij algemeen, maar zeldzaam in laagveengebieden en zeer zeldzaam in Zeeland en het noordelijk zeekleigebied.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Algemeen, maar zeldzaam in de Polders.
Rode lijst. Thans niet bedreigd.

Wallonië: Vrij algemeen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 6, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1832)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Deutschlands flora, deel 7, J. Sturm, J.W. Sturm (1808-1809)


Unsere Waldbäume, Sträucher und Zwergholzgewächse, L. Klein (1910)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Svensk botanik, deel 5, J.W. Palmstruch e.a. (1807)


Bilder ur Nordens Flora, deel 1, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


Vollständige Beschreibung und Abbildung der Sämmtlichen Holzarten, F.L. Krebs (1826)


Botanischer Bilderatlas nach De Candolle's Natürlichem Pflanzensystem, Carl Hoffmann (1884)


Botanischer Bilderatlas nach dem natürlichem Pflanzensystem, K. Hoffmann, E. Dennert (1911)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 4, J.E. Sowerby (1865)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


British entomology, deel 2, J. Curtis (1823-1840)


A guide to the trees, A. Lounsberry, A. Rowan (1900)


Botanische wandplaten


Botanische wandtafeln, A. Peter (1901)


Traité des arbrisseaux et des arbustes cultivés en France, J.H. Jaume Saint-Hilaire (1825)


Traité des arbres et arbustes, Nouvelle édition, deel 2, H.L. Duhamel du Monceau, P.J. Redouté (1804)


Hortus Eystettensis, deel 1, Bessler, Basilius (1620)


Sambucus aquatica
Plantarum seu stirpium icones, deel 2, M. de Lobel (1581)


Album de la flora médico-farmacéutica industrial, indigena y exotica, deel 2, V. Martin de Argenta (1863)


Water-color sketches of American plants, especially New England, Helen Sharp (1888-1910)


Grandes Heures Anne de Bretagne, Jean (Jehan) Bourdichon (1503-1508)

© 2001-2019 K.M. Dijkstra