Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Gele plomp - Nuphar lutea

Andere namen

Frysk: Giele plomp

English: Yellow water-lily

Français: Nénuphar jaune

Deutsch: Gelbe Teichrose

Verouderde of andere namen: Nuphar luteum

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: *

Familie: Nymphaeaceae (Waterleliefamilie)

Geslacht: Nuphar (Gele plomp)

Soort: Nuphar lutea

* Het APG II-systeem (2003) erkent deze familie, maar plaatst deze niet in een orde, al wijst ze er wel op dat de naam Nymphaeales beschikbaar is voor een dergelijke orde. De familie wordt zelfs helemaal niet geplaatst behalve een toewijzing tot een van de basale afstammingslijnen in de clade Bedektzadigen (angiosperms). Bron: wikipedia.

Naamgeving (Etymologie): Nuphar is waarschijnlijk ontstaan uit nympharion en het verkleinwoord daarvan is nymphe. De bloemen en bladen zijn namelijk kleiner dan die van Nymphaea alba (Witte waterlelie). Lutea betekent geel.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hydrofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni, juli, augustus.

Afmeting: 60-200 cm.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels: Dikke, vertakte wortelstokken. Waterdiepte: maximaal drie meter.

Stengels: De blad- en bloemstelen zijn stomp driekantig met vrij nauwe, onderling even grote luchtkanalen.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


AnRo0002 - CC0


Enrico Blasutto - CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De ondergedoken bladeren zijn doorschijnend lichtgroen en gegolfd. Drijvende bladeren zijn 10-30 cm, eirond en hebben een iets toegespitste top. Van boven zijn ze glanzend donkergroen. Ze hebben een hartvormige voet en meestal een gave rand. Ze  zijn vlakker dan die van Witte waterlelie. De zijnerven in de bovenste helft van het blad zijn vrijwel recht en evenwijdig, aan de rand zijn ze niet met elkaar verbonden. Alle zijnerven zijn aan de top enkele malen gegaffeld.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Lamiot- CC BY-SA 4.0


Rosser1954 - Public Domain

Bloemen: Tweeslachtig. De gesteelde, 3-6 cm grote, gele bloemen komen ongeveer gelijktijdig met de bladeren boven water (zo'n 10 cm boven het wateroppervlak). Ze hebben vijf of soms zes gele kelkbladen, die elkaar overlappen. Ze vormen een kom om de rest van de bloem. De zeven tot vierentwintig kroonbladen zijn geel, spatelvormig en kleiner dan de kelkbladen. Er zijn veel meeldraden. Het vruchtbeginsel is bovenstandig, sterk geplooid en met een brede, gaafrandige stempelschijf met tien tot twintig stempelstralen (meerdere takken) die de rand niet bereiken.


© Nevit Dilmen - CC BY-SA 3.0


Randi Hausken - CC BY-SA 2.0


Oren Rozen - CC BY-SA 3.0


H. Zell - CC BY-SA 3.0

Vruchten: Een bes. De flesvormige vruchten drijven op het water. en bevatten veel zaden  De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan één jaar). Tweezaadlobbig.


AnRo0002 - CC0


Juandev - CC BY-SA 3.0


Kristian Peters - CC BY-SA 3.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen in vrij ondiep tot matig diep, stilstaand tot zwak stromend, matig voedselrijk tot voedselrijk, neutraal tot kalkhoudend, zoet tot zwak brak water met een modderbodem.

Groeiplaatsen: Water (langzaam stromende beken en rivieren, kanalen, diepe brede sloten, grachten, meren, vijvers, afgesneden rivierarmen, laagveenplassen en doorbraakkolken).

Verspreiding

Wereld: In bijna heel Europa, oostelijk tot in Midden-Siberië en in Noord-Amerika. Ook hier en daar in Zuidwest-Azië en Noordwest-Afrika.


gbif.org

Nederland: Algemeen in laagveengebieden, het rivierengebied en in het noordoosten, elders vrij zeldzaam, zeer zeldzaam in Zeeland, op de Waddeneilanden en in Zuid-Limburg.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Vrij algemeen in de Kempen, de Zand- en Zandleemstreek en de Maasvallei. Zeer zeldzaam in de Polders en de Leemstreek..
Rode lijst. Thans niet bedreigd.

Wallonië: Vrij zeldzaam, maar zeer zeldzaam in de Ardennen. Het meest in de riviervalleien.
Rode lijst. Kwetsbaar.
Beschermd.

Wetenswaardigheden

De vrucht is fles- of kanvormig, vandaar de volksnamen Koffiekan en Waterkruik. Bij de Germanen was de Gele plomp een waternimf, die iedere keer dat een vreemdeling passeerde van geslacht veranderde. Onder de bladeren school een ondeugende of kwaadaardige geest die wraak nam op wie de bloem plukte. De gele plomp werd als symbool voor kuisheid beschouwd. De wortelstok, in teer gedoopt, werd vroeger gebruikt bij kaalheid en voor het genezen van beten van dolle honden.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 1, Jan Kops (1800)


Flora Batava, deel 1, Jan Kops (1800)


Cruijdeboek, deel 2, Rembert Dodoens. Bloemen, welrieckende cruyden, saden, ende dyer ghelijcken (1554)


Cruijdeboek, deel 2, Rembert Dodoens. Bloemen, welrieckende cruyden, saden, ende dyer ghelijcken (1554)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Deutschlands flora, deel 8, J. Sturm, J.W. Sturm (1810-1812)


Bilder ur Nordens Flora, deel 1, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Botanischer Bilderatlas nach De Candolle's Natürlichem Pflanzensystem, Carl Hoffmann (1884)


Botanischer Bilderatlas nach dem natürlichem Pflanzensystem, K. Hoffmann, E. Dennert (1911)


Botanical Magazine, deel 18 S.T. Edwards (1803)


Botanical Magazine, deel 146 M. Smith (1920)


Phytanthoza iconographia, deel 3, J.W. Weinmann (1742)


Hortus Eystettensis, deel 1, Bessler, Basilius (1620)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 1, J.E. Sowerby (1863)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 1, J.E. Sowerby (1863)


Flora Parisiensis, deel 5, P. Bulliard (1776-1781)


New Kreüterbuch, L. Fuchs (1543)


New Kreüterbuch, P.A. Mattioli (1563)


Herbarium Blackwellianum, deel 5, E. Blackwell (1765)


British entomology, deel 6, J. Curtis (1823-1840)


Flora regni borussici, deel 11, A.G. Dietrich (1843)


Atlas des plantes de France, deel 2, Amédée Masclef (1890)


British phaenogamous botany, deel 4: W. Baxter (1834-1843)


Repräsentanten einheimischer Pflanzenfamilien, Hermann Zippel und Carl Bollmann (1879-1882)


Botanische wandtafeln, A. Peter (1901)


Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)


Rariorum plantarum historia, deel 2, C. Clusius (1601)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra